AARDRIJKSKUNDIG WOORDENBOEK

DER NEDERLANDEN,

Abraham Jacob Aa

ui

Digitized by Google

YOOBUANDEN BIJ DE BOEK II Al* DEL A BE!*

KEMINK en ZOON te Utrecht.

PROSPECTUS

EENER

BELANGRIJKE PRIJS VERMINDERING

VAN I1ET

AARDRIMU1I6 WOORDENBOEK DER MOERLANDEN,

miou

A. J. VAN DER AA.

Compleet in 13 lijvige groot-octavo boekdeelen, a

Het AABDBMKBKUNDIO WOORDENBOEK DEB NE*

deblakden, door A. J. van oer Aa, is te algemeen en te gunstig bekend, dan dat het niet overbodig zou wezen, zijne veelvuldige verdiensten hier breed uiteen te zetten. Met weérgaloozo vlijt en naauwkeurigheid bijeen gebracht, beval het in 43 lijvige boekdeelen niet alleen alles, wat den Vadcrlandschen bodem betreft, maar strekt zich ook uit tot al de Nederlandsche Bezittingen in andere Werelddeelen, en behandelt daarvan zoowel het geringste als het merkwaar- digste. Verlangt men breed uitgewerkte beschrijvingen van land, gewest, beemd of oord ; wil men den loop van stroom,

Digitized by Google

PROSPECTUS.

rivier, beek of vaart weten ; begeert men inlichting omtrent burgerlijke of kerkelijke gemeenten, stad, dorp, gehucht of buurt; wenscht men de merkwaardige gebouwen, gedenk- teekens, kerken, kloosters, kasteden, landgoederen enz., te loeren kennen; heeft men belang bij de keunis van water- schappen, polders, sluizen, dijken; vraagt men niet enkel naar de locale beschrijving, maar ook naar de geschiedenis der plaats en naar de merkwaardige mannen, die zij voort- bracht, naar haren handel, fabrijken en trafijken dat alles en nog veel meer is in dit Werk voorhanden. Inderdaad, zoo ooit eenig Werk van dezen aard op volledigheid mogt bogen, 'tis gewis dit Woordenboek, dat op elke blad- zijde getuigenis geeft van de naauwlettcnde zorg, met welke het is bearbeid, en waarin men allerwege, zoowel in het typo- graphische als in het historische gedeelle, verrast wordt door hoogst belangrijke bijdragen van vele Vaderlandsche geleer- den, onder wier medewerking de Schrijver zijne reuzentaak aanving, voortzette en voltooide. In dit alphabetisch Tafe- reel spiegelt zich de tegenwoordige en ook de voormalige toestand van Nederland en zijne Koloniën getrouwelijk af, en iedereen, van wat aard zijn werkkring ook moge wezen, kan hier zijn' wcetlust dienaangaande bevredigen; want wat de Schrijver zelf in zijn berigt van Inteekening zeidc, is ten volle waar: »Ecn Werk als dit Woordenboek moet zonder •twijfel voor alle standen der maatschawij van onmisken- •baar nut zijn: de iinndei««r (en industrieel) vindt daarin, •waar fabrijken van deze of gene stof gevestigd zijn, of waar »dc handels-artikelen, die ons Vaderland oplevert, weligst •voorkomen; do KrUgsman, welke plaatsen van eenig krijgs- •kundig belang zijn en welke middelen ter veredeling van •kennis en aanleg deze of die plaats zijner bestemming hem

Digitized by Google

PROSPECTUS.

•aanbiedt; de BeUiger, die, hetzij bcroepswege of vermaaks- •halve, Nederland bezoekt, weet daaruit dadelijk, welke be- ■zienswaardige bijzonderheden de onderscheidene, door hem ■bezocht wordende, plaatsen bevatten. Maar vooral voor den •Onder* u««r moet zulk een Werk van onschatbare waarde •zijn, daar hij zich hierdoor in staal gesteld ziet, om den •weetlust zijner leerlingen, zelfs omtrent min bekende plaat- »sen, te voldoen, en hen met al het merkwaardige van hun- nen geboortegrond, tot in de minste bijzonderheid toe, be- ■kend te maken."

Groot was de bijval, dien dit Aardrijkskundig Woorden- boek mogt verwerven; en toen de Schrijver, nu 4 jaren gele- den, de laatste hand aan dezen zijn' arbeid leide, wenschten alle letterkundigen, alle beminnaars van 't Vaderland, hem geluk met de volvoering eener taak, waardoor hij een duur- zaam monument voor zijnen naam had opgerigt. Dan, hoe vele en velerlei verdiensten het Werk ook bezitten mogt, het miste tot hiertoe één vereischte, en wel een zoo belangrijk vereischte, dat daardoor het nut des veeljarigen arboids, voor een goed gedeelte van 't letterlievend Publiek, dat niet in de voordeden der Uitgave bij Afleveringen had kunnen dec- lcn, verloren ging: wij bedoelen de GOEDKOOPHEID. Immers de dertien deelen kostten zamen niet minder dan f\ 42,35, een' prijs, die, hoewel betrekkelijk niet te hoog, gewis slechts door weinigen op eens voor een Boekwerk kan besteed worden. Eene bijzondere omstandigheid heeft nu dit bezwaar opgeheven. De oorspronkelijke Uitgever besloot, het bedrijvige leven vaarwel te zeggen; hij verkocht zijne fonds-artikelen, en daardoor werd de Ondergeteekende eige- naar van vasder AA's Woordenboek, hetwelk hij thans tot eenen verbazend geringen prijs kan leveren. Men oordeele:

Digitized by Google

VOORWAARDEN.

Van der A A's AARDRIJKSKUNDIG WOORDENBOEK beslaat ll,40© bladzijden, of wel 918 vellen druks, uitma- kende ia luvige Boekdeeien, waarvan de prijs buiten de ban- den f 142,35 was, en wordt thans, zoo tang de geringe voorraad strekt, met inbegrip der banden, tegen den ongekend lagen prijs vanf 26,00 afgeleverd, zoodat het vel druks van 16 bladzijden, na aftrek der banden, op niet meer dan 3 Cents te staan komt, een prijs, waarvoor men lot heden wel nimmer emig klassiek werk heeft gekocht.

De tegenwoordige Eigenaar van dit Woordenboek meent den kunstsmaak zijner Landgcnoolen te wel te kennen, dan dat hij niet de overtuiging zou koesteren, dat men deze ge- legenheid, om zich voor eenen spotprijs in 't bezit van een zoo veelomvattend en onmisbaar Werk te stellen, met gre- tigheid zal waarnemen, en onthoudt zich deswegen van alle verdere aanbeveling.

GOUDA, 1805.

G. B. van GOOR.

Uigitize

d by Google

Digitized by Google

Digitized by Google

AARDRIJKSKUNDIG

I

DER

Digitized by Google

en xo ik hier inne yet gemist mocbtc hebben , het welke juist zo net in *t lid niet getroffen is , moogt nüj 't zelve ten besten houden , ik heb *t gedaan na de outste memoden en gedenkenis- sen , die ik heb konnen bekomen en vinden.

J. A. IiEegh-water , Chronykje tan Graft en de Ryp. BI. 48.

)igitized by Google

-> cc

7

AAK f) li M KN K l'TS' 1>1 <>

V -yy Q OsïsU~IÏ H li © IB if£ )

y E 1> K K li A >' l> K >'.

V

AA

li V KEN S Eli RA G T

!><> OH

onder medewerking- van eenip? Vaderlandsehe (»flerrtlen.

A.

JAC' O B 1\S >T O OKU V VN

] h :JU

Google

Digitized by Google

HUNNE KONINKLIJKE HOOGHEDEN

WILLEM ALEXANDER PAUL F RED ERIK LODEWIJK , ERFPRINS Yin ORANJE

WILLEM ALEXANDER FREDERIK CONSTANTUN

NICOLAAS MICHAEL

WILLEM FREDERIK HENDRIK, PRIflSBS OER HDERLiNDES.

KONINKLIJKE PRINSEN!

Naar welke zijde de Nederlander in aijn gezegend Vaderland zijne blikken keert, oreral ontmoet hij plaatsen, die hem aan het . heldengeslacht doen denken, waaruit Uwe Koninklijke Hoogheden gesproten lijn. De geschiedenis des-

volks is do geschiedenis der Nassau's , en schier elke plek Tan Nederland herinnert den landzaat de wapenfeiten en lotge- vallen Tan dat edele geslacht.

Toont hem , in het westen des Lands , de stad Delft de laatste rustplaats van den onvcrgetelijkcn grondvester Tan Kêcrlanda vrijheid, en Tan zoo Tele andere doorluchtige Torstenen Vor- stinnen , in het Vorstelijk 's Gravenhage aanschouwt hij de wieg en bakermat Tan een aantal leden Tan dat geslacht, en niet ver Tan daar rust zyn oog met welgevallen op deeltijd gedenk- waardige en gezegende plek, waar, in 1813, 's Lands wel-

Digitized by Google

«

raren opdaagde , toen de beste der Koningen weder de eerste schrede op den Tade rlandschen grond xette. In liet noorden des Rijks brengt hem de tlakte Tan Eciligerlee de dapperheid Tan LoDrwus en Adoljt tai Nassau te binnen , en doet hem den noeglijdigen dood Tan dien laatsteu betreuren. In het oos- ten en zuiden stralen hem uit Jtoermonde » V mlo , Maastricht , '$ Uertogetibosch , Breda , Geertrtiidenberg , ja , uit den gcheelen gordel Tcslingen , -welke Oud-Nederland Tan die zijde omsluit, het kloek beleid en de heldendaden Tan het onsterfelijke broe- derpaar Ma saus en Füedebjk Hzhdaik te gemoet.

Digitized by Google

Levert de ongelukkige veldslag op Gelderschen bodem , toenr Louawu* en Hkïdmk tai Nassau den heldendood stieren r cenc treurige gewaarwording op ; staren wij met weemoed op de evenaart aan de Moerdijk , waar de dappere Joak Willm Faiao zijnen dood in de golven vond ; hoezeer heeft niet de kloeke ver- dediging Tan den Taderlandschen bodem door den ünsterfelijken Willem III den roem des vaderlands , met dien des helds vereenigd ?

Aan wie dus zoude ik gepaster een werk kunnen opdragen , waarin de onderscheidene plaatsen ran dit Land, tot in de minste bijzonderheden beschreven worden , dan aan Uwe Ko-

Digitized by Googl

ninklijke Hoogheden , op wie , als telgen Tan dat roemruchtig geslacht , geheel Nederland zijne blikken gerestigd houdt, in net gegrond Tertrouwen , dat ook Uwe Koninklijke Hoogheden, drukkende het Toetspoor Tan uwen braTen en wijzen grootvader en Tan uwen dapperen rader , soo wel in het kabinet , als aan de spits des legers of aan het hoofd ran NeérlanéU Tloot met on- Terschrokkenheid de regten Tan dit Land zullen weten te hand-

Dankbaar toor de mij verleende Tergunning , Tan Uwe Vor- stelijke namen aan het hoofd Tan dit werk te mogen plaatsen ,

draag ik lid met den diepsten eerbied aan Uwe Koninklijke Hoogheden op, biddende, dat Torsten uit dezen roemrijken stam liet dierbare Vaderland , ouder den zegen des Allcrhoogsteu , steeds in dien bloei en in die welvaart mogen doen deelen , welke het In de roemrijkste tijden tan zijn bestaan mogt genieten.

Koviiklijkx Padski !

Van Uwe Koninklijke Hoogheden de onderdanigste en gehoorzaamste Dienaar ,

A, J. TAK DER AA.

Digitized by Google

uitgave der eerste aflevering van het Aardrijkskundig Woordenboek der Nederlanden , meenen vrij niet beter te kunnen doen , om het doel en de strekking van dat werk te doen ken- nen , dan hier het gezegde in ons berigt van Inteekening , voor zoo verre dit daartoe dienstig zijn kan , te herhalen : » Reeds se- » dert lang , » zeiden wij , » gevoelde men de behoefte aan een y> Aardrij kskondig Woordenboek van ons V aderland » waarin y> alle plaatsen , die , hetzij om derzelver uitgebreidheid , lusizij n om de aldaar plaats gehad hebbende gebeurtenissen , hetzij om de » aaar gevestigde jaot ijnen , o/ wet om eenige andere reuen , » vermelding verdienden , opgenomen waren , eit hetwelk alzoo , » wanneer men van een of ander oord iets naders wenscht te r> weten , slechts behoeft nageslagen te worden , om dadelijk y> het wetenswaardigste daaromtrent bijeen te vinden. Zulk een » werk toch moet zonder twijfel voor alle standen der maai- » schappij van onmiskenbaar nvt zijn; immers , om maar iels » /e noemen , rfe handelaar vindt daarin , waar fabrijken van » cfes« o/ gr/ie «/o/ gevestigd zijn , o/ wddr rfc handelsarti- vfclcn , rfte ow« Vaderland oplevert , welig st voorkomen ; de

Digitized by Google

xr TOORREDE.

» krijgsman , welke plaatsen van eenig krijgskundig belang zijn > » en welke middelen ter veredeling van kennis cn aanleg deze » of die plaats tijiier beslemming hem aanbiedt ; hij , die , heizij berocpswege of vermaakshalve , Nederland doorreist , » weet tiaar uit dadelijk , welke bezienswaardige bijzonderheden » de onderscheidene, door hem bezocht wordende , plaatsen bevatten. » Maar vooral voor den onderwijzer moet zulk een werk van » onschatbare waarde zijn , daar hij zich hierdoor in staat » gesteld ziet , om den weetlust zijner leerlingen , zelfs omtrent y> min bekende plaatsen , te voldoen , en hen met al het merkwaar- y>dige van hunnen geboortegrond, tot in de minste bijzonderheid » toe , bekend te maken. »

» Bij gebrek aan zoodanig een werk , en om, bij het beoefenen » der geschiedenis en aardrijkskunde van ons F aderland , eene » altijd gereed zijnde vixuigbaak te hebben , hield de onderge- » teekende zich sinds een aantal jaren bezig , met het opteehe- » nen en in alphabetische orde bijeenhouden van al , wat hij » Kier of elders omtrent deze of gene plaats wetenswaardigs » vernam , en was daarmede reeds zoo ver gevorderd , dat hij , » op aanzoek van eenigen , die hij van tijd tot tijd het door » hem bijeen gebragte liet inzien , er op bedacht geraakte , om » zijn werk lot de uitg ave gereed te maken ; waarvan hij toen » alleen door tijdsgebrek ivccrhouden werd. Maar , door den »hcilloozen opstand in België, zich aanvankelijk van zijne » aanieekeningen en verdere bouwstoffen verstoken ziende, ver- » hinderde dit hem al verder in het volvoeren van dit voorne- »?uen. Later echter een gedeelte z'jner boeketten papieren terug

Digitized by Google

VOaRREDE. r » bekomen hebbende , en over een ruim deel van zijnen tijd r> tot de verdere bewerking kunnende beschikken , waren de om- y> standigheden van ons Fadcrland zoodanig veranderd, dat » hij , het niet durvende beproeven een werk van dien omvang , r> ais een Aardrijkskundig Woordenboek Tan alle de Nederlandsen* » Provinciën , in het licht te zenden , besloot alteen zich tot deprovin- »cie zijner inwoning (Noord-Braband) te bepalen, als zijnde tevens y> die , in welker kennis men op dien oogenblik het meeste belang » stelde, Jietgeen hem ook te verkieslijker voorkwam, daar hij » hierdoor , zoo uit de publieke beoordeelingen , als uit de hem , »bij monde of geschrifte , medegedeelde aanmerkingen, konde y> te weten komen , wat er , naar het gevoelen van desJmndigen , » aan zijn werk ontbrak. En het is nu , ten gevolge dér goed- » keuring , welke hij mogt ondervinden , zoo in de algemeen » gunstige recensién , zijner eerste proeven te beurt gevallen , en 9 in de aanmoediging , die hij daarop van de loffelijke , te Lerden "gevestigde, Maatschappij van Nederlandsen* Letterkunde on- ndervond , als in het aanzoek , hem van onderscheidene kanten , * en daaronder door zeer achtenswaardige , in de aardrijks- » kunde hoogstbedrevene , mannen gedaan (waarbij hij nu nog voegen mag de gunstige ontvangst f met welke het onderhavige herigt van Inteekening vereerd werd) , dat hij eindelijk tot het » besluit kwam, om het Aardrijkskundig Woordeuboek voor de »pers gereed te maken ; liet welk zich evenwel tlians alleen tot »de Koordel ij ke Nederlanden uitstrekt , voor zoo verre die faclo> » van de Zuidelijke gescheiden zijn; hoewel ook nog opgenomen " worden de gedeelten van Limburg en Luxemburg , die , volgens

ti VOORREDE. nhe? protocol va» 15 October 1830, onderhui bestuur van onzen » geêerbiedigden Koning moesten komen ; alsmede, om het werk » zoo volledig mogelijk te maken , alle meldenswaardige plaatsen y> uit onze overzeesche bezittingen , waarbij , even als bij de steden, » dorpen » gehuchten enz. van ons F aderland , volgens echte » bescheiden, zoo veel doenlijk, alle bezienswaardige gebouwen , n gedenkteekenen enz., alle vermelding verdienende gebeurtenis- » sen , de aldaar geboren vermaarde mannen , de daar gekweekt v> of bereid wordende handelsartikelen , en de bestaande fabrijken » worden opgegeven. Met geheele werk zal besloten worden met eene n alphabethische lijst van de vermaarde mannen, die Nederland » heeft opgeleverd , met opgave van de plaats hunner geboorte , ten r> einde in het werk zelf dadelijk ie kunnen naslaan , waardoor » zij die vermaardheid verdiend , en wanneer zij geleefd hebben.

» Met spreekt Van zelf, dat zulk een arbeid, zoude die de vol- » ledigheid hebben , welke het publiek er billijk van eischen mag , » onmogelijk zonder de bijdragen van anderen kan votbragt wot - » den , en het is in de bewustheid daarvan , dat men zich van ' » de medewerking van bekwame , en met de aangelegenheden van » hun geboorteland in liet algemeen , maar met die van het gewest » hunner inwoning in het by zonder , bekende mannen heeft getracht r> te verzekeren. » En hierin zijn wij zoo gelukkig ennaar wensch geslaagd , dat het geen ijdele grootspraak is , wanneer wij op den titel zeggen, dat wij dit werk onder medewerking van eenige vaderlandsche geleerden bijeenbrengen ; daar toch de volgende , met de gesteldheid en geschiedenis der provincie hunner inwoning allcuns bekende , mannen ons hunne medewerking niet hebben

Digitized by Google

TOORBEDE, nr villen ontzeggen, of ons aUhans belangrijke bijdragen of op- gaven hebben medegedeeld; als inde provincie Noord-Braband de Heeren: H. Palibb te 's Hertogenbosch en A. mm Gmvs te Breda; in Gelderland de Heeren : Jhr. Mr. F. A. S. A. Baron tab Ittkewtm te Hattem , 0. 6. Hubiiis ie Hemmen en Mr. C. P. £. Roims tam mmm Aa te Arnhem; in Noord-Holland de Eeeren : G. Lact* te Medemblik en J. Woxw fe Haarlem ; i* Zuid-Holland de Heeren: Mr. G. Mees re Botterdam era J. Smits Ja. /e Dordrecht ; in Zeeland tfe jfoere« .ftr. Jfr. M. C. PisEooKT jam Gbijbseebeb te Middelburg , J. Ab Utrecht Dbbs- sulmvu te WolfaarUdgk era J. C. mm Potteb te Hulst; tra Utrecht de ^eer F. B. Adsb te Utrecht; Friesland «fcJ/eer W.Ebhhoeb te Leeuwarden ; in Orcnjsscl rfe heeren G. A. Loeee era J. C. H. de Gaat Fobthab te Zwolle , J. tab Wua Hz. era J. Oliyiee Je. te Kampen , de laatste ook voor hetgeen de Oost-Indië aangaat ; in Groningen de Heeren: Mr. H. 0. Feith te Groningen era M. D. Texeetba tc Ulrum , welke laatste ons tevens menige belangrijke bijdrage , betrekkelijk onze Weet- Indische bezittingen , geleverd , de toezegging tot meerdere gegeven en ons bovendien alle zijne aanteekeningen omtrent Oost-Indië en de Kust tan Gainea tenge- brvike afgestaan heeft; in Drenthe de Heer Mr. S. Ghataha te As- sen , era iu Limburg de Heer H. C. C. tab deb Noobdaa te Maastricht ; terwijl de Heer J. Bosscha , door eenige opmerkingen nopens het Seschiedknndige gedeelte , de Heer P. P. Roobda yae Etsisca , door zijne buitengewone bekendheid met al wat onze Oostindische be- zittingen betreft , en de Heer.H. Stbootha* , aan wien wij boven- aan menige gegronde aanmerking te danken hebl*en , door ons ,

I

tin VOORREDE.

in het lastige en niettemin belangrijke werk van het nazien der proeven behulpzaam ie zijn , ons grootelijks aan hen verpligten ; waarom wij het ons ook tot een genoegen rekenen , htm allen reeds voor loop ig hier onzen dank te betuigen voor hunne bercidvaar- . digheid, om onzen arbeid door hunne toelichting der volmaakt- heid nader bij te doen komen , terwijl wij ons tevens bij voort- during ht hunne belangrijke medewerking aanbevelen. Baar het evenwel niet van onze correspondenten te vergen is , dat zij , op eeneneenigzins verwijderden afstand van hunne woonplaats alles zeiven onderzoeken , zoo worden de proefbladen , waarop eene of an- dere meer of min afgelegene plaats voorkomt , bovendien aan den Burgemeester, tot wiens gemeente die plaats behoort , toegezonden , met verzoek van het ontbrekende te willen invullen , en het gebrek- kige te verbeteren , waaraan wij dan ook met dankzegging moeten erkennen, dat voor als nog (pp eene enkele uitzondering na) door al- len op het bereidwilligst voldaan is. Wij meenen nu den besten weg ingeslagen te zijn , om ons werk tot die volkomenheid te hengen waarvoor menschelijkc arbeid van dien aard vatbaar is. Mogt evenwel een onzer lezers meenen , dat er nog andere middelen waren , om daar toe te geraken , hij gelieve ons deze slechts op ie geven , daar en Redacteur en Uitgever het ernstigste voornemen hebben , om noch moeite noch kosten te otitzien , ten einde het werk zoo naauwkeurig mogelijk te maken.

En hier zouden wy nu onze voorrede kunnen eindigen , ware het niet , dat wij ons verpligt achtten , reden te geven van onze wijze van behandeling en bewerking, voor zooverre die reeds eenige bedenkingen kerft uitgelokt of nog zoude kunnen uitlokken.

Digitized by Google

VOORREDE. rx Zoo tal men hier , tegen het gewone gebruik aan , de namén der gemeenten , die nit de. namen van meer dan eene plaats zamen- gesteid zijn , door verbindings- of kbppelteekens aaneen gehecht vinden (bijv. Aalsmeer-en-Kudelstaart). Bit geschiedt, om daar- door aan te duiden , dat die alzoo zaamgevatte woorden , in dit geval , eigenlijk maar èènen naam uitmaken , en , om alle ver- warring voor te komen , welke anders ligt ontstaat. 4 Is wijb. v. in het opnoemen van de gemeenten in het kanion Oosterhont , schrij- ven : Oosterhout , Terheiden , Gecrtruidenberg en Made en Drim- melen ; hoe zal dan iemand , die met dit kanton anders niet bekend is , weten of Made tot Geertroidenberg of tot Drimmelen óeAoort; terwijl, indien wij schrijven: Oosterhont, Terheiden, Geertrnidenberg en Madc-en- D rim melen , de twijfeling ophoudt.

In de bewerking van het Aardrijkskundig woordenboek van Tioord-Braband zijn de gemeenten , d. i. de gcheele burgerlijke huishouding , aan wier hoofd een burgemeester staat , en het ei- genlijke dorp , waaronder wij gewoonlijk de kerkbuurt of liever , soo als men het veelal, ter onderscheiding van de buiten- wijken , noemt , do kom tan het dorp verstaan , elk in een afzonderlijk artikel behandeld. Hiertegen zijn bedenkingen gerezen en men heeft beweerd, dat dit aanleiding tot vet' warring honde geven , omdat het scheen , als of men van twee geheel afzonderlijke plaatsen sprak. Om dit te voorkomen , heb- ben wij beet geoordeeld , voor die gemeenten , welke slechts den naam van één enkel dorp voeren , in hetzelfde art. eerst de plaats ml» gemeente, en vervolgens als dorp te behandelen; doch daar , waar de gemeentenaar meer dan eene plaats genoemd is , woidt

Digitized by Google

i VOORREDE.

aan de gemeente ah zoodanig , en aan de plaatsen , waaruit zij samengesteld is , iedereen afzonderlijk artikel toegewijd , ter- wijl de kerkelijke gemeenten', uit combinatiën bestaande , almede afzonderlijk behandeld worden , daar toch deze vaak uit geheel andere besiana hleclen . dan de bur°erlii/ce sremeenten. zamensresteld st;w. Zoo vormt b. v. het dorp Almkerk met Uitwijk eene burgerlijke gemeente , terwijl llmkerk met Emmikhoven eene kerkelijke ge- meente uitmaakt , en Emm.ikiio?en wederom met 'Waardhuizen eene burgerlijke , en Waardhuizen met Uitwijk eene kerkelijke gemeente.

Er is gevraagd , waarom ook die kasteelen , klooster» , wa- terkopen , sluizen enz. , welke thans in het geheel niet meer bestaan , door ons opgenomen zijn , daar men dit als eene onnoo- dige uitbreiding van het werk beschouwde.- Ban dit is ons , na rijp overleg, dienstig voorgekomen , want , behalve dat dit te beter de vroegere gesteldheid van ons land doet kennen , heeft het bovendien no"- dit nut . dat men , bii hei vermeld vinden van dnsdaniir kas- *ee/ » waterloop of dergelijke merkwaardigheid , dadelijk welen ff-&ï^ 'y ^ ' ^^^sf yt^?^^ ^^esi aai ^^^^ ^ f i^S9*9(ji^£ ïo^i^^r de ^9^^se^tt^£ %}e&Cs^^$^%^ * * vingen van ons Vaderland , en se//* op onderscheidene der nieuwste kaarten . vele namen voorkomen van vlaatsen . <ftc wrfi voor eeuwen gesloopt of vernietigd zijn. Zoo vindt men m cfo anders zoo naanwkeurige Beschrijring der Nederlanden Tan Bachibbb , owrfer anderen , kasteelen in Friesland aZ» 7iog- bestaande vermeld, die reeds in den tachtigjarigen oorlog vroesrev sresloovt ziin . for2 zonde ons niet mociicUih vallen ooA hedendaagsche schrijvers op te noemen , cfte syne mw- s/a^cw , te dien opzigte , ArMcw nageschreven. Wij hebben even-

Digitized by Google

VOORREDE. ijk wel best geoordeeld bij de artikelen, waarin iets, dat sinds lang niet meer bestaat , behandeld wordt , alleen de oude , toenmaals gebruikelijke , verdeeling der provincie , waarin liet gelegen is , op te geven ; welke oude verdeeling bij de andere artikelen al- tijd , ter onderscheiding , vóór den naam der provincie geplaatst is , terwijl de thans nog gebruikelijke indeeling achter dien naam gevonden wordt. Eerst hadden wij gedacht , deze oude verdeeling geheel weg te laten , maar , btj later inzien , begreep men , dat /iet opgeven daarvan ook zijn nut koude hebben voor hen , die , bij de beoefening onzer vroegere geschiedenis , dit werk zouden willen naslaan ; terwijl bovendien in sommige stre- ken van ons Vaderland , vooral onder de landlieden , de oude ver- deeling meer algemeen bekend is , dan de nieuwe ; zoo zal b. v. een Noord-Brabander beter weten , hoever de Baronie van Breda , dan hoever het distrikl Priuscnhage zich uitstrekt , en een Groninger landman zal ons beter verstaan , wanneer wij vanhet Wegterkwar- lier . dan wanneer wit van het arrondissement Groningen soreken <fe tegenwoordige regtcrlijke verdeeling in arrondisse- menten en kantons betreft , Acrtf men <wts »» overweging gege- ven , o/ Ae/ Mie/ ócfcr ware die geheel weg ie laten , aange- zien deze toch eerlang eene verandering stond te ondergaan T zoo dat wij dan later , wanneer deze belxnd was , eene lijst acA/er A«/ werk konden voegen , waarin die verdeeling afzon- derlijk opgegeven werd; dan wij vnj stond , de verdeeling , zoo als zij thans bestaat , achterwege te laten , te minder daar wij altijd , ingeval die veranderingen bekend worrlcn , vóór dat ons werk voltooid is , eene opgave der

Digitized by Google

xu VOORREDE.

nieuwe arrondissements-verdeeling daar achter kunnen voegen.

De geographiscke breedte hebben wij alleen van die plaat- ten opgegeven , welke , of om hare ligging aan de rivieren , of om eene andere reden belangrijk waren, en hierin hebben wij de Alphabelische tafelen , achter de Verzameling yan Hydro- graphische en Topographischo waarnemingen in Holland van den Luitenant Generaal Kjuuxiraovr , gevolgd , met dit onderscheid evenwel , dat ' wij , op raad van een bekend wiskundige, de lengte, welke door KnAUMHori- van den Meridiaan over Parijs af berekend is » hebben genomen van den Meridiaan over het ei- land Ferro af, als zijnde die , welke onze aardrijks- en wis- kundigen in hunne opgaven meest volgen. Er is ons in be- denking gegeven , of hel niet beter ware , den Meridiaan van Greenwich als eersten Meridiaan aan te nemen , aangezien de * Marine tegenwoordig , volgens een koninklijk besluit , naar dien Meridiaan rekent , of dien van Amsterdam , {den westertoren) , van welken in het Jaarboekje , uitgegeven op last Tan Z. M. den Koning , geleld wordt. Uit een Aardrijkskundig oogpunt beschoutvd , kwam liet otis echter natuurlijker voor , naar den Meridiaan van Ferro te rekenen , als zijnde het punt , waar , schier zonderonder- scheid , op alle kaarten , de halfronden gescheiden worden , hetwelk dan ook de reden was, dat niet alleen de Ouden ,maar ook onze beroemdste aardrijkskundigen altijd over dat punt hunnen eersten Meridiaan getrokken hebben. Jammer maar , dat de raad van dien bekwamen man ons eerst , na het afdrukken van de eerste vellen , ter ooren kwam , zoodat de eerst aangenomene berekening daarin niet meer veranderd konde worden. Waar men

Digitized by Google

VOORREDE. xin •dit nu in het werk niet opzettelijk vermeld vindt , is de lengte van het eiland Ferro af berekend , terwijl zij , die den afstand van den Meridiaan van Greenwick willen weten , dit gemakkelijk berekenen kunnen , wanneer zij in liet ooghouden , dat die plaats 17° 46' oostelijker gelegen is.

Aangezien de bevolking van iedere plaats , niet alleen jaarlijks , maar zelfs dagelijks , aan verandering onderhevig is , en het werk , door zijnen omvang , onmogelijk in een jaar kan afgewerkt worden , zoo hebben wij , ten einde niet overal te moeten zeg- gen , volgens de telling van welk jaar onze opgave geschiedt , de bevolking slec/its in ronde getallen vermeld , en daartoe den volgenden maatstaf aangenomen : voor plaatsen beneden de 1000 zielen wordt het Wtal , en voor plaatsen boven de 1000 zielen het 100 tal opgegeven, hetwelk het naast komt bij hei juiste getal, dat wij , volgens de laatste lelling , vermeltl vinden.

Er is in bedenking gegeven , of liet niet beter geweest ware , de gedeelten der provinciën Limburg en Luxemburg in het werk achter te laten , en als bijvoegsel, nadat er eens ecne cindschik- king zal getroffen zijn , afzonderlijk te geven ; doch hierop mee- nen wij te moeten antwoorden : F ooreerst , dat alsdan het werk niet alles zonde omvatten , wat thans , ingevolge bovengemeld protocol van 15 October 1830, tot liet Koningrijk der Neder- landen behoort ; ten tweede , dat wij , om aan het bcrigt van itUeekening getrouw te blijven , die gedeelten niet mogten achterwege laten ; en , ten derde , dat het toch altijd uit den aard van een werk , als het onderhavige , voortvloeit, dat het naait wc- lijks ten einde is, of er hebben weder veranderingen plaats gehad , die een aanhangsel vorderen , in welk aanhangsel ,

*u VOORRED E.

wanneer er bij tic cindschikking eenige wijzigingen in de grens- scheiding mogten plaats hebben , men dan tal moeien aangeven de plaatsen , welke daarbij aan ons Vaderland toegevoegd of ervan •afgenomen %ijn.

Foor onze bezittingen op de Kust rau Guinca is het ons doel- matig voorgekomen , ook de landen , waarin onze forten gelegen zijn , afzonderlijk te vermelden , als kunnende het , zoo voor onzen handel als om andere redenen , van belang zijn iets naders om- trent de vorstendommen op die kust te weten. Zoo ook zijn op de Oostindisene eilanden, waar de Nederlanders gevestigd zijn , niet adleen de aan ons onderhoorige , maar ook de andere tlaarop bekende plaatsen behandeld , aangezien ons gezag zich daar hóe langer hoe meer uitbreidt , en het dus meer en meer belang- rijk wordt , die eilanden in hun geheel naauwkeurig te kennen.

Mogten nu , niettegenstaande aüe onze aangewende pogingen , dit ons werk (en welke menschel ijke arbeid is daarvan volkomen vrij?) nog hier of daar eenige onvolkomenheden aankleven, dan noodigen wij hen , die ze mogten ontdekizen , ten vriendelijkste uit , om die aan ons of eenen onzer medearbeiders op te geven , ten einde ze , bij eene volgende aflevering , met dankbare vermel- dingvan hunnen naam , zoo ons dit geoorloofd zij , aan onze in- teekenaars te kunnen bekend maken.

En nu smeeken wij Bern , zonder wien wij niets vermogen , dat Hij ons de noodige bekwaamheid en kracht vcrleene,om mts werk zóó te voleindigen, dat het tot nut van onze medeburgers en tot meerdere bekendwording van onzen vaderlandschen grond moge verstrekken'

Brsdj , 30 November 1837.

A. J. Ti5 uea Ai..

Digitized by Google

TERKLARINGEN DER VERKORTINGEN IN DIT WERK

VOORKOMENDE:

aartspr. aartspriestcrdom.

ads. resid. adsutent residentschap.

afd. afdccling.

akk. akkers.

arab. ambacht.

amb. hecrl. ambachtsheerlijkheid. A.P. Amsterdamschc peil. air. arrondissement.

arr. houfdpl. arroudissementshoofdplaats. bisd. bisdom, bund. bunders, b. buurt.

buursch. buurschap.

cler. clerezij.

conim. communicanten.

dek. dekenaat of dekenschap.

dep. departement.

distr. distrikt.

doopsg. doopsgexinden.

d. dorp.

droogm. droogmakerij, cil. eiland.

eil. gr. eilandengroep, ell. ellen.

Ev. Liith. Evangclisch-Luthcrschen.

fakt. faktorij.

geb. geboren.

geh. gehucht.

gent. gemeente.

gemet. gemeten.

gouv. gouvernement, griet grietenij, gr. groep.

groot h. groothertogdom, neerl. heerlijkheid. H. of HH. Heilige of Heiligen. Hcrst. Luth. Hcrsteldc-Luthersi Herv. Hervormden. H. E. H. G. Hoog-Edel Hoog geboren, h. huizen.

HEGM. Hunne Edele Groot Mogcnden. inw. inwoners. Jans. Jansenisten.

kant. kanton. ' kant. hoofd pl. kantons hoofdplaats, kast. kasteel.

katoenpl. katocnplantaadje. klass. klassis. kl. klein.

VW

koflïjpl. koflijplanlaadje kol. kolonie, kon. koningrijk, kostgr. koülgrnml. kw. kwartier, lands. landschap, landv. landvoogdij. Luth. Luthcrschcn. Meun. Mcnnisten. m. k. militie kanton. Ncderd. Ncdfrdiiilsch. Nederl. Nederlandse!».

N. B. Noordcr Breedte. N. Noord. O. Oost.

0. L. Ooster Lengte, palm. palmen, plant, plantaadje. pold. polder, p. pond.

prinsd. prinsdom.

prov. provineie.

reg. regentschap.

reg. dist. rcgeringsdislrikt.

rcffts8* regtsgebied. Rem. Remonstranten, resid. residentschap, riv. rivier of riviertje, roed. roeden.

R. K. Roomseh Kathol ijken, schiereil. schiereiland, s. d. schooldistnkt. suikerpl. suikcrplantaadje. u. uur.

vad. vademen, verl. verlaten, vic. vicariaat.

vic. gen. apost. vicariaat generaal apostolijk. v. voeten.

v. c. vierkante ellen, v. m. vierkante mijlen, v. p. vierkante palmen, v. r. vierkante roeden, v. v. vierkante voeten, voorm. voormalig, voorst, voorstad, vorst, vorstendom.

WEW. Wel Eerwaard,-. W. West.

W. L. Wesler Lengte. Z. Ziel of Zielen. Z. Zuid.

Z. B. Zuider Breedte.

Digitized by Google

DER

ZIJNE MAJESTErr DEN KONING. 19 exemplaren.

ZIJNE KONINKLIJKE HOOGHEID DEN PRINS VAN ORANJE.

ZIJNE KONINKLIJKE HOOGHEID PRINS FREDERDt DER NE- DEBLANDEN.

II ARE KONINKLIJKE HOOGHEID MEVROUW PRINSES Alj-

B RECHT VAN PRUISSEN. 2 exemplaren. ZIJNE KONINKLIJKE HOOGHEID DE ERFPRINS VAN ORANJE. ZIJNE KONINKLIJKE HOOGHEID PRINS ALEXANDER.

Digitized by Google

BTtn NAAMLIJST DER INTEEKENAREN.

Aa. (Mr. C. P. E. Robidé van der) voor het Departement tot Nut van

't Algemeen te Oosterbeek. Abrahams, (Gebroeders) Boekhandelaar» te Middelburg. Abcudanon. (H. S.) Ambtenaar te Suriname. Aekersdijck. (J.) te Utrecht. Adams. (\. U.) le Luitenant der Infanterie. Administratie voor de Nationale Nijverheid te 's Gravenhagc. Adders. (J. F.) Roorasch Kat. Pastoor te Kampen. Ahrens. (A. V.) lc Luitenant der Infanterie. Akademic. (Koninklijke Militaire) te Breda. Akkermans. (J. H.) Kapitein Kwartiermeester. Alewijn. (W.) Ryks Ontvanger te Wormcr. Alphen. (A. A. J. P. van) Luitenant der Artillerie. Alta. (E. Canter) te Leydcn. Altink. (H.) 28 Luitenant der Infanterie. Andel. (P. van) Notaris te Briellc. Andrac. (D. G.) tc Luitenant der Genie. And ra e (J. II. Beuckcrs) tc Utrecht. Andrae. (JTr. P.) Notaris tc Leeuwarden. And Hessen. (J. A.) Slads-Schoolonderwijxer te Suriname. Anemaet. (C. J.) Fourier der afdceling Kurassier» n°. 1. Ardesch. (J.) Kolonel der Infanterie. Arnhem. (De stad)

Arriens. (J. L.) Koopman te Soerabaia.

Assen.? (P. van) l,te Luitenant der West-Indische Jagers.

Assenraad. (W. van) Burgemeester tc Amersfoort.

B.

Baaien. (J. van) Boekhandelaar tc Rotterdam. Baert. (W. C.) te Leydcn.

Bakkcne». (H. C. van) Lit. Hum. Stnd. te Groningen.

Balfour van Burlcigh. (P. van) Luitenant Kolonel der West-Indische

Jagers tc Suriname. 3 exemplaren. Banflcr. (J. G. W.) Ambtenaar tc Suriname. Bannier. (L. G. W.) Luitenant der Infanterie. Barkhauscn. (F.) Luitenant der Infanterie. .

Barnaart van Bergen. (W. P.) Lid der Gedeputeerde Statea van Noord- Holland, te Haarlem. Barre. (C. P. L.) Luitenant der Artillerie. Bartijn. (P.) 1" Luitenant Kwartiermeester, ttnum (P- L. G.) Roomse-h Kat. Pastoor , tc Haarlem. Bannian. (G. van der Valk) Kap. Adj. van den Lt. Gcn.vandcrCapellen. Bauman. (J.) in de Bewuster. Bax. (A.) Predikant lc Oostburg. Bec. (J.) lc Luitenant Kwartiermeester. Bcckbuis. (H.) 2* Luitenant Kwartiermeester. Beek. (J. van) Sergeant der 17do afdceling Infanterie. Beet» (N ) Eerste Kommies aan het Postkantoor te Groningen. ^ Beets.' (van der) Adjnd. Onderoffic. , regiment Ligte Dragonders n . ö. Beircer (H. C.) Kostschoolhouder te EUmrg.

Bentbem cn Julling. (van) Boekhandelaars te Middelburg. 3 exemplaren. Berckenhoflf. Onderwijzer in vreemde Talen -te I Werend. Berdenis van Bcrlckom. (J. J.) Raadsheer bij hel Provinciaal Geregtshof van Zeeland.

Digitized by Google

NAAMLIJST DER INTEEKENARBN

GmuVe. (J. L.) *»• Luitenant der Artillerie.

fJortlteyligers. (G. M.) Gepensioneerd Generaal der Infanterie.

Coster. (II.) Boekhandelaar te Alkmaar.

Grimpen. (P. G. van) Kapitein Kwartiermeester.

Croll. (G. J. A.) Volontair der afdceling Kurassier* n°. 9.

Gruis. (C.) te Amsterdam.

D.

Daalen. (Jfr. H. B. ran) Notaris en Stads Secretaris te Wageningen. Dacius. (G. II.) Boekbinder te Arnhem.

Dam. (R. vau) Oud Raadsheer in het voormalig Departementaal Geregtshot van Zeeland, lid der Provinciale Staten van Zeeland , te 's Gravenpolder. Dam. (W. A. van) Booinsch Kat. Pastoor te Hontcnissc. Daiublé. (J. N. L. Loos) Onderwijzer te Arkel.

Danckaerts. (A. M.) Ontvanger van 'i Ryks belastingen te Sas-van-Gcnt. Dassel. (Y. W. C. von) 2- Kapitein der Artillerie. Dcntsch. (J. von) Kapitein der Genie in Oost-Indic. Demonschy. (C. P.) te Rotterdam.

Departement voor de Zaken van de Hervormde Kerk, eni. te 'sHnge.

Departement voor de Zaken van de R. K. Eercdicnst te '* Hage. 4 «xcmpl.

Diedcrich*. (Gebr.) Boekhandelaars te Amsterdam.

Dieren. (J. J. van) 240 Luitenant Kwartiermeester.

Diggelen. (Staes llnbcrtiis van) Notaris te Axel.

DM. (P. G.) Bockhandelaar te %s Gravenhage.

Dishoeck. (P. A. van) Burgemeester te Axel.

Dobben. (J. F. vau) Boekhandelaar te Haarlem.

Donker Curtius van Tienhoven, te *s Gravenhage.

Donleben. (J. H.) Luitenant der Infanterie.

Doerleben. (J. N. L.) Eerste Adsistent ten Kantore van den Kolonialen

Ontvanger en Betaalmeester te Suriname. Doeveren. (A. F. van) Med. Doet. te l«eyden. Dockuro. (De Stad)

Dominicas. (J.) le Luitenant der Infanterie.

Doorman. (Erven) Boekhandelaars te *s Gravenhage.

Doorman. (P.) 2«» Kapitein der Artillerie.

Doorn. (A. van) 2" Luitenant der West-Indische Jagers.

Dortmont. (J. L. van) Burgemeester te Hulst.

Dover Ax. (J.) Boekhandelaar te Arnhem.

Doxv. (J. M. van Klinkenberg) 2e Luitenant der Artillerie.

Duboii. (P. D.) Kapitein der Artillerie.

Duikers. (M.) Kapitein Kwartiermeester.

Dutsen. (J. H. van der) 1* Luitenant der Lansiers.

Duvigneau. (J. P.) Kapitein Kwartiermeester.

Dijckmeester. (J.) Advokaat Generaal bij het Prev. GeregUhof van Gelderl. Dijkstra Six. (J. J.) Theologisch Candklaat.

E.

E.— (J. D.) te Breda.

Ecckhout. (P. J. van den) Onderwijzer te Stoppeldijk. Eek. (D. van) Onderwijzer te Asperen. Eekhoff Hz. Beekhandelaar te Groningen.

Eekhoff. (W.) Archivarins van de stad Leeuwarden, voorde stedelijke

Bibliotheek te Leeuwarden. Eiclibollx. (P. C.) 2* Luitenant der Infanterie, fckler. (E.) Medcciiiae Doctor te Volicnhoven.

nu NAAMLIJST DER INTEEKENAREN.

Elias. (G. H.) te Wageningen.

Ellis. (J.) Ambtenaar te Suriname.

Embroek. (J. J. U.) Luitenant der Infanterie.

Emden. (E. van) Eerste Adsistent ten kantore van den Kolonialen

Ontvanger en betaalmeester te Suriname. Empius. (L. C.) Instituteur te Zwolle.

Engelbronner. (d') Wachtmeester bij het Regiment Ligte Dragond. no. 4.

Engelen. H. Luitenant Kolonel der Genie.

Engelenburg. (Jfr. L.) Arrondissement* Inspecteur et Deventer.

Engeringh. (J. J.) Luitenant der Infanterie.

Engels. (G.) Burgemeester te Vriessenveen .

Entrup. (W. W.) Luitenant Kolonel der Artillerie.

Epke. (J. G.) Luitenant der Infanterie.

Erasinus As. (J.) Burgemeester te Kadiand.

Erkelens. (A. tan) AdjudantOnderoflïcier bataillon artill. transporttrein .

Ermerins. (F. P.) Ontvanger van 's Rijks belastingen te IJzcndijke.

Erzey. (P. A.) le Luitenant der Kurassiers.

Eschauzier. (J. P. Brand) le Luitenant der Artillerie.

Escury van Heinenoord. (II. Baron Collot d')

Essen. (L. van> Apotheker te 'sG raven hage.

Everdingen. (C. A. van) Arrondissement* Inspecteur te Zwolle.

Evers. (W. G. F.) Ritmeester op non actiwtcit.

Eyck. (Mr. M. J.) Heer en Erfhurggraaf vau Zuilichem , te Maartensdijk.» Eymael. (A. H.) 1c Luitenant der Infanterie. Eymael. (C. T. T.) 2* Luitenant Kwartiermeester. ... Eymael. (T.) 2de Luitenant der Infanterie.

F.

Fabins. (G. C.) Luitenant der Artillerie. Falter. (P. R.) Kolonel der Artillerie. Faul. (G. C.) Organist te Gorinchcni. Feenstra. (J. M.) te Opende. Feenstra. (M. D.) te Ulrum.

Feith. (J. II. O.) Jur. Utr. Cand. te Groningen. Felden van Kinderstein. (G. F. Baron van der) Lid der Riddersohap en

Provinciale Staten van Utrecht. Fevkes. (B.) Kapitein der Artillerie Adjudant van den Generaal

Majoor Paravicini di Capclli. Fonseca. (Jonkh. L. S. D. Antouio Cartcrct da) 2P Luitenant der Infanterie. Fortman. (G. L. de Gaay) te Leyden.

Frackers. (B. II.) Luitenant der Infanterie. , .*

Frantzen. (A. II.) . Luitenant Kolonel der liuauterie. Fremery. (J. A. de) te Leydcn.

Frissart. (A. A.) Kapitein der Oost-Indische Infanterie. Frouin. (J.) Administrateur van Plautagiëii te Suriname. Fundter. (J. C) Ritmeester der Ligtc Dragonders.

G.

Gackstattcr. Klerk bij den Arrondissements Inspecteur te Zwolle. Gallenkamp. (II. J.) Roomsch Kat. Pastoor te Haarlem. Geer. (P. van) Smid te Leydeu.

Geertsema. (E. J.) Omgaande Regter in de Soerabaiasche afdeeling. Geestenbeek. (J.) 1" Luitenaut Adjudant der Infanterie. Generale Directie voorde Zaken van de R.K. Eeredieust te 'sllage. 4 exemr». s. (W.) Koopman U Groningen.

/ - -

Digitized by Google

NAAMLIJSTDER INTEEKENAREN

xxut

GerUngs. (Ifr.H.) t* HiUegom.

Gbert. (C. F. van) Luitenant Kwartiermeester.

Giltemans. (J.) Apotheker te Breda.

Gillet. (J. D. D.) Luitenant der Inianterie.

Glinderman. (E. L.) Stads Vendumeester te Utrecht.

Glindennan. (H.) te Utrecht.

Godefroy. (P.J.)Dirigcrend Olïïcicr van Gezondheid der 1" LL te Soerabaia. Gouka. (A.) Onderwijzer te Middelburg. Gorkum. (J. E. van) Generaal Majoor. Götte. (J. B.) Fourier der negende afdeeling Infanterie. GraalT. (A. G. de) Apotheker, Lid vau de Provinciale Gcneesk. Com- missie in Zuid- Holland , te Gorinchem. Graeve. (F. de) Grondeigenaar te Zuiddorpc. G ra Lama. (H. 8.) Commies aau het Postkantoor te Groningen. Greup. (W. N. H.) Commies aan het Postkantoor te Utrecht. Grcve. (A.) Ingenieur van den Waterstaat 7 te 's Graveuhagc. Groin. (van) te Leeuwarden. Groin. (J. C. van) \* Luitenant der Infanterie. Groeneveld. (T.) 1* Luitenant der Inianterie. Gulik en Hermans, (van) Boekhandelaars te Breda 5 exemplaren. Guykens. J. Boekhandelaar te Amsterdam.

Haan. (C. de) Luitenant Kolonel der Infanterie. Hachez. (J. C. A. H.) Luitenant der Infanterie. Haefkens. Burgemeester te Leerdam.

Hacften. (A. W. van) 2de Luitenant der Oost- Indische Artillerie. Haeften. (G. A. van) Intendant der tweede klasse. Ilaeften. (P.A. van) Controleur bewaarder van het kadaster te Amersfoort. Hage. (J. W. ten) Bockhandelaar te *s Graven hage. Hageman. (A.) Onderwijzer te Hees. Ifageman. (E.) Directeur der Posterijen te Zwolle. Halder Hz. (A.) Genees-, Heel- en Vroedmcestcr te Beven» ijk. Halmael. (Mr. A. van) Auditeur militair van Friesland , te Franeker. Hamelberg. (H. A.) Lector in de Wis en Natuurkunde te Amersfoort. Hammacher. (H. G.) Notaris te Groede. Hamming. (E. K.) 2de Luitenant der Infanterie. Hamming. (G. A.) 2de Luitenant der Kurassiers. Hamming. (H.) 1ste Luitenant der Kurassiers. Hamming. (H. A.) 2de Lniteuaut der Infanterie. Handelmaatschappij. (De Nederlandschc) Hartman. (J. C.) Apotheker en Chimist te Suriname.

Haspels. (D. J.) Boekhandelaar te Nijmegen. Haupt. (A. C.) Boekhandelaar te Middelburg. Heeckeren. (G. P. C Baron van) te Zutphen. Hrger. (De) Onderwijzer te Utrecht. Helb. p.) Ambtenaar te Suriname.

Hemert tot Dingshof. (G. V. W. Baron van) 1ste Luiten Hmdrikse. (A.) Luitenant Kwartiermeester. Heringa. (J.) Emeritus Professor te Utrecht. Herr. (D. G.) Luitenant Kolonel der Infanterie. Hert. (M. i. d') tc Koewacht.

HeuTrl. (G. van den) Kapitein der Wcst-ludische Jagej*.

H.

,i,T NAAMLIJST DER INTEEKENARER.

Heyboer. (J.) Ondcrwyxer tc Noordeloos. Heyden. (A. van der) Onderwijxcr le Nienwland. lleydcn, gcb. André. (A. van der) Institutrice tc Arnhem. Hillc. (E. M. van) Sergeant tweede bataillon Jagers. ^ Hindcrbergen. (J. A.) Fourier afdeeling Kurassiers, n°. 1. Hinlopcu. (J. ü.) Lid der Staten Generaal , te Middelburg. Hissink. Predikant te Dedcmsvaart.

lloboken van Rhoon en Pendrccht. (A. van) te Rotterdam.

Hoen. (A.) Institiitcur tc Hattcm.

Hoff.nan. (tfr. F. G.) Advocaat te Doesburg.

Hoffman. (N. J. A. C.) te Amsterdam.

Hofman. (T. S. A.) Luitenant der Infanterie.

Holl. (G.) Wachtmeester der afdeeling Kurassiers, n . 1.

Holt. (Ten) Rentmeester te Eerones. m

Holtxkam. Adjudant Onderofficier der 17c afdeeling Infonterw.

Homan. (C. J.) Predikant te Nieuw-Vossemcer.

Hommes. (J. W.) Koopman te Groningen.

Hoogenhuyxen. (W. J. van) Luitenant der Infanterie.

Hoogeveen. (A. A.) Luitenant der Artillerie.

Hoogeveen. (K. J.) Majoor der Pontonniers.

Hoonaard. (W. van den) Onderwijxer te Hillegersberg.

Hoop. (G. W. van der) Majoor der Infanterie.

Hopbcrgen. (B. J. H. van) Kapitein der Infanterie.

Horj. (Mr. W. G.) Agent van 's Rijks Domeinen in Overyssel, te Zwolle

Hospers. J. Onderwyxer te Hoog-Blokland.

Houtrijve en Brcdius. (van) Boekhandelaars te Dordrecht.

Hoycr. (H. C.) Agent van den Rijkskassier te Bnclle.

Hullman. (J. A.) 1" Luitenant der Infanterie.

Hulst. (D.) Burgemeester en Notaris tc Blokkers.

Hulstkamp. (H.) Onderwijxcr te *s Hertogenbosch.

Humbcrt. (W. P.) Luitenant Adjudant der Zuid-Hollandsche Schutte^).

I.

Jager. (G.) de te Groningen.

Jam. (W.) Predikant te Giessen-Oudekerk.

Jansen. (G. H.) Luitenant Adjudant bij den Generaal Majoor Knotxer. Jansx. (J. G.) Ingenieur van dm Waterstaat van de 1" klasse te Soerabaia. Ingcn. (A. T. F. van) 1ste Luitenant Adjudant der Ligtc Dragonders. Ingcn. (C. F. E. van) Kapitein der Genie. Ingcnhors. (C.) Secondant tc St. Oedcnrodc.

Jong. (J. de) Directeur der brandwaarborg Maatschappij te Amsterdam.

Jonge. (Jhr. M. W. de) Lid van de Staten Generaal te 's Gravenhage.

Jongh. (J. D. de) 1* Luitenant Adjudant der Infanterie.

Jonk. (J. T. G.) f Luitenant der Infanterie.

Itlersum. (Jonkh. Mr. F. A. C. A. Baron van) te Hattcm.

Itlersum. (Mr. E. H. Baron van) Kantonrcgter tc Wijk-b^-Duurstede.

Ittcrsum. (Mr. J. G. J. Baron van) Advocaat tc Utrecht.

Juda. (J.) Koopman te Suriname.

Jung. (J. C.) Ondcrwyzcr tc Grauw.

Jula. (C. J.) le Luitenant der Infanterie.

Kamer van Koophandel en Fabrykcn tc Grouingoii. Kantcr. (Mr. Th. ) Procureur Generaal tc Suriname. Kars. (L.) Secretaris by het Bestuur le Bcllingwoldc.

Digitized by Google

N AAMLIJST DER IN TREKEN ARK If. m

Xarsnoff. (C.) Secretaris te Beverwijk.

Kasteelen. (J. T. van de) te Beusichem.

Reeft. (J.) Jur. Stud. te Utrecht.

Keer. (A.) Majoor der Infanterie.

Kempenacr. (Jfr. G. N. de) Advocaat te Rotterdam.

Kempenaer. (Mr. J. M. de) Advocaat te Arnhem.

KerckhofF. (S. A. van den) Kapitein der Artillerie.

Kesman. (J. H.) Generaal Majoor te Delft.

Kesteloo. (G. A.) 11 ulpondcrwyzer te Domburg.

K es te ren. (J. C. van) Boekhandelaar te Amsterdam. 2 exemplaren.

Rieboom. (J. P.) Notarisklerk te Axel.

Klapper (J.) Luitenant Kwartiermeester.

Kleyn. (J. de) Onderwijzer te Ameiden.

Kleyn. (W. C.) Kapitein der Oost-Indische Infanterie.

Klom. (F. E.) Hulponderwijzer te Amsterdam.

Klucver. (W. S. S.) Theol. Student te Utrecht.

Kluit, (li.) Administrateur van Plantagicn te Suriname.

Kluitman. (M. U.) te Gouda.

Kluppel te Helder.

Kluyt. (J.) Commies ten Postkantore te Brielle. Kncppelhout. (K. J. F. C.) Jur. Stud. te Leydcn. Knock (G. A. H.) Luitenant der Infanterie.

Knoll. (P. Y.) Generaal Majoor, Provinciale Kommandant van Zeeland. Knotzer. (F. W.) Generaal-Majoor. KnijflT. (A. de) Commissionnair te Utrecht.

Koek. {Baron. H.Merkus de)Minl«tervan Binnenlandschc Zaken. Sexempl.

Kolff. (G.) Burgemeester te Deil.

Rooi. (A.) Luitenant Kolonel der Genie.

Koopman. (G. L.) Boekhandelaar te Amsterdam.

Kooy. (C. van Someren) le Luitenant Kwartiermeester.

Kooyman. (K.) Onderwijzer te Hoogkarspel.

Koper. (D.) Stads Chirurgijn en Vroedmeesler te Schiedam.

Kortman. (E. W.) te Amsterdam.

Kraamwinkel. (B. C.) te Utrecht.

Rro'ller. (J.W.) 1" Luitenant Adjudant bij den GeneraalMajoor Giiichcrit. Krudop. (J. R.) te Gouda.

Kruseman. (J. A.) Korporaal der afdeeling Kurassiers n*. 9. Kruysse. (P. J.) Zoutzicdcr le Axel. Kruvt. (W. J.) Boekhandelaar te Arnhem. 2 exemplaren. KrnvtbofF. (J. Tilcnius) 2e Luitenant der Infanterie. Kuv'pers. (J. J. Mourix) Apotheker der f klasse bij 's Rijks Militaier Èospitaal te Utrecht.

L.

La horton. (D. van Hinloopen) Schoolopziener te Gouda.

Lachaire. (S.) Kapitein Kwartiermeester.

Lagcrwrv. (H.) Boekhandelaar te Dordrecht.

Lambrecbts. (A. W.) Tweede Kapitein Artillerie Transporttrein.

Lambrechtsen.(W.N.)Raadsheer bij het Provinciaal Gercgtsh. van Zeeland.

Lammen. (A. F.) Oud-presid. van het Hof te Suriname , te 's Graveuhage.

Landolt. (H.) Majoor der Infanterie.

Lange. (J. de) Bockhandelaar te Deventer.

Langenhiiysrn. (A. P. van) Boekhandelaar te 's Gravcnhage.

l*del. (L. J.) Kapitein der Infanterie.

Leemans. (C.)ccn>lc Conservator van het Ned. Mus. van Oud bed. te Leydcn.

Digitized by Google

1

»n NAAMLIJST DER INTEEKENAREN.

Leembruggen. (A. C.) fabrikant te Leyden.

Leen. (C.) Administrateur van Finantien te Suriname.

Leesmuseum te Amsterdam.

Lehnkcring. (G. H. Growich) 1" Luitenant der Kavallerie.

Leur. (C. G. Kravenhoff van de) 2de Luitenant der Pontonniers.

Licb. (J. J. A.) Majoor der Infanterie.

Lier Ez. (B. Tan) Officier van Gezondheid klasse.

Li n {jen. (G. H. van) Onderwijzer.

Lisman. (Mr. J. A. E.) Advocaat te Arnhem.

LisL (F. C.) Generaal Majoor der Artillerie.

Lith. (S. van) Boekhouder hij den Provincialen bewaarder van het

kadastci te Zwolle. Löbcnsel. (J. A. van) Luitenant der Ligtc Drajjondcrs. 2 cxeinpL LockJiorst. (A. van) Officier vau Gezondheid der 2* klasse. Loomeijer. (C. G.) Apotheker te Haarlem. Loos. (H.) Rooinsch Kat. Pastoor te Zaandam. Luchtmans. (S. en J.) Boekhandelaars te Leyden. Luth. (J. F.) Chirurgijn Majoor. Luttcnbcrg. (H.) te Zwolle. Lutz. (II. S.) 1" Luitenant der Infanterie.

M.

Maclaine. (W. H.) 2* Luitenant der Infanterie.

Macquelijn. (M. J.) Hooglccraar in de Geneeskunde te Leyden.

Madiol. (J. L.) Majoor der Infanterie.

Maerteos. (P. J.) Stedelijk Onlvauger te Hulst.

Blalsen. (A. van) Kostschoolhouder tc Hooge-Zwaluwe.

Mansveld geb Gordon. (Mevrouw de weduwe van) 2 exemplaren.

Margadant. (W . F. C.) tc '% Gra\euhage.

Marle. (P. G. van) Koopman te Lcydeu.

Ma ree. Fabrikaut tc Linneke.

Marree. (L. J. dc) Mcd. Doet. te Middelburg.

Martin. (F. P.) te Amsterdam.

Martini van Ou verkerk. (Jonkh. Mr. H. B.) Lid vau de Eerste Kamer der Staten-Generaal en vau de Ridderschap van Noord-Braband , te Vught. Mallhicsscn van Petten en Nolmerban. (Mr. Sandeubergb) te Haarlem. Meersch. (G. F. van Limborch van der) Luitenant Ingenieur. Melmer. (T.) Ie Luitenant Adjudant der Infanterie. Meikcstein. (G. van) Onderwijzer te Eemnes binnen. Mertcns. (H. A.) Roomsch Kat. Pastoor te St. Jan -Steen. Metman. (Mr. L.) Advokaat tc 's Gravenhage. Metelerkamp. (P. J.) Luitenant der Ligte Dragonders. Meulen. (C. van der) Onderwijzer te Utrecht. Meijer. Onderwijzer bij de Israëlitische school te Hoorn. Meijer. (G.) Majoor en Plaatselijk Kommandant te Middelburg. Meijer. (J. F.) 2" Luitenant der Kurassiers. Meijl. (J. F.) Majoor der Artillerie. Moerdyk. (P.) Geadmitteerd Landmeter te Zuiddorpe. Middelhoek. (C.) Onderwijzer tc Molenaarsgraaf. Mommen. (A. H.) Luitenant der Artillerie. Monchy. (E. P. de) Koopman te Rotterdam. Monde. (N. van der) Boekhandelaar te Utrecht. Montyn. (J. W.) te Amsterdam.

Moorrees. (Mr. C. W.) Griffier bij de Arr. Rcgtbank te Amersfoort. Mortier Covens eu Zoon. BoekhauuVlaars tc Amsterdam.

Digitized by Google

NAAMLIJST DER I N TE EREN ARE N. xnu

Mourik. (H. J. van) Luitenant Kwartiermeester. Muller. (Joh.) Boekbandelaar te Amsterdam. Maller. (J. F. L.) te Amsterdam.

Munck. (A. B. C. de) Luitenant bataillon Artillerie Transporttrein. Munnik. (J. de) Boekhandelaar te Schiedam. Muijsken. (A. W.) 2' Luitenant der Artillerie.

N.

Naamen van Eemnes. (van) te Zwolle.

Nauta. (Mr. G. A. van Avenhorn van) Lid jdcr Staten van Friesland , Grietman van Heniclumcr, Oldephaert en Noordwolde, te Koudum. Nederburgh. (Jfr. J. J.) te Zutphen.

Nes. (Jfr. J. T. W. van) Resident van Passaroeban te Passaroehan.

Nes. (T. Hoog van) Fouricr bij de Afdeeling Infanterie.

Nevndorff. (J. F.) Procureur bij den Raad van Justitie te Soerabaia.

Nidek. (J. Broucrius van) Luitenant Kolonel der Artillerie.

Niemandsverdriet. (B.) Arrondissement» Inspecteur teBrielle.

Niernieijer. (A.) Theol. Stud. te Leyden.

Nieuwbam. (C.) Kapitein Kwartiermeester.

Nicuwenhuis. Hooglecraar tc Leyden.

Noel. (E. F.) Notaris en Burgemeester te Hontenisse.

Nolthenius. (II. J.) te Amsterdam, i

Noman en Zoon. Boekhandelaars te Zalt-Rommel.

Noordewier. (Mr. J.) Dr. in de letteren eu Iustilutcur te Winschoten.

Noordliofl*. (D.) Predikant teSchalzum.

Nootcn. (W.Ü.J. Canibier van) Burgeni. vaullonkoop en Notaris te Lopik.

Noubuys. (G. van) Schoolopziener tc Roozendaal.

Nouhuys. (H. J. van) le Luitenant der Infanterie.

Nouhuys. (S. van) Luitenant Adjudant der Kurassiers.

Noske. (J.) Notaris te Axel.

Nuysink. (G.) Kostschoolhouder tc Zutphen.

Nijenhuys. (A.) Roomsch Kat. Pastoor te Sasvan-Gcnt.

O.

Ondcrwijzersgezelschap tc Dirksland. (liet) Oukoop. (W. A.) Boekhandelaar le Breda. Oomkens Jz. (J.) Boekhandelaar tc Groningen. Oordt. (C. W. van) Kapitein der Genie. Ophorat. (A.) Üc Luitcuant Kwartiermeester. Ort. (J. W. A.) 2C Luitenant der Infanterie.

Oudemans. (A. C.) Kapitein Adjudant bij den Generaal Majoor Knoll. Ouwersloot. (ü.) te Amsterdam.

P.

Paarden kooper. (L.) Landmeter der klasse bij het kadaster te Goes* Pabtt. (Mr. B. G. A.) Advocaat te Utrecht.

Pabst tot Bingerdcn. (J. M. Baron, van) Kanton Rcgler tc Eist.

Paddenburg cn Comp. (van) Boekhandelaars te Utrecht.

Parts. (A ) 1" Luitenant der Infanterie.

Panhuys. (A. M. E. van) Majoor by den Generalcn Staf.

Pauw.'(W.) te Purmerend.

Pmte Pz. (M. A. van) te Amsterdam.

Pcllecom. (A. N. van) Emeritus Predikant te Schiedam.

PeU-Rijcken. (A. J.) Luitenant der Ligle Dragonders.

Pelt. (G. van) le Leyden.

urm RAAMLIJST DER INTEEKENAREff.

Penoif. iMr. C. Overgaauw) le Delft. Pestel. (W. F. van) kapitein der Rydcnde Artillerie. Vesten. (Jonkheer Mr. J. E.) Lid der Ridderschap te Utrecht. Pesters van Catlenbrock geb. Jacobi. (Mevr. Douaricrc) te Utrecht. Pelen. (J. D.) te Vlissiugcn.

Pielerse. (J. M. Tan den Oudendijk) 2a Luitenant der Infanterie. Pieterscn. (T. van Uye) te Goes.

Pingjuni. (J. R.) Wachtmeester by de nfdceling Kurassiers No. 1.

Plaat. (P. L. T. Grunwis) Sergeant Majoor afdeeling Infanterie.

Playter. (U. C.) Luitenant Adjudant der Lanciers.

Poelders. (H. J.) Boekhandelaar te Amsterdam. £ exemplaren.

Pol. (G. van de). Magazijnmeester der Artillerie tcJtalh.

Polak. (A. J.) Eerste Klerk bij *s latids magazijnen te Suriname.

Polak. (S.) Adsistent van den Kolonialen Ontvanger tc Suriname,

Pompen. (C.) Burgemeester te Alcm.

Portielje. (G.) Boekhandelaar tc Amsterdam.

Pot. (A. van der) te Rotterdam.

Prins. (J. H. van Sanden) te Middelburg.

Prins. (S. J.) Boekhandelaar te Amsterdam.

R.

Raadt. (P. de) Instituteur op den huize Noorthcy.

Raalten. (C. van) Secretaris van den Landraad te Soerabaia.

Rademaker. (II. L.) Eerste Onderwijzer te Soerabaia.

Rappard. (W. H.) 1' Luitenant der Infanterie.

Rechte ren. (van) Gouverneur der Provincie Overijssel.

Reepmaker. (P. L.) 1" Luitenant der Infauterie.

Rctterich. (A. J. P.) Majoor der Kavallerie.

Revius. (J.) Apotheker te Zwolle.

Reijers. (J. C.) Onderwijzer te Middelburg.

Reynders. (J.) Koopman te Leeuwarden.

Risseeuw. (J.) Kanton Regter te Oostburg.

Rissecnw Sz. (A.) Landman te Kadzand.

Risseeuw Jz. (J.) Rustend Landman te Kadzand.

Ritsema. (J.) Boekhandelaar te Haarlem.

Roe heil. (H. 11.) Luitenant der Genie.

Rodemann. (A. W.) Luitenant der Infanterie.

Rodi. (M.) Chirurgijn Majoor.

Rojer. (N.) Med. Chir. et Art. Obst. Doet. te Suriname. Romondt. (II. H. van) Boekhandelaar te Utrecht. Roorda. (C. W.) Luitenant der Infanterie.

Rooy. (A. A. de) Boekhandelaar te *s Hertogenbosch. 7 exemplaren.

Roque. (E.) Kapitein der Oost-Indische Infanterie.

Rosé. (W. N.) Luitenant der Genie.

Roijen. Jur. Stud. te Utrecht.

Roijen. (W. W. A.) Luitenant der Lansiers.

Ruempol. Gepensioneerd Chir. Maj. van het Oost-I nd. Leger, te Zutphen.

Rucinpol. (H. J.) Predikant te Soerabaia.

Richt. (J.) Destillecrder te 's Hertogenbosch.

Ruysch. (J. J.) 1" Luitenant der Kavallerie.

Ruyven. (\V. J. C. van) Instituteur te Amersfoort.

Reyn. (W. C. D. van) Luitenant Kwartiermeester.

Rijndcrs. tc Groningen.

Rijstcrborgh. <L.) Ingenieur van den Waterstaat te 's Hertogeubosch.

HAMLIJST DER I NT EEKBN AREN.

S.

Samson. (M. D.) Schoolonderwijzer te Suriname.

Sant. (D. van *t) IiMftkuteur te Gorinchem.

Sarphasy. (J.) Mcd. Stud. te Lcijden.

Sasscnbcrgh. (M. A. van) Luitenant der Infanterie.

Sateu Weimar Eisenach. (Z. D. H. Hertog R. van) Luitenant Generaal.

Schafer. (J. H.) 2e Luitenant der Genie.

Scbalekamp vau der Grainpel en Rakker. Roekhandelaars te Amsterdam.

Schardam. (M. A.) Onderwijzer te Hoog- en Laag-Zwaagdijk.

Scheiderman. (J. A.) Adjudant Oudcroflicier der West-Indische Jaffert.

Schcltus van IJsseldijk. (J. G.) te Levden.

Schepel. (J. C. P. M.) Luitenant "der Iniantcric.

Schcpes. (U. J.) 2e Luitenant der Infanterie.

Schetsberg. (II. C.) Rockbandelaar te Leeuwarden.

Schiedam. (De stad) 2 exemplaren.

Schierbeek Ir. (R. J.) Roekhandclaar te Groningen.

Schilling. (J. L. A.) te Amsterdam.

Schippers. (H. H.) Heel- en Vroed meester te Rleskensgraaf. Schluitcr. Schoolopziener, te Amersfoort. Schmitx. (H.) Kapitein der Infanterie. Schneider. (A.) 1ste Luitenant der Infanterie. Scholten. (J. G.) te Haarhui.

Scbolten Hz. (J. A.) Fabrijk cn Landmeter van Schieland, te Rotterdam. Schonckat. (M.) Roekhandelaar te Amsterdam. 12 exemplaren. Schonk. (G. C.) Controleur der landelijke inkomsten te Passaroehan. Schorpion. (H. J.) Ie Luitenant der West-Indische Jagers. Schotsman. (M. O.) Onderwijzer te Spijk. Schreuders. (fi.) KosUchool houder te Voorburg. Schuilenburch. (Jonkhr. Mr. L. van) te 's Gravenhage. Schuller. (J. H.) Luitenant Kolonel der Genie.

Schuurheke Roeije. (S.) Raadsheer bij het Prov. Gcregtshof van Zeeland. Schuyt. (J. C.) Onderwijzer te Zuiddorpe.

Seclig. (H. G.) Luit. Kol., Kommandant der Kon. Mil. A ka dein ie te Breda.

Seminarium te St. Michel-Gcslel. (Hel)

Se ven stern. (J. H.) Roomsch Kat. Priester te Uithuizen.

Seydlitx. (W.) Wethouder en Notaris te Hulst.

Siegeubcek. (M.) Hoogleeraar te Levden.

SiethofF. (J. ten) Koopman te Socrabaia.

Sikkens. (P.) Kapitein Kwartiermeester.

Sitters. (C.) Commies der Posterijen te Gorinchem.

Six. (C. C.) 2* Luitenant der Infanterie.

SI engarde. (A. E.) 2e Kapitein der Artillerie.

Slingelandt. (J. D. L. van) 1" Luitenant der Artillerie.

Sloot. (A. van der) V Luitenant Kwartiermeester.

Slotemaker. (A.) 1* Luitenant der Infanterie.

Slotemakcr. (C.) Kapitein der Infanterie.

Sluytenuan. (T. K. L.) Majoor bij het 2de bat. der Sde Afd. mobiel*

Noord-Hollandsche Schutterij te lijden. Smalt. (J. J.) Graanhandelaar te Rotterdam. Sneding. (Jfr. P. Fiers) Ambtenaar te Suriname. Smids. (L. A. J.) 1* Luitenant der Infanterie. Smit. (M.) Roekhandclaar te Groningen. 5 exemplaren. Suülh. (C. W.) Lnitenant der Artillerie. Smits. (G.) te Lekkerkcrk.

«X

NAAMLIJST DER 1NTEEKEN AREN.

Smits. (J. O.) Luitenant Adjudant der Infanterie. Smits. (M.) Majoor der Infanterie. Soclcns. (M.) lnslitiileur te Hattein,

Spcnglcr. (E. F. Cox van) l°Luit. Adj.bij den Gen. Maj. Vcrkoutcren. Spiering. (W.) Landbouwer, te Axel. Spoel Ai. (H.) Ondcrwijxer te Dordrecht. Sprengcr. (C. A.) Luitenant der Kurassiers.

Sprcnger. (J. J ) Lid der Gcdep. Staten van Zeeland te Middelburg. Stackman. (C. J.) Controleur van 's Rijks belastingen te Hulst. Steenbergen. (N. F. van) Burgemeester en Secretaris te Gicssendam. Steenkamp. (J. C.) Secretaris der Gemeente Hoek. Stecnkanip. (P. W.) Notaris en Burgemeester te Neuxen. 9 exemplaren. Slciiibuch. (J. J.) Directeur van het postkantoor te Neuzen. 2 exempl. Stcinfort. Predikant te Oostcrend op Texel.

Stcyn van Hensbrock. (G. van) Burgemeester van Soest, te Soestdijk.

Stirum. (F. G. Graaf van Limburg) Kapitein der Genie.

Sliruin. (0. L. Graaf van Limburg) Ritmeester der Ligtc Dragonders.

Stock urn. (W. P. van) Boekhandelaar te 's Gravenhage. 4 exempl .

Stokhuyzen. (A.) Koopman te Leydcn.

Stokhuyzen. (F.) Officier van Gezondheid der 2* klasse.

Stolle. (W.) Burgemeester te Raalte.

Straat. (C. A. van der) Onzigtcr te Gorinchem.

Strcpelhoff. (J.) te Rotterdam.

Strnick. (Ci. A ) Rijksontvanger tc Hillcgcrsberg.

Swaans. (S.) Ie Luitenant Adjudant der Infanterie.

Swildcns. (J. II.) Secondant te Leeuwarden.

Tacts van Amcrongen van Dcyll. (J. A. Baron van) tc Utrecht. Teding >an Berkhout. Lid van de Gedeputeerde Staten van Noord- Holland , tc Haarlem. Tclchuys. (M. H.) Griffier van het kautongeregt te Axel. Telling. (Vr. A.) Secretaris der stad Franckcr. Temmink. (J. D.) Officier van Gezondheid der klasse. Tcrvccn en zoon. (J. G. van) Boekhandelaars to Utrecht. Texel. (Het plaatselijk bestuur \an) Thiel. (van) tc Rozendaal. Thicme. (J. F.) Boekhandelaar te Nijmegen. Thomson. (J. J.) Majoor er» Plaats-Majoor te Crevccoeur. Tichler. (J. W.) le Luitenant der Pontonniers. Tiddens. (H.) Student tc Groningen. Tielkemeijer. (J. H.) Boekhandelaar tc Amsterdam. Timmermans. (F. J.) Kol. Ins. bij het Min. vanKolonien ta 's Gravenhage. Tienhovcn. (G. van) Aannemer te Werkendam. Tirion. (A. P.) Ambtenaar te Suriname. Tissot van Patot. (J. P. L G.) Kapitein der Infanterie. Tol. (H.) Opperwachtmeester der Ligtc Dragonders no. 8. Tollens. (J. P. K.) Aspirant Ingenieur van den Waterstaat. Toorcnburg. (P. A. van) Mcd. Doet. te 's Gravenhage. Toorenenbergen. (J. J. van) Instituteur te Utrecht. Traus. (H. L. Schender) Luitenant der Artillerie. Tromp. (II. A.) Ingenieur der 1" klasse van den Waterstaat te Soerabaia. Tuinhout. (Haijo) Controleur bewaarder van het kadaster te Heercnvecn. Tulp. (A. J.) Kapitein der Infanterie.

Tuuk. (S. van der) President van den Raad van Justitie tc Soerabaia.

NAAMLIJST DER INTEEKE NAREN.

V.

Veer. (J. C. H. J. de) 1- Luitenant der Infanterie.

Verkouteren. (J. W.) Generaal Majoor.

Vcrkouw. (W.) Koopman te Leyden.

Vermasen. (D. L.) Luitenant Generaal.

Vermeer. {Mr. J. W.) te Beek. 3 exemplaren.

Vermei. (W. L. i Landbouwer te Brandwgk.

Vermeulen. (C.) Notaris te Herwijnen.

Vermeulen. <N.) Boekhandelaar te Arnhem.

Vermeulen. (P. J.) Archivist der provincie Utrecht , te Utrecht.

Vernec. (J. A.) te Utrecht.

Verschoor. (H. E.) Schoolopziener te Sleeuwyk.

Versteegh. (M.) Koopman te Batavia.

Verwey Bz. (A.) Predikant te Leyden.

Verwoerdt. (P.) Hoofd-Commics der Marine te Socrahaia.

Veth. (H.) Koopman te Dordrecht.

Vieweg. (C. A.) Bockhandelaar te Nijmegen. 3 exemplaren Villeneuve. (D.M. de) lc Luitenant-Magazijnmeester der Art. te Nijmegen. Vinkhuizen. (N. C.) le Luitenant der Infanterie. Virieu. (W. C. de) Gepensioneerd Luitenant Generaal. Visscher. (J. A.) Koopman te Zwolle.

Visschcr. (L. G.) Hoogleeraar in de Letterkunde te Utrecht. Visser. (C.) Theol. Stud. te Leyden.

Visser. (W. M.) lc Luitenant Administrateur van kleeding der 10"Afd.Inf.

Vlasblom. (C. S.) 2e Luitenant bataillou Artillerie Transporttrein.

Vogel C. Jz. (J. C. de) InstiUiteur te Dordrecht.

Vogel. (F. L.) Gepensioneerd Chirurgijn Majoor tc Zwolle.

Vogelcnsang. (D.) Inslitutcur tc Wagcningcn.

Vogclensank. (R.) Bockhandelaar tc Gouda. 2 exemplaren.

Vogelvanger. (C.) Ambtenaar der belastingen te Koewacht.

Voir. (C. L. le) Koopman te Leyden.

Volkhemer. J.) Kolonel der Infanterie.

Voogt. (J.) Luitenant der Infanterie.

Voorne. (C. van der) Fourier der 3" Afdeeling Infanterie.

Voort, (van der) Onderwijzer tc Giessen Oudckerk.

Voort. (E. W. van 't) Onderwijzer te \uren.

Voorthiivzen. (Joh. van) Stud. in de regten tc Utrecht.

Vork. (ƒ. P.) Landbouwer te Zuurdijk.

Vorstcnboscb. (J.) Kapitein der Infanterie.

Vorstman. »J. G.) Predikant te Bergenopzoom.

Vos Wz. (J. de) Sec. der 4c klasse van het Ncd. Instit. tc Amsterdam.

Vos van Rij<*ijk. (J. H.) 1' Luitenant der Infan'.eric.

V redenburch. (E. van) Staatsraad Gouverneur van Zeeland.

^ ries. (J. de) Kapitein der Oost-Indische Artillerie.

Vroom. (G. P. G.) Onderwijzer tc Socrabaia.

W.

Waard. (C. van der) Vleeselihouwer tc Leyden. waarfort. (P.) Kapitein Kwartiermeester. ^Vajjwr. (B. J. A.) 1e Luitenant der Infanterie.

^ aicheren. ; (S. van) Regter der Arrondisscmrnts Rcglhank lc Amersfoort.

^ alter. (iViedclstcin) Predikant te Hulst.

IVebrr. Kapelmeester der 17de Afdeeling Infanterie.

Weeda. (P.) U Zuidland.

«ui NAAMLIJST DER IiN TEEKENAREN.

*

Wecsp. (De Stad)

Wcgkainn. (M.) Ie Luitenant Kwartiermeester. Wenningh. (C. H.) Stads- en Kostschoolhouder te Breda. Werf. (li. Tan der) 2e Luitenant der Infanterie. Werkendam. (Gemeente)

Wermes kerken. (D. R. van) Boekhandelaar te Tiel.

Werncr. (W. C.) Ritmeester der Lansiers.

Werven Schuller. (C. van den) le Luitenant der Infauterie.

Westerman en Zoon. (M.) Boekhandelaars te Amsterdam.

Weyden. (Wed. G. van der) Boekhandelaren te Maassluis.

Weijerman. (J. W.) Onderwijzer te Haarlem.

Wieders. (C.) Korporaal der 10de Afdeeling Infanterie.

Wierda. (W. J.) Koopman le Obergum.

Wilde. (J. C. de) Kostschoolhouder te Dordrecht.

Wilhelmi. (J. J.) Ontvanger te Vriesenveen.

Willemier. (Dr.G. A.F. Quarin) bij het groote Ryks Mil. Hosp. te Utrecht.

Willems. (W.) Boekhandelaar te Amsterdam.

Willigen, (van der) Emeritus Predikant te Delft. x

Winkel. (P.) Burgemeester te Sybccarspel.

Wisboom. (C. B.) Aannemer te Uardinxveld.

Witkamp. (P. H.) Onderwijzer te Amsterdam.

Worbert , Graaf van Wassenaar Starrenburg.(W.L.)leLuit der Lansiers. Worm. (E.) le Luitenant der Infanterie. Wouters. (G.) Boekhandelaar te Groningen.

Wttewaal van Stoetwegen. (U.)Burgemeester van Wilsum en Kamperveen.

Wijck. (W.) te Archcm , by Ommen.

Wijk Rz. (J. van) Kostschoolhouder le Kampen.

Wijk Jz. (R. van) Rector der Latijnschc School te Kampen.

Wijnhoven Hendriksen. (J.) Boekhandelaar te Rotterdam.

Wyt cn Zoonen. Bockhandelaars te Rotterdam. 2 exemplaren.

U.

Uzcnbcek. (S.) te Rodcrwolde.

Z.

Zee. (P. E. van der) Predikant te Andyk. Zecuwsch Genootschap der Wetenschappen te Middelburg. Zehelein. (H. C.) Ritmeester der Ligte Dragonders. Zicgeler. (A. J.) Ritmeester der Huzaren.

Digitized by Google

MHMMMIHMIWtWHWItl

£. Ia G 23 26 3 3 UT OTBRSI JT

Vaï MBT

KONINGRIJK DER NEDERLANDEN.

GRENZEN EN GROOTTE.

Het KoüiiifiRWK der Nederlander , thans veelal , ter onderscheiding van België of do Zuidelijke Nederlanden, Noord-Nedbr- l**d, cn ook wel Ood-Nederlard gchcclcn (1) , paalt, behalve het daartoe behoorende gedeelte van Luxemburg, welks grenzen , ligging , grootte enz. in het Woordenboek, zelve, opdat art., zullen worden opgegeven, W. en N. aan de Noordzee, 0. aan het koningrijk Han- novcr en de Pruissischc provincie Rijnland , Z. aan België. Het ligt ttisschen 30° 15' en 53d 34' N. B. en tnsschen 20° 16' cn 24° 34' 0. L., van Ferro , en bevat 896 Geogranhische v. m. = 1039$ v. u. De grootste lengte , van het Z. naar het N. namelijk , van de uiterste zuidelijke grenzen van dc prov. Limburg tot den noordelijken loom der pro v. G ro n i n gen , waar deze tegen de Wadden stuit, wordt op ongeveer 60 en de grootste breedte van het W. naar het 0., dat is , van de westelijke grenzen der prov. Holland, tegen de Noordzee , tot kendCt OOSte,ijkcuiteindcderProv' Overijssel, op 45 u. gaans bere-

N AAM.

De naam is ongetwijfeld ontleend van de lage ligging, en , volgens wt algemeenc gevoelen . zoude het woord Nederland eene verkorting *ijn van Neder-Dutschlakd; terwijl men onder Hoos-Dcitscvxand, het

(i) At.gnicn door het thans nog bestaande status quo, in ds> pror. Limbu rg, oog niet alle» op -lieu vasten voet gebrast is, als ia de andere provinciën, en wij ons ahoo nitt ia staal zien , in dit Algemeen Oversigt, alles in die prorin- rie «rrn naanwke urig op te gereu, sollen wij . ten einde niet gedurig te moeten ««rhalea, ef onxe opgave, tich ook over die provincie uitstrekt, telkens, waar wij «llren van do overige proviucirn spreken, de bonaming OcD-NiDsansD gebrul- k»n, ter wjj] wij dsar, waar liet tevens ook Limburg geldt, die Tan de Nidu- U,I,M of Ko»i«oiuj* snllcn beji-cn.

Digitized by Google

2 ALGEMEEN ^OVERZIGT.

tegenwoordige Düitscrxand , welks oppervlakte veel hooger ligt , begrijpt , waardoor dan ook nog bij ons de taal onzer oostelijke naburen veelal d«» II o o g d n i t s r b e en de onze de Ncdcrduitschc genoemd wordt. Hilderdijx. echter beweert , op niet geheel verwerpelijke gronden , dat deze streken de Nederlanden genoemd zijn, als deel van bet Rijk van Lotharingen (1). Ons komt bet voor, dat beide te gelijk kan waar zijn: dat men namelijk deze gewesten, zoo wel in tegenstelling van bet hooger gelegen gedeelte van Duitschland, als in tegenstelling van de meer bergachtige streken van Lotharingen , de Nederlanden kan ge- noemd hebben.

Men noemt dezo landen in het Latijn Beloiuh of Belcia , maar dit woord heeft bij de ouden nooit Nederland of de Nederlands* beteckend. De Romeinen toch verdoelden Gallië, dat xich van Italië af tot hiertoe uitstrekte, in drie voorname deelen , waarvan het noordelijkste Bel- gisch- Gallië heette. Be Belgen waren dus Galliërs, welke men bij Ptolobeus ook in Brittannie vindt , doch naderhand heeft men , met weglating van het woord Gallië, alleen den naam van België behouden , en dien op het grootste gedeelte van de zeventien Nederlardscdr «b- we8ten toegepast. Er is in de oudste tijden nimmer aan gedacht , om deze landen onder eenen algemeenen naam tc begrijpen ; maar elk gedeelte werd genoemd naar het volk, dat het bewoonde. Onder het Gerkama Ikferior of JYeder-Duittchland behoorde evenwel medo ons Vaderland.

OUDE BEWONERS DEZER LANDEN.

De oude bewoners dezer gewesten waren op onderscheidene tijden herwaarts afgezakt , en hebben zich aldaar onder verschillende namen nedergcslagcn ; onder hen vindt men de volgende vermeld : de F r i e- zen, de Batavieren of Batten, de Kaninefatcn, de Ma- rezaten, de Frisiabonen, de Kauchcn, de Menapicrs, de Ambivaritcn, de Bruktcrcn, de Tenktercn, de T u- banten, de Usipeten,deMorinenendeAngrivariën.

LEVENSWIJZE DER OUDE BEWONERS DEZER LANDEN.

De levens wy ze dezer volken was, met cenige geringe wijzigingen , bijna dezelfde. Z\j waren zeer sterk van ligchaam , leefden van de jagtop w ilde dieren , gingen in hunne jeugd geheel naakt en . kleedden zich , ouder geworden zijnde , met beestenvellen , die , by wijze van mantel over hunne schouders hingen, en met eenc gesp of eenen doorn om den bals vastgemaakt waren, terwyl de huid van den kop dezer dieren soms derwijze over hun hoofd getrokken was , dat zij door de ooggaten uitzagen. Zij woonden in hutten, van hout opgeslagen, met biezen, riet of stroo gedekt , en waarvan de wanden met leem en koemest besmeerd waren. Deze hutten stonden niet digt bijeen , maar hier en daar verspreid en meestal op opgeworpen hoogten , terpen of torpen (vfcn welk woord ons tegenwoordig woord dorp afstamt), en in latcrcn tijd Vlie- of Vliedbergen gchectcn, ten einde zich, bij gebrek aan dijken, daardoor te beveiligen tegen den vloed , en vooral tegen de overstroo- iniugcu , waaraan deze landen zeer onderhevig waren.

(i) Zie '• maas Geschiedenis des Vaderland*, D. I., U. io5.

Digitized by Google

OUDE BEWONERS DEZER LANDEN. 3

Dc zeden en leven* wijze van die onbeschaafde mcnschen konden niet anders dan wild en woest zijn. Zij waren echter getrouw, openhartig, herbergzaam en kuise!) , wordende hoererij en overspel zeer door hen verfoeid ; maar tot den drank waren zij zeer genegen.

De bezigheid van den landbouw was voor hen een te lastig en te mocijelijk werk , aangezien , bij dc geringe kennis , die zij daarvan hadden, hunne landen door het zeewater overstroomd werden, ter- wijl ook alles voor het indringen van het vee en het wild open lag; waarom zij zich , ofschoon van den landbouw geheel uiet vreemd , echter meer op de jagt en dc visscherij toelegden , die hun veel voordeel aan- bragtcn , aangezien het land zeer boschrijk en vol wild , gelijk ook de wateren rijk aan visch waren. Ook hadden zij schapen, runderen en paarden .

Hun voedsel bestond , behalve in het wild en de visch , die zij door de jagt en de visscherij opdeden , in boomvruchten, melk, boter en kaas; tot drank hadden zij eene soort van bier , dat zij uit koorn bereidden , door het met water te koken.

Zij konden lezen noch schrijven, maar hunne Barden vervaardigden gezangen , die zij in hunne vergaderiugen en bij feesten zongen , en de geschiedenis vau hun land of den lof hunner helden ten onderwerp hadden.

WIJZE VAN OORLOG VOEREN EN REGERINGSVORM.

In het vechten en paardrijden waren rij zeer ervaren , en in het zwemmen zoo bedreven , dat zij zelfs de breedste rivieren gewapend en te paard durfden overzwemmen. Hunne behendigheid in het schie- ten met pijl en hoog was bewonderenswaardig, want men verhaalt van eenen Batavier, dal hij den pijl, die hij eerst zelf afgeschoten had, terwijl deze neg in de lucht vloog , met ecnen anderen pijl doorkliefde.

Zij waren krijgshaftig en dapper , en gebruikten tot hunne wa- penen bogen , pijlen en eene soort van speren , frameèn geheeten , waarmede zij van verre en van nabij konden vechten. Dc ruiters droe- gen eene framée en een langwerpig vierkantig schild van teenen gevloch- tai; het voetvolk, waarin hunne meeste kracht bestond, was insgelijks met werpschichten gewapend. Ook gebruikten zij groote vierkantige schilden van hout gemaakt , waarop afbeeldingen van beesten en vogels waren geschilderd. De vrouwen en kinderen gingen mede ten oorlog , en moedigden de mannen aan , om voor hnnne vrijheid en huisgezinnen dapper te strijden en naar de overwinning te streven.

ber zij ten strijde togen , werd een uit de voornaamsten van het volk gekozen , om , onder den titel van Koning of Hertog, het leger aan te voeren en regt te oefenen. Deze behield zijne w aardigheid somtijds maar één jaar of zoo lang dc krijgstogt duurde, somtijds langer en voor zijn gehcele leven. Zijne magt was niet onbepaald , want, als hij dV vergaderingen der voornaamsten by woonde , mogt hij wel raad geven, maar uiet gebieden.

Bet schijnt, dat zij, nevens deze Koningen of Hertogen, ook nog krijgsoversten hadden, die om hunne dapperheid weiden verkozen. Bij de verkiezing vaneen opperhoofd, werd deze op een schild gezet en daarmede op de schouders hunner vcikipzcren om hoog geheven.

Noghailclen zij eene mindere soort van krijgsbevelhebbers , die tevens Hoofrlrtfjters of Opperhoofden over de bijzondere landstreken waren ; drie spraken het rojl uit iu de bijzondere zamenwoningen en gchuch- len. Zii wezen het volk jaarlijks lauderijen aan, om te bczaaQen,

Digitized by Google

4

ALGEMEEN OVERZIGT.

die elk op het einde van Jiet jaar weder moest afstaan , terwijl hij zich een volgend jaar met dc akkers konde vergenoegen , die hem door den nieuw verkorruen Regter toebedeeld werden. Aan ieder dezer Iloofd- reijters werden Honderdmannen, uil het gemeen verkoren , toegevoegd, die een regtsgcbied van minderen omvang hadden , hun tevens tot Raden verstrekten en hunne verrigtingen gezag bijzetteden. Deze laalsleii dienden den Opperhoofden in vredestijd lol luister , en in tijden van oorlog tot l>eseherining , want elk hunner ijverde om het naast bij zijn Opperhoofd te zijn , en hem in manhaftigheid te evenaren , zoo niot tc overtreffen. De lloofdrcytcrs werden gekozeu door de Alge- meene volksvergaderingen , bij welke de Opperste magt was.

Deze volken beminden de vrijheid en hielden daarom de regering van de voortreffelijksten voor de beste , zoo echter dat zij altoos dc magt aan zich behielden , om in belangrijke zaken met algcmccnc stemmen te beslissen. Hunne vrijheidszucht blonk meest uit op de alge- mecne landdagen , op welke soms de vrouwen mede verschenen , nevens de edclstcn en bckwaamstcn der Landzalen. Dc plaats van bijeenkomst was in een bosch. In deze vergaderingen werden vrede en oorlog , of andere belangrijke zaken , aan het gemeen goedvinden onderworpen. Indien het gedane voorstel mishaagde werd dit met algemeen gemor t afgekeurd : behaagde het, dan werd zulks door het schudden der speren

aangetoond.

Hunne Oversten hadden hier geen meer gezag dan dc onderdanen, maar moesten zich naar dc meerderheid voegen. Dus werd dc staat door de voortreffelijksten met toestemming van het gemeen bestuurd , niet naar beschrevene wetten , maar alleen naar die der natuur en der gewoonte, welke bij deze volken van meer kracht waren, dan dc be- schrevene regten in andere landen. Toen echter de Romeinen deze lan- den overheerd hadden , hebben zij hun beschreven wetten leeren kennen.

TAAL.

De taal dezer volken was de oude Teutonisclie of Getmaamche , zijnde, naar men wil, na de Hebreeuwsche , de oudste; maar deze taal , van welke die der Duitschers, Nederlanders, D c c- ncn, Noorwegers, Zweden, Engelse hen, Schotten, enz. afstammen , is thans zoo zeer veranderd , dat geen dezer natiün , haar zonder aanleert' n verstaan kan.

HUWELIJKS- EN BEGRAFENISPLEGTIGHEDEN.

De jonge lieden trouwden niet beneden de twintig jaren. Jonge- lingen en jonge dochters van gelijke jaren en grootte werden gepaard. Dit geschiedde in tegenwoordigheid der wederzijdsche bloedverwanten , terwijl de man een koppel ossen, een getoomd paard, een zwaard, een werpspeer of een schild aan de vrouw tot eene huwelijksgift bragt , en dc vrouw ook ecnig wapentuig aan den bruidegom gaf. Deze huwe- lijksgaven konden dc vrouw steeds het mannelijk bestuur herinneren, waaraan zij zich onderwierp en waarnaar zij luisteren moest', even als een getoomd paard naar zijnen berijder ; den arbeid , welken zij met haren man , tot onderhoud van het huisgezin te verrigten had , even als een koppel ossen , die zamen den ploeg trekken ; en eindelijk het gevaar, dat zij, zoowel als de genoegens, met hem tc dcelcn had, zonder hem daarin te verlaten. Dc man werd daarentegen door de

Digitized by Google

I

HUWELIJKS- EN BEGRAFENISPEGTIGHBDEN. &

wapenen herinnerd , wat zijne roeping wat , en wat zjjne gezellin , die zich aan hem overgaf en toevertrouwde , van hem ebchen en ver- wachten kondc.

De lijken van beroemde mannen werden , nadat zij behoorlijk ge- reinigd waren , in hunne gewone kleederen met de wapenen , die de overledene het meest gewoon was te bezigen , somtijds ook met zijn strijdros , op cencn houtstapel verbrand , en daarvan de overgeblevene lieenderen met de asch in éénc of meer lijkbussen gedaan en met cenigc lijkpleglighcid bijgezet in een graf, dat onder heuvelen met aardzoden bedekt werd, en bij hen even dierbaar en heilig geacht was, als bij ons de graven, waarin de lijken van ome nabestaanden en vrienden in hun geheel opgenomen worden. Wccklagtcn en tranen l i -Uien spoe- dig bij hen op; smart en droefheid duurden lang. Het wcenen werd der vrouwen tot eer gerekend ; de herinnering der afgestorvenen be-

GODSDIENST.

In hunne godsdienst waren zij Heidenen , maar het bQgcloof en de afgoderij waren bij hen niet tot die hoogte gestegen , als bij andere volken. Zij hadden in de oudste tijden noch afgodsbeelden noch tempels, maar. daar zij het onbetamelijk oordeelden den oneindigen God tusüchen enge muren te besluiten , oefenden xij hunne godsdienst in de ojK*n lucht en in lmsschcn , aan hunne Goden toegewijd , waarin zij altaren van gnwtic zoden opgerigl hadden , op welke hunne Opper-Prics- ters of Druidsn niet allecu beesten , maar ook somtijds menschen offerden. Hunne voornaamste godheid schijnen zij Tbeutii of Tnnu- thates genoemd te hebben , en van hem rekenden de Germanen een- parig hunnen oorsprong , en werden daarom Thcutiskcn , Thcutschen of Jfuitschers gcheeten. De naam Thrctb wordt voor denzelfden gehouden als die, waarmede wij doorgaans het Opperwezen benoemen. Ook wil men , dat de nog tegenwoordig bij ons gebiuikt wordende namen van de dagen der week van de namen hunner godheden ontleend zijn. De twee eersten w aren namelijk aan de Zos en or. Maas , de tw cc voornaamste hemel- lichten , die door hen als godheden vereerd werden, toegewijd. De derde zoude naar Tva , den dapj»ercn strijdgod , Tyrtdag , verbogen Tievertdag , ook Erichsdag en Diesendag , later bij verbastering Dingt- dag he< ten (1). De vierde werd Woensdag oi Wodensdag genaamd, naar Wodas (hetwelk in het Slavonisch Leidsman bcteckent) , Woont of Modes, elders ook Oma of Arar* gcheeten, en naar wien onze voor- vaderen ook het zevengesternte den naam van Woont- of W oenswa- gen gaven. Donderdag zoude zoo eene verbaslering zijn van Tkorsdag , naar de godheid Tbor , bij de Friezen Stavo genoemd, die over den

(i) Z.e WxjTEXDonr, Verhandeling onr de vraag: Kene beknopt* «oordrafft van de Nnordifh» Mythologie, ontleend tt U de oor- tpronkelijke grdenkalukkcn en mot de aanwijzing van het ge- b r o j k , d a t hiervan in de Nederlandache dichtkunde aoude kun- nen ;en>iil< worden, medegedarld in de Nieuwe werken van de Miat.cl.appti der Nede r la c dar he Le 1 1 e r k n n d e t e Lcydeu, hl. 80. l i nrllr doorwrochte vt-rUudt ling xij , die omtrent de vroegere godarcreerhig onzer foorouderen onntandiR willen ingelicht aüu len «olie toldoening voor hunueu »«*Uj». Luunt-u vimJeii.

Digitized by Google

6 ALGEMEEN OVERZIGT

Hemd en het weder het opperbestuur had (1). Vrijdag , leidde men af van Fryöa of Freija , die sommigen voor dezelfde als Hertiu , moeder der aarde, houden , hoewel anderen haar met Vencs , de godin der Liefde , gelijk stellen , waarom die dag Vrijdag zoude gcheelcn xyn ; het is evenwel niet onwaarschijnlijk , dat men onder den naam Frtca, Frema of Hrrtha dc alvoedende en koeslereude nalnur verslond, die door hare milde gaven dc hoogste liefde voor hel menschdom ten toon spreidt. Aan welke godheid eehter de Zaturdag toegewijd was

is niet to bepalen. Velen spreken wel van eene godheid Sater of Skater , zonder te kunnen bewijzen , dat dc Germanen dien immer ver- eerd hebben , terwijl anderen het voor meer dan waarschijnlijk hou- den , dat de Zaturdag aldus genoemd zy , naar de Romcinsche god- heid Saturküs, die ook by dc Keilen hoog geëerd werd. Wij oor- deden echter , dat dc namen onzer dageu alle van Germaanschen oorsprong zijn, en vroeger bestonden, dan de komst der Romeinen in Dttitschland dagtcekent.

Zij hadden buitendien nog andere goden en bewezen ook godsdien- stige eer aan het vuur. Het is mogelijk , dat zij die mede aan Her- cules toebragtcn , . doch dit blijkt niet met zekerheid uit dc oude opschriften in het begin der 16de eeuw op het eiland Walcheren ge- vonden. Uit de steencn , met beelden en opschriften , aldaar opgedol- ven blijkt echter, dat men in dat eiland zekere Godin Neralevvia godsdienstig vereerd heeft. Het kan nogtans zijn , dat zij deze beide laatste godheden van dc Romeinen ontleend hebben.

Ten laatste begon bet licht van hel Evangelie hier , even als elders , door de duisternis van hel heidendom heen te breken. Men wil , dat om- streeks het jaar 200 reeds vele Christenen hier te lande ten brandstapel zouden gedoemd zijn; en ofschoon dc christelijke leer op eenige plaat- sen in dr Nederlanden werd gepredikt, waardoor vele inwoners het heidendom verlieten , waren er echter weinige volken , die langer Hei- denen bleven , dan die , welke destijds tot Friesland behoorden , daar deze zich met dc uiterste hardnekkigheid tegen het Christendom aankantten. Naar men wil zouden zekere Winfrid , die later Bisschop van York was , in C78 , en na hem zekere Willebrobd , in 690 , uit Engeland herwaarts overgekomen zy'n , om het Evangelie te prediken , maar , van wege dc hardnekkigheid der ongeloovigen , geen vrucht kunnende doen , vertrok deze laatste naar Rome , van waar hij in het iaar 697 weder terugkwam, als wanneer hy de eerste Bisschop -van Utrecht werd. Algemeen gelooft men , dat debewoners van Utrecht, Over ij ss cl, Holland, Gelderland en West friesland om- trent het jaar 700 , na Christcs geboorte , Christenen zyn geworden. Dc Friezen werden hiertoe echter eerst gedwongen door het lange zwaard van Karel de Groot e , die, Duitschland onder zijne magt gebragt heb- bende , in het jaar 778, Heer der Nederlanden werd.

Omtrent het jaar 1000 waren er in de Nederlanden nog by'na geene stecnen gehouwen of kerken , alsook gecne bemuurde steden. Dat hier dc eerste stecnen gebouwen gesticht zijn , om dc gevangenen des te zekerder te kunnen bewaren , is te vermoeden uit dc oude spreckwyzc : iemand gevangen leggen en houden op Gntreustcen of op den tteen ; terwyl er nog steden gevonden worden , waar de gevangenissen dien

(i) D«»t liirraan niet ie twijfelen valt, blijkt uit het Engchch . in welk* taal Di n g d a g nog Tueidij eu Donderdag oog T h u r d a y hceten.

Digitized by Google

GODSDIENST. 7

oiKk-n naam behoudan hebben , zoo als bijv. U Leydan, waar nog dc criminele gevangenis GraveUein heet , en te Antwerpen , waar eene binnenpoort, bij eenc voormalige gevangenis staande , nog de Steenpoort genoemd wordt. Omtrent dien tijd werd ook het klooster van St.Aibert te Egmond van hout opgetrokken , cn het duurde meer dan 100 jaren eer er , in geheel Nedeblaud een ander klooster te vinden was , tot dat er, na net jaar 1100 of 1200, hier en daar nog een gesticht werd ; maar van dien tijd af werden db Nedeblakdeü met abdijen , kloosters en kerken als bezaaid, lijnde er in honderd jaren tijds, namelijk in het laatst der twaalfde en het begin der dertiende eeuw , op onderscheidene plaatsen in db Nedeblaxdb* meer dan zestig ab- dijen geslicht en begiftigd, van welke ecnige van wallen, muren, torens , poorten eu grachten , voorzien waren , zoodat zij meer naar koninklijke sterkten , dau naar geestelijke gestichten geleken. Dcmecs- ten dezer gestichten , die nog ten tijde der kerkhervorming aanwezig waren, zijn destijds verwoest of later tot andere gebruiken ingcrigt (1).

DE NEDERLANDEN GEDURENDE DE MIDDELEEUWEN .

Hoe de hier bovenvermelde volkeren later te zamen gesmolten zijn , is niet stellig te bepalen , vermoedelijk is het , dat cenigc hunner , zich legen de alles overwinnende magt der Romeinen znamverbonden heb- bende., door verhuizing, samensmelting en onderlinge huwelijken tot eene natie geworden zijn; althans in de 6de eeuw vindt men ten Noorden van den Rijn geen ander volk, dan dat den naam droeg van Friezen, ent™ Zuiden van dien stroomde Batavieren vermeld.

Toen in het begin der vijfde eeuw Gatlië en andere Romcinsche wingewesten door de Alanen , dc Wandalen en de Sneven overstroomd werden, leden ook deze landen grootcn overlast. Men wil dat des- tijds de Suevcn zich in Zeeland hebben nedergezet , zoodat de naam Zeeuven, dien dc tegenwoordige bewoners van dat gewest nog dra- gen , van hen zoude ontleend zijn. In het jaar 410 kwamen deWestro- Golhen of Visi-Gothen , vergezeld van de Henden , de Sclaven en dc Willen, zich mede in Gallic , cn vermoedelijk ook in een gedeelte van deze landen nederslaan. Gedurende de oorlogen , die een noodzakelijk gevolg van dc overkomst dezer vreemde volken waren , wordt geen ge- wag gemaakt van dc Batavieren , eu later vindt men van alle de vroegere bewoners dezer landen alleen nog den naam van Friezen ver- meld , zoo als dan ook schier geheel Noord-Nedeblahd eenigen tijd onder den algemeenen naam van Fbieslakd is bekend geweest. Waar de Batavieren gebleven zijn is met geen zekerheid tc bepalen ; ver- moedelijk zijn zij gedeeltelijk in de Romcinsche legers versmolten , gedeeltelijk uit hun land gejaagd , en onder andere naburige volken verstrooid, gedeeltelijk melde volken, die zich in hun land vestigden , door huwelijken vermengd. Van sommige hunner oude krijgslieden

(t) Zij, die iet» meer omtrent de oude gebouwen onser rnoronderen wenechen te weten, leien de belangrijke, en 100 wel geeehreren Korte Schel» Y*n de oude gewoonte, om in houten gebouwen te wonen, en rin derseU er nrirrinj tot «toe» eu woningen, roomemel ijk in Groningen, *»n ooien geleerden medewerker Mr. II. O. Fmth , tefinden inde Bijdragen voor V* derla nd»che geschiedenis en oudheidkunde, rersameld eu «itg.gcTC* door J. A. N*norr, D. I. bi. aog-a55.

Digitized by Google

8 ALGEMEEN OVERZIGT.

weet men eohter, datztf in Gallic, van andere, dot omtrent den Donau , eenige lauden verkregen hebben , waar zy *wk vestigden.

Gedurende dit tydvak was het Romeinsche keizerrijk in een Oos- tersch en een Westerscn rijk verdeeld , die ieder hunne bijzondere Keizers hadden. Het Wcslerschc keizerrijk neigde, bij alle de oorlo- gen en onlusten , waardoor het onophoudelijk geschokt werd , ten val , en nam in 476 een volslagen einde, liet was vermoedelijk kort daarna , dat da Franken , de Saxers en andere naburige volken , on- der welke ook de bewoners dezer landen waren , aan Evarik , koning der Westro-Gothen, onderworpen werden , tenminste in zooverre, dat xtj hem eene soort van oppergexag over hen toekendeu. Ook ves- tigde zich omtrent dexen tijd de Frankische heerschappij, waaronder in 515 de Zcenwschc eilanden, benevens een gedeelte van Holland, mede begrepen waren, zelfs tot in Gallië. De veel- vuldige oorlogen , die de Frankische Koningen , zoowel onderling als met de naburige volken , voerden , gaf aan deze landen weinig rust. Ook voerden deze Vorsten onophoudelijk oorlog tegen de Frie- ten , waarin deze laaUten dikwijls bet onderspit moesten delven ; ten laatste werden xy , in 715, door Kakel Martel, zoodanig over- wonnen, dat hun Koning Radboud, by een verdrag, moest belo- ven de christclyke Godsdienst te zullen aannemen. Hij hield echter >yn woord niet , maar zijn opvolger Poppo gaf den Evangeliepredikers volkomen vryheid om hunne leer voort te planten. Later echter het verbond , door xynen vader aangegaan , verbrekende , stond hij tegen de Franken op, maar dit was van zeer slechte gevolgen, want hy sneuvelde, en xyne onderdanen moesten zich geheel on- derwerpen , nadat zij hunne landen hadden zien verwoesten , en de afgodische tempels uitgeroeid waren. Nadat Karel de Groote, in het jaar 768, aan het hoofd der Frankische hcerschappy gekomen was , hield hij niet alleen de Friezen door eene gestrenge behande- ling onder het juk , maar onderwierp ook vele andere volken , met welke hy , in het begin der negende eeuw , nadat hy den titel van Keizer aangenomen had , een verdrag aanging, volgens hetwelk zy voortaan met de Franken , welke naam allengs tot dien van Fran- schen verzacht werd , als één volk zouden aangemerkt en door den- selfdcn Vorst geregeerd worden. Bij deze gelegenheid verkregen de Friezen, in 775, van den Keizer, die hun eenige algemeene wetten gaf , of de oude verbeterde , den eernaam van Vrije Friezen , ofschoon zij, tot op den tyd der regering van 's Keizers zoon, Lodewmk de V rome, van het regt op hun vaderlijk erfgoed, hetwelk bij de laatste onderwerping was verbeurd verklaard, verstoken bleven.

In de negende eeuw, toen de zoons van Keizer Lodewuk de Vromé dc drie rijken van Duitschland, Frankrijk cn Italië onder elkander verdeelden, ontstond er tusschen Duitschland en Frankrijk een nieuw koningrijk , dat het Lotharingsche rijk genoemd werd. LTct strekte zich uit van de Middellandschc zee , tusschen de Rhóne , den Rijn , de Maas cn de Schelde , tot aan de Noordzee j xoodat er een groot gedeelte der Nederlaüdek onder begrepen was. Niet lang daarna werd dit Lotharingtche rijk weder in twee deelen gescheiden , waarvan het zuide- lijkste Burgundië of Bourgondië f het noordelijkste Auslrasië of Oost- frankrijk genoemd werd. Dit Auslrasië waarloc ook het mecrendeel der NederlanWsr behoorde , hield echter niet lang stand , maar verviel tot kleine provinciën, die ten deele hertogdommen, ten deele graaf- schappen , ten deele heerlijkheden waren.

Digitized by Google

DE NEDERLANDEN GEDURENDE DE MIDDELEEUWEN. 9

Gedurende de negende eeuw , en wel bijzonder Tan het jaar 83C^ lot het jaar 860 , hadden deze landen veel Tan de gedurige strooperijen der Deencn en andere Noordsche volken , gemeenlijk onder den naam van Noormannen bekend, en de daaruit ontstane oorlogen, te lijden. Nadat het land van deze lastige bezoekers vcrloit was , werd zekere Gerolp , een Friesche Graaf, die mede door den Deenschen Koning , Godevaart , van zijn land berooid was , in zijne bezittingen hersteld j en deze was, naar men meent, de vader van dien Dies of Diederik, aan wien Koning Kar et de Eenvoudige, ten jare92i, bij opene brie- ven ceuige allotliale goederen opdroeg , en dien men diensvolgens al- gemeen voor den eersten Graai' van Holland houdt , welke den naam van Dm» voerde (l).

DE NEDERLANDEN ONDER DE OüSTENRUKSCHE

VORSTEN.

Al» nu eindelijk bijna alle de Nederlanden , door onderscheidene hu- welijken , onder het gebied van Karel de Stoute, Hertog van Hour- gondië gekomen waren , vormde deze het ontwerp om ze tot een ko- ningrijk te maken, dat den naam van het Koningrijk Boorgondib zoude dragen. Hierin zoude Keizer Frederik III , hem vermoedelijk te wille geweest zijn, indien Karei, niet geweigerd had , zijne dochter Maria aan 's Keizers zoon Maxiriliaan, met wien zij evenwel na haan vaders dood getrouwd is , ten huwelijk te geven. De oprigting van het gezegde koningrijk zoude evenwel veel moeite gekost hebben, omdat ieder land zijne bijzondere regtcn, wetten en privilegiën had, en daarenboven nimmer aan zijnen Vorst ecne andere dan bepaalde nxagt zon hebben willen toestaan. Nadat Karei de Stoute , ten jare 1477 , iu ecnen veldslag bij Nancy, gesneuveld was , zonder mannelijke erfgenamen na te laten , vervielen de Nederlanden aan zijne dochter Maria van Bocrcondik , die ze , door haar huwelijk met Maxiriliaan , Aartshertog van Oottenrijk , onder het huis van Oostenrijk en alzoo vervolgens onder Spanje's Vorsten bragt.

Het gehecle ligchaam bestond toen uit 17 gewesten , zijnde vier hertogdommen: Braband, Limburg, Luxemburg en Gel- derland; zeven graafschappen : Vlaanderen, Artois, Hene- gouwen, Holland, Zeeland, Namen en Zutpben; vijf heerlijkheden : Friesland, Utrecht, Overijssel, Gro- ningen en Meehelen; een Markg raafschap Antwerpen, be- nevens het landschap Drenthe, dat destijds meestal tot Groningen gerekend werd.

Keizer Karel V, aan wien het meerendeel dezer landen van zijnen vader Filifs de Schoone, den zoon van gezegde Vrouw Maria ge- komen w as , wist ook de overigs onder zijne magt te krijgen ; zoodat alle de Nederlanden in de 16de cenw onder de heerschappij van het huis tan Oostenrijk stonden. Daar deze landen aanzienlijke voorreg- trn en vrijheden van hunne vorige hrcren verkregen hadden , vond hij zirh vcrpligt, volgens de gewoonte der landshecren, bij zijne tnhul-

(i) *»ugroea n* Nedï.hl.iiidsc>ie crwr.sTiss, 100 lang xij door bijzondere Uerlo- £»n , Grami cn*. fpcrcgrerj werden, ook. ^ehurl bijzoudero belanden hadden , zullen "il de (ktihjedrui» raa dat tijdvak, voor iedere provincie, in het woordenboek, <V du art.. aUonderlijk behandelen.

ALGEMEEN OVERZIGT.

«liging , Slaton der Landen ta zworen , dat hij hen bij hunne

voornoten en vrijheden zoude handhaven , waardoor hij slechts cena , door de wellen bepaalde , oppermagt over deze landen verkreeg. Maar deze Vorst was te magtig en te heerschzuchtig om zich naet een be- paalil oppergezag over de Nederlanden te vergenoegen. Ten einde daar- over eene volstrekte en bepaalde oppermagt te bekomen, begon hij de bezworene voorregten te schenden en de Nederlanders, die niet gewoon waren grootc lasten te dragen , zware schattingen op te leggen , het- geen iij echter geduldig . ofschoon al zuchtende , verdroegen. Maar toen omtrent hel jaar 1322 de Hervormde godsdienst in de Nederlander veld begon te winnen, oordeelde Karel zulks niet te moeten gedogen. Oiu alzoo den voortgang hiervan te stuiten , deed hij zeer gestrenge plakkaten tegen de Onroomschcn afkondigen. Zij , die bevonden werden der Hervorming toegedaan te zijn , werden ten zwaarde verwezen , en de Onroomscbc Predikanten ten vure gedoemd , zelfs bestond hij in deze plakkaten te zeggen , dat zij moesten nageleefd worden , on- aangezien alle voorregten , wetten en gewoonten , daarmede strijdende , als welke hy verklaarde in zoo verre te niette doen. Daar men nu wist, dal zijn zoon en erfgenaam , een Spanjaard van geboorte en opvoeding , ruim zoo hcerschzuclitig en veel geslrenger , dan hij , was , werden dc Nederlanders tegen het hof van Spanje verbitterd. Karel , die altoos zeer bemind geweest was , nu ziende , dat de gemoederen zich van hem vervreemden ; dat hem alles begon tegen te loopen ; en dat zijn oog- merk om de Onroomscbc godsdienst uit te roeijen en eene onbepaalds regering in de Nederlanden in te voeren , niet zoude gelukken , besloot zich in een klooster te begeven , en de regering over deze landen aan zijnen zoon Filips op te dragen , hetwelk hij in 1533 deed. Deze zoon , die in dc Nederlanden , boven welke hij aan Spanje de voorkeur gaf, in de geschiedenis , meest onder den naam van Filips II, bekend is, aangezien hij als Koning van Spanje dc tweede van dien naam was, droeg den Nederlandcrcn nog minder genegenheid toe , en betoonde zich nog meer vooringenomen tegen dc zoogenaamde ketters en tegen de voorregten des lands , zoodat hij den Nedcrlandschcn Adel , die door getrouwe raad- gevingen den Vorst tot matiging der vervolging raadde, met den nek aanzagen in 1539 dit land verliet, over hetwelk hij Margaretha , Hertogin van Parma , eene natuurlijke dochter van Karel V, tot Land- voogdes benoemde, terwijl tyj , bij een geheim bevel, de klem der regering in banden liet van den Kardinaal de Granvelle , een heersen- zuchtig , doortrapt en trotsch man , die de gemoederen nog meer van Filips verwijderde. De invoering van het concilie van T rente , en het aanstellen van nieuwe Bisschoppen , zoo strijdig met 's lands voorregten , om door dit middel den gewetensdwang voort te zetten , verbitterden de gemoederen nog meer. Omtrent drie honderd Edelen, met den Heer van Brederode aan het hoofd , verzochten in 1566 schor- sing van dc inquisitie en der gestrenge plakkaten. De Landvoogdes gaf hun uitstellend antwoord, en wist het verbond, dat zij onderling aangegaan hadden , eerlang zoodanig te verzwakken , dat het te eenc- male verbroken werd. Nu zagen de voornaamste Edelen en Heeren zich genoodzaakt het land te ruimen. De Onroomschcn begonnen nogtans openlijk te prediken cn dc l>ccldcnstorm nam een aanvang. Toen ver- klaarde men , in Spanje , de Nederlanden vervallen van hunne voorregten , cn de Hertog van Alva werd, in 1367, met een maglig leger derwaarts gezon- den , om die landen door dc wapenen als op nieuw te heroveren , de te- genstrevers des Konings te straffen cn de zoogenaamde ketters , te vuur

Digitized by Googl

DE NEDERL. ONDER DE OOSTENWJKSCHE VORSTEN. 11

en tc zwaard , te vervolgen. Hij kweet zich don ook met du grootste ge- strengheid van dezen last, beval het onderzoek der keilers, beeldstor- mer» en andere zoogenaamde oprocrigen aan eenen Raad van Beroerte, die zoo wreedaardig handelde inel elk . dien men van ketlcrij verdaeht hield, dal hij weldra den naam van bloetlraurf bekwam , en de Ne- derlander» niet ander» dan den ondergang van godsdienst en bur- gerstaat te gemoet zagen. De Graven van Eghond en van Hoorde wer- den te Brussel openlijk onthalsd. De oud adellijke Hoeren vak Baten- bcrg en anderen oudergingen hetzelfde lot. Den Prins van Oranje, Graaf Lodkwtijk van Nassau en andere Edelen deed men indagen ei» hunne goederen werden verbeurd verklaard. Ondragelijke sehatlingen werden den volke afgeperst. Alva eisehtc eens den honderdsten pen- ning van alle roerende en onroerende goederen , eu voor altoos den tienden van alle roerende , en den Iwinligsleu van alle onroerende goe- deren, zoo dikwijls deze vcrkoehl werden. Die weigerden, of het land nitgingen , werden met verbeurdverklaring hunner voorreglen gestraft. Aloude en van Filips zei ven bezworen wellen braglen niets loe, om deze onregtvaardighcid tc stuiten. Men beweerde, dal de Raad van Beroerte niet volgens 's Lands wetten , maar over de deugdelijkheid dier wetten moest oordeelen ; terwijl alle provinciën en steden bevel kregen, om hare oude gebruiken, wetten en voorregten voor den Raad open tc leggen , ondat deze die , of bevestigen , of alle kraehl benemen zoude. Dit alles bragt in de voornaamste sleden geen gering verloop van nering en handel tc weeg. De beste burgers en ook vele land- bewoners weken ten lande uit, maar de adel en de Regeringen van onderscheidene steden sloegen de handen in een , om de Stalen van Holland te bewegen, aan Prins Willes va* Oranje, die tevoren reeds , op 's Konings naam , het stadhouderschap over hunne provincie gevoerd had , nu uil hunnen eigen naam die waardigheid op te dragen. Men verhond zich onderling , om Alva's wreedheid en de wettclooze heersch- zucht der Spanjaarden met alle niagt tc keer te gaan. Vele Edelen vervoegden zich hij het leger van den IVuis van Oranje en bij dat van zijne broeders. Graaf Lodlw ijk bcmagligde eerlang Bergen in Henegou- wen door list, maar werd , nadat cene schitterende overwinning bij het klooster Ie Hciligcrlcc, in Groningerland, waar Adol* van Nassau en de Graaf van Aresberg sneuvelden, behaald was, te Jenigum in Oostfriesland, door de Spanjaarden onder Alta , geslagen. De Prins tam Oranje kwam mol een aanzienlijk leger uit Duitsch- land , en trok daarmede over de Maas , om de Nederlanden tc verlossen ; maar dc krijgskundige Alva wist het zoo Ic beleggen, dat de Prins zijn leger uit gebrek moest afdanken en hij zelf naar Duitschland terug keeren. Nu meende Alta deze landen onder dc knie gebragt tc hebben, maar in 1572 begonnen de zaken schielijk van gedaante tc veranderen , want de Zecuwscne en Hollandschc zeelieden , die zich ter kaapvaart uit- gerust hadden , en onderden naam van Watergeuzen in dc geschiedenis bekend staan , tastten, den 1 April van dat jaar, de stad B ri cll c aan en maakten zich van die ha\cn meester. hein-een ten «rovoljïc bad, dat weldra

O UW'

eenigc Zecuwschcen Zuid hollandschc steden en geheel Noord -Holland den Spanjaarden af- en Oranje toevielen. Dc Spanjaarden belegerden nu onderscheidene sleden , die , w elke zy over- meesterden , werden op dc gruwelijkste wijze uitgeplunderd. Zoo ston- den Rotterdam, Zulphcn, N aarden en Haarlem hunne wrredheid ten doel; maar voor A 1 k m a a r stieten zij het hoofd. Hierop verliet Alva het land, na gedurende dc6 jaren tijds, dat hij zich '

Digitized by Google

I

13 ALGEMEEN OVERZIGT.

Ic lande had opgehouden, 18,000 menschen door beulthanden te hebben doen ombrengen. Pon Louw db Rbovesems, zijn opvolger, deed in- Vili Levdcn te vergeefs belegeren , maar overleed twee jaren later aan de pest, hetwelk eene gunstige verandering in 's lands zaken te weeg1 bragt. Oranje arbeidde nu aan eene algemeenc vereeniging der provin- ciën , die , op den 8 November 1576, te Gent tot stand kwam , en onder den naam van Pacificatie van Gent of Gentsche Bevrediging , in de ge- schiedenis, bekeud is. Men verbond zich daarbij onderling , om het uit- heemsche krijgsvolk te noodzaken , het land te verlaten j niet* te onder- nemen tegen de Roomsche godsdienst; en de geloofszaken te laten in den staat, waarin zij waren, tot dat daarop door de Staten van alle dc provinciën nader orde gesteld was. Dou Juan van Oostenrijk. , een na- tuurlijke'zoon van Keizer Kakel V, inmiddels in de plaats van Reqceseks tot Landvoogd aangesteld , en te Luxembnrg aangekomen zijnde , toonde zich genegen ; om de Gentsche Bevrediging na te leven. Hij sloot een eeuwig edict met de Staten des Lands, Maartoe de Hollan- ders en Zeeuwen , op aanraden van den Prins van Oranje niet wilden toetreden , aangezien men de loosheid van Don Juan mistrouwde. Dat dit mistrouwen niet ongegrond was, bleek weldra , toen hij, niet lang na zijne openlijke intrede binnen Brussel , zich van het kasteel van Namen verzekerde. Velen hadden destyds gaarne aan Oranje de Landvoogdij over de Nederlanden toevertrouwd, maar de meeste pro- vinciën ontboden Matthias, Aartshertog tan Oostenrijk } en Broeder van Keizer Rcdolf, heimelijk van Wcencn, en droegen hem de landvoogdij op , mits hij den Prins van Oranje tot zijnen Stedehouder over alle de gewesten aanstelde, zoo hls hij dan ook deed. Daar Don Juan uit da verkiezing van den Aartshertog zeer goed bespeurde , dat hij den Land- zaten tegen was, maakte hij zware toebereidselen ten oorloge, waarin de Staten van hunnen kant niet achterlijk bleven. Men ontnam elk- ander verscheidene sterke steden en Don Jcan won den slag bij Gcmblours, op den laats ten Januarij 1878. Dc Staten , ziende dat het land van de regering des Aartshertogen weinig nnt trok , besloten het opperge- zag aan Frans Herciles , Hertog tan Anjou, tweeden zoon van Hendrik II , Koning ran Frankrijk } op te dragen. Deze, onder den naam van Beschcrmcrdcr Nedcrlandsche Vrijheid, herwaart* overgekomen , bemng- tigde eenige steden in Henegouwen. Toen hij echter binnen weinige jaren zijne hecrschzuchlige aanslagen ontdekt zag , keerde hij , vol spijt over den schimp der Landzaten , naar Frankrijk terug ; terwijl de Aartshertog Mattbias , bespeurende, dat hij dc Staten over de hand was , in het jaar 1581 mede het land verliet.

Don Jcan, reeds drie jaren vroeger in zijn leger bij Namen overleden zijnde, was door Alexandeq Farneze , Hertog ran 1'arma, in de land- voogdij opgevolgd. Deze stelde alles in het werk , om eene scheuring' tusschen de verbondene Stalen te bewerken, hetwelk hem eindelijk ge- lukte , doordien Waalsch Vlaanderen, Artois, Henegou- wen, N a m e n , L n x e m b u r g cn Limburg zich , onderden naam van Malcontenten of Misnoegden , voor den Koning van Spanje ver- klaarden , en alzoo dc pacificatie van Gent verbraken , waardoor het geschapen stond, dat Parüa eerlang alles in zijne magt zoude krijgen. Maar Oranje spande , ten einde dit te voorkomen , alle zijne krachten in . om een nieuw cn vaster verbond te sluiten tusschen de provinciën , die zich aan dc Gentsche bevrediging gehouden hadden , en dit had ten gevolge, dat zeven der Nedcrlandsche gewesten zich tot een ligcliaam verecuigdtn en in het jaar 1579 het beroemde verbond slolen , het-

Digitized by Google

BOÜRG. EN OOSTENIUJKSCHE VORSTEN. 1*

wolk, ia de geschieden is , onder den naam van Unie van Utrecht bekend staat.

UNIE VAN UTRECHT.

Deze t'nic werd den 23 Januarij 1579 getcckend door Graaf Ja* t»j Nassau, die cr dc ontwerper van was, als Stadhouder van Gelder cn Zij lp hen, en door vier gcuiagtigden , uit dc ridderschap dier twee gewesten, maar het liep aan tot in Maart, eer dc gematigden der ridderschap van liet Nijmccgsehe kwartier en der stad N ij - m c g e ii , benevens gemagtigdeu der ridderschap en der groote cn kleine sledcu van het Arnhcinsche kwartier, de Unie on- derschreven , cn tot in April , eer die van V c n 1 o , daartoe gemagtigd werden. Ook werd de Unie op denzelfdcn 23 Jannarij geteekend door gemagtigden van Holland, Zeeland, Utrecht cn dc G r o- ninger Ommelanden, hebbende de stad Groningen, waar- schijnlijk uit ongenoegen tegen dc Ommelanden, gecne gemag- tigden te U t r c c h t gezonden , hoewel xij den 11 Julij van dat jaar in de Unie toestemde , cn die door den Graaf ya* Re.yhesbebg liet teekencn. Destijds werd Westerwolde nog niet tot die provincie gerekend ; het maakte toen eene leenroerige heerlijkheid uit , welke eerst sedert 1619, wanneer het door de slad Groningen werd aangekocht , aan de provincie is toegevoegd.

De Friesche steden: Leeuwarden, Sneek en F r a- neker, benevens eenige grietmannen en edelen , namen in Maart het verbond aan. Verscheidene andere Friesche steden volgden niet voor den 1 Junij , en H a r 1 i n g c n gaf zelfs eerst den 14 Augustus last tot de onderteckening.

Overijssel verklaarde in Augustus deszelfden jaars zich onaf- scheidelijk aan dc Algemeene Staten te zullen houden.

Drenthe tcckendc dc Unie den 11 April 1580, hoewel het nim- mer als een lid van staat beschouwd is, cn alzoo gecne gedeputeerden m de Staten Generaal , Raad van Stalen enz. zond , maar het stond als een afzonderlijk landschap , onder dc bescherming van de Republiek

MB VebEEMGDE NeDEBLASDEN.

De Unie bestond toen alzoo uit dc provinciën Gelderland, («aaronder ook Z u t p h e n begrepen was) , Holland, Zeeland, Utrecht, Friesland, Overijssel cn Slad en Lande; want Gent, IJ peren, Antwerpen, Breda, Brugge en !><*t Land van dc V rijen, allen welken van tijd tot tijd in de Itrtchtsche Unie traden , hebben weinig of geen deel aan de regering gehad.

Later, en wel in 1586, door het overgaan van Ven lo aan Paska, is het gedeelte van Oppcr-Gelder , dat in dc Unie gestemd had , daar- van afgescheurd cn met afwisselenden kans door Spanje bezeten , tot dat het bij het traktaat van 1715 weder aan de Staten der Vekeemigde NiDtBLASDE* kwam , die deze landstreek tot dc Generaliteits- landen rekenden, onder welken naam men, in het algemeen, die landen verstond , welke , na het sluiten der Unie , door verovering *ls anders, aan de republiek gekomen waren.

REGERINGSVORM VAN DE REPUBLIEK DER VEREENIGDE

NEDERLANDEN.

In het bondgenootschap der Vebebmgde Nedeblajdex werd elk gewest , *at bet huishoudelijke betrof, als ccn op zich zelf staand gcmccncbcst

14

ALGEMEEN OVERZIGT.

door eencn eigen regeringsvorm bestuurd , welke als oene vcrmeoging

van de regering der voornaamste]] en die des volks kondc worden aangemerkt. Üok bestonden de voornaamste steden als gcmccncbesten op zich zeiven en oefenden bet Souvcrcinilcitsregt oppermatig uit. Dc meesten hadden hare bijzondere voorregten van dc Hertogen , Graven en Hceren ontvangen , welke die voorreglen , hetzij voor gedane dien- sten , hetzij voor vergunde beden of groolc geldsommen , hadden toe- gestaan , verder uitgebreid of bevestigd.

Zoo was dc geschapenheid der provinciën inwendig, maar naar bui- len was de Oppermagtige Regering of dc Hooge Souvereinileit des lands in handen der Stalen Generaal, die den titel van Hoog Mogende Heeren, de Staten-generaal der Vereenigde Nederlanden f voerden , en bestond uit Afgevaardigden der Zevem VrnEEMr,DE Gewesten , die hunne vergade- ring te 'sGravenhage hielden. Tot dezo vergadering, waarin ook naderhand de Stadhouder zitting had , niogl elke provincie zoo vele Afgevaardigden zenden , als zij goed vond. Hunne Hoog Mogenden ver- gaderden het geheelc jaar door , zonder vacantién te houden , en de voorzitting wisselde alle weken , volgens den rang der gewesten , af. In deze vergadering werden de gemeene landszaken als : godsdienst , koophandel, vrede cn oorlog, alsmede dc verbindtcnissen met vreemde Mogendheden enz. afgedaan. Ook voerde zij het opperste gebied over de Generaliteitslanden. Het wapen van Hun Hoog-Mogcnden was een klimmende leeuw van goud op een veld van keel (rood) , houdende in den eenen poot cenen bundel van zeven pijlen , in den anderen een zwaard . en hebbende eenc gouden kroon op het hoofd ; onder het wa- penschild , met eene koninklijke kroon bedekt , stond de zinspreuk : Coucordia res jmrrae crescunt, d. i. Eetidragt maakt magl.

Behalve dit hooge kollegie , bestond er nog een tweede , onder den naam van Raad ran Slaie , beslaande uit den Stadhouder cn twaalf leden of afgevaardigden van de Staten der provinciën , als : één we- gens Gelderland, drie wegens Holland, twee wegens Zeeland, één wegens U t r e c h t , twee wegens Friesland, een wegens O v c r- ijsscl en twee wegens Stad en Lande. Aan dit kollegie waren alle zaken van oorlog , zoo als : het bestuur over dc landmagt , het opzigt over dc vestingen , bet visiteren der magazijnen en het ver- sehatTen van krijgsbehoeften aanbevolen. Het besloot bij meerderheid van stemmen der leden , cn niet zoo als dc vergadering der Staten Generaal, bij meerderheid der gewesten.

Het bestuur over «le geldmiddelen was toebetrouwd aan een derde kollegie, dat den titel voerde van Generaliteits-Rekenkamer, cn uit veertien leden , twee uit iedere provincie , bestond. Dit kollegie hield, even als de Raad van State , waarmede het in een naauw verband stond, zijne gewone zittingen te 's G r a v e n h a ge.

Hel bewind over de zeemagt van bet gemeenebest was aan de Ad- miraliteit toevertrouwd, aan welke, als zoodanig, dc beveiliging der koopvaardijschepen ter zee en de bescherming der havens en stroomen was opgedragen. Deze Admiraliteit was gevestigd in de provinciën Holland, Z e e 1 a n d en F r i c s 1 a n d , cn > erdeeld in vijf kamers, nis : de A d m i r a 1 i t e i t o p do M a z e , of de Kamer Rotterdam, de Admiraliteit van Amsterdam, de Kamcr-Hoorn-en- de-Kam er - Enkhuizen, of de Admiraliteit van het Noorderkwartier, de Admiraliteit van Zeeland of de Kamer Middelburg, cn dc Admiraliteit van Fries- land of de Kamer Harlingen. Dc leden van deze Admirali-

Digitized by Google

REGERINGSVORM DER REPURLIKK. 1*

terts kamers , die den titel van Edel Mogende II eer m Toerden , ontvin- gen hunne kommissiën cn instructicn van wcge Hun Hoogmogende t als hunne meesters.

Op deze wijze is dc Republiek der Vereekigde Nederlander , sedert de Ütrechtschc Unie van 1579, waarhij het bestuur van elk gewest op den vorigen voet hleef, tot op de grootc Staatsomwenteling in 17915, en dus gedurende een tijdvak van 216 jaren , bestuurd geworden ; in welk tijdvak , cn wel voornamelijk in het eerste begin en op het midden, het gcniecnebest tot eer, aanzien, luister en rijkdom opklom, en onder de voornaamste zeemogendheden van Europa geleld werd.

GESCHIEDENIS DER REPUBLIEK TOT AAN DEN MÜNSTER-

SCIIEN VREDE.

Dadelijk na het sluiten der Unie tan Utrecht, was men op mid- delen bedacht, om 's lands vrijheid op hechter grondslagen te vestigen. Hierin ontmoette men schier onoverkomelijke zwarigheden ; want Pabha stelde alles in het werk , om *s Konings belangen in de Neder- iakde* te bevorderen. Zijn leger was wel voorzien van dappere krijgslieden en geld , waarvan hij zich zeer goed wist te bedienen , zoo tot het verrassen , als tot het orakoopen van steden. Dc Ver- cntGDE Provinciën waren daarentegen uitgeput van middelen en tonder krijgsvolk ; terwijl zij bovendien , in het geheim , verschil- lende doeleinden beoogden. De Koning van Spanje ziende , hoe alles op den Prins va* Oranje-Nassac rustte , wist te bewerken , dat de Paus hem in den ban deed , terwijl hij zelf hem vogelvrij verklaarde. De verbittering tegen den Koning nam intusschen zoodanig toe , dat men hem, den 21 Augustus 1581 , openlijk afzwoer en van alle regtcn op deze landen vervallen verklaarde. Paria maakte zich meester van on- derscheidene steden , en Oranje , die in het jaar 11582, te Antwerpen door zekeren Jean Jeacregui, met een pistool door het kakebeen ge- schoten en gelukkig daarvan genezen was , werd ruim twee jaren later, in den ouderdom van bijna 02 jaren , terwijl men het bijna eens was, om hem de hooge overheid over H o 1 1 a n d op te dragen , door Rm trazar Gerards te Delft doorschoten. Deze noodlottige gebeurtenis hragt het Land in de uiterste verlegenheid. De Staten besloten alzoo dc Heer- schappij over deze Landen aan den Koning van Frankrijk op te dra-

En , die echter dit aanbod afsloeg. Men wendde zich vervolgens toj iz abt.tr , Koningin van Engeland , die wel dc Opperheerschappij van de hand wees , maar toch aannam , de Nederlanden te beschermen , en tot dat einde een verdrag met de Staten aanging , waarbij B r i c 1 1 e , Vlissingen er. Ra mmeken s aan haar verpand werden , terwijl zij in 1585, Robbert Düdlet , Graaf van Leicester , met geld en krijgsvolk herwaarts zond. Graaf Macrits van Nassau , de tweede zoon van Willek I , Prins van Oranje , was wel dadelijk na den dood zijns vaders tot Stadhou- der van Holland en Zeeland benoemd , maar moest , na de overkomst van Leicester , aan dezen al het g<*zag van dat aanzienlijk ambt afstaan. Luchter , wel verre van den vervallen staat te redden , hielp alles nog meer in de war. Zijne trotsrhheid was daarenboven voor het volk onTerdragelijk ; hier kwam nog bij , dat de Engelsche Bevelhebbers , die tij in eenige Gel d ers c he sleden aangesteld had, dc hun toebctrouwde >«tingen trouwloos aan dc Spanjaarden verkochten , terwijl hij , in plaats vao bunne misdaad te straffen, die zocht te vergoelijken. Dan te {/«Her uur, werd hij, na ongeveer twee jaren hier te lande te xyo ver-

16 ALGEMEEN OVERZIGT.

bleven , door de Koningin , terug ontboden , waardoor Graaf Maobjts het opperbevel over de legers der Algcnaecuc Staten in handen kreeg , terwijl hij tevens in 1585 Stadhouder van üolland en Zeeland, en in 11590 van Utrecht en Overijssel werd , en zijn neef Graaf Willes Lodewijk vau Nassaü , die dat ambt in F r i es 1 a n d sedert 1584 en in Groningen sedert 1594 bekleedde, als Veldmaarschalk bij het leger van den staat werd aangesteld.

Deze beide uitmuntende Ycldheeren deden Pahra alom/nc grootc af- breuk. Vele steden werden hem ontnomen en voor andere stiet hy hel hoofd ; zoodat de zaken der Staten zich allengs in ecnen beteren plooi begonnen te schikken. De kooplieden , die vroeger uit de nog in s vijands magt zyndc steden cn landen waren geweken , begaven zich , na het hernemen daarvan door de Staten , met der woon naar hunne vo- rige woonplaatsen terug , werwaarts de handel en welvaart van alle kan- ten been vloeiden. Dit Lragt penningen in 's lands schatkist , tcrwyl die der provinciën aanzienlijk gevuld werden door het sacculariseren der kloostergoederen .

Toen Parma in het jaar 1592 overleden was, werd de Landvoogdij wel by voorraad aan Pieter Ernst , Grave ran Mansfeldt , opgedragen , maar, twee jaren later, kwam de Aartshertog Ernst vat» Oostenrijk, broeder van Keizer Rcdolp , in de Nederlanden , om de Landvoogdij op zich te nemen. Hij zocht de Staten met Koning Filips te bevredigen, doende te dien einde groote beloften ; maar , aangezien de Spanjaarden bet er onder de hand op toelegden , om Graaf Ma i' mts en zijnen broeder Freoerik Hendrik van kant te maken , bespeurde men maar al te wel, hoe weinig slaat er op schoone woorden te maken was. De Aartshertog stierf in het begin des jaars 1595 en werd opgevolgd door zijnen broeder , den Aartshertog Albertus , aan wicn Koning Filips , in het jaar 1598, zijne dochter Isabella Clara Eugenia ten huwclyk gaf, terwijl zij de Nederlanden tot ecnen bruidschat ontving. Albertus trok naar Spanje, tol voltrekking van zijn huwelijk. Terwijl hij op weg was, o^erleed Filips II, Koning van Spanje, en werd door zijnen zoon Filips III opgevolgd. De Aartshertog en de Infante kwamen, het >olgendc jaar, in de Nederlanden terug, waar zij de schatkist zoo uitgeput vonden , dat zij , buiten staat om het krijgs- volk te voldoen, zien moesten, dat het aan het muiten sloeg.

Maürits . zijn voordeel met deze onlusten willende doen , maakte zich meester van cenige vestingen. Behalve dezen voorspoed in den oorlog, biocide de koophandel in de Vebeenicde Nederlanden zoo zeer , dat men, in 1602, besloot , de vermaarde Oost-Indisch cCompagnie op te riglcn , die ondernemingen deed , welke ver boven elks verwachting uitvielen. Dc belegeringen werden in de volgende jaren , van weers- kanten, met aanmerkelijk voordeel voor dc Staten, voortgezet, totdat de Spanjaard , door zoo langdurigen oorlog uitgeput en buiten adem gebragt , voorslagen van vrede begon le doen cn aanbood , om met de Vereenicde Provinciën, als met enicn vrijen en onafhankelijken Staat, te willen handelen , waartoe men binnen 's Graven hagc bijeenkwam. De Aartshertogen Albertis en Isabella eisehtcn dc vrije oefening van dc Roomsche godsdienst, in dc Vereenicde Nfderlanden, cn dc Staten begeerden dc vrije vaart op de Indien. Wcdcrkecrig wilde men elkanders cisch niet inwilligen. De Vredehandeling werd daarop afgebroken, en begonnen wapenschorsing veranderde in een bestand , dat den 9 April 1C0O te Antwerpen , voor twaalf jaren , werd aangegaan , en in welks eerste arti- kel , Filips III cn dc Aartshertogen dc Vereenicde Nederlanden voor vrij cn onafhankelijk verklaarden , waarvoor zij, van dien tijd af, overal

Digitized by Google

UESCHIFD TOT AAN DEN MUNST. VREDE.

*

17

erkend zijn. Men ontving dc Afgezanten der Staten aan vreemde hoven. £lk was genegen , om verbonden met hen aan te gaan , terwijl de koophandel dezen Landen eeiicu rijkdom van uitheemsche goederen aan- bragt. De Staat klom , gedurende het bestand , tot zulk eenen trap van grootheid, dat men sedert uaauwelijks eenen hoogeren gekend heeft. De steden , die aan de Engelschen verpand waren , werden weder ingelost, cn men ontsloeg lich van alle afhankelijkheid van vreemde Mogendheden.

Inwendig ontstonden er echter groote oneen igheden over eenige ge- loofspunten in de Gereformeerde kerk , waaruit de tweespalt tusschen de Remonstranten cn de Contraremonstranten haren oorsprong nam. Prins Miubjts hield het met dc laatslcn. Dc eersten hadden onder- scheidene voorname voorstanders, en onder dezen Jobaw van Oldbnbar- mevf.ld , Advocaat van Holland, Rossom Hocbbbebts , Pensionaris van h e y d c n en Hl &o de Ghoot , Pensionaris van Rotterdam. De verschil- lende partijen kwamen wel onderling byeen , maar tonder vrucht. De Staten van Holland legden er zich sterk op toe , om ze tot eene onder- linge verdraagzaamheid over te halen , waarin de Remonstranten wel zouden toegestemd hebben , maar men konde er de andere partij niet toe overhalen. Het Land geraakte in tusschen alom me in rep cn roer. Men liet het niet bij lasterschriften en schampere bejegeningen ; op onderscheidene plaatsen werd men handgemeen. Hier en daar werden de huizen geplunderd , en andere geweldenarijen gepleegd ; niet zonder schuld van beide partijen. De Staten van Holland hadden de gevoelens der Remonstranten verdragelij k verklaard. Doch hunne party wist de Algcmcenc Staten op hare hand te krygen , bij welke zy op het houden van eene Algemecne Synode aandrong. Nu was het vuur der tweedragt ontvlamd. Holland, Utrecht cn Overijssel ver- klaarden zich tegen dc handelingen der Algcmeene Staten. In eenige steden , waar dc Regering den Remonstranten toegedaan was , werd krijgsvolk, onder den naam van Waardgelders , geworven. Maciuts , zich hierdoor in zijn ambt gehoond achtende, veranderde dc Rege- ring in die steden , en dankte de W aardgelders , uit naam der Algc- meene Staten , af. Oldexbarketeld , de li boot en Uogebbeets werden , door 's Prinsen bestelling, in verzekering genomen. Dit alles viel voor tusschen de jaren 1610 cn 1618.

Tegen het einde van het jaar 1618, werd er, op den naam der Algemecnc Staten , eene Nationale Svnode te Dordrecht beschreven . waar Afgevaardigden uit de zeven provinciën cn van onderscheidene buitenlandsche kerken verschenen. De Rcmonstrantsche leer werd al- daar veroordeeld. Sedert verloor men omtrent de voorstanders dier leer alle gematigdheid uit het oog. De Hooglccrarcn en Predikanten , die haar waren toegedaan , werden ten Lande uitgebannen ; dc leden der Regering , welke dc gevoelens der Remonstranten aankleefden, van hunne ambten ontzet. Oldenbarneveld, Hogerbeets en de Gboot werden door vierentwintig Reglers , die door de Algemeene Staten verkoren wa- ren , teregt gesteld , en de eerstgenoemde ter dood veroordeeld ; terwijl Hoaebbezts en de Gboot tot eene eeuwigdurende gevangenis , op het slot L o e v e s t e i n, verwezen werden (1). Eerst ouder het Stad houderschap van

(i) Alt een* brj*ond«;rlteid verdient Opgemerkt to worden, dat in do geheel* prorineie .Sla d en Lande geen der Predikanten van KemonttraiiUcli •erd b*«?huMi£d , of «enigen overlaat leed.

I. Deex. 2*

ALGEMEEN OVERZIGT.

FneDKHiK Hendrik liet men den gebannen Remonstranten toe, het Land te komen en hunne godsdienst te oefenen.

Van dc zijde der Aartshertogen werden in het janr 1621 cctrigc voorslagen gedaau , om de Zeventien Nederiandst.» Provincik* weder onder één hoofd te brengen , doch deze werden van de Staten , als te schandelijk en te nadeelig voor hunnen vrijen Staat , terstond van dc hand gewezen, 's Jaars daaraan stierf Filifs III , Koning van Spanje , wordende door zijnen zoon, Filips IV , opgevolgd. Ook overleed , niet lang daarna , de Aartshertog Albertus. Het bestand was ondertusschen ten einde geloopcn , en de oorlog werd hervat.

In het jaar 1643 werd de YVcsliudischc Maatschappij opgerigt , die in het eerst eenen nanmerkclykcn opgang maakte, ; doch daarna veel van haren luister verloor. Intusschcn ging de oorlog te water en te lande wakker voort, maar in het midden dezer krygsverrigtingen werd Prins Maurits , den 23 April 1628 , door ccne slepende koorts , in den omkrdora vau 58 jaren , uit dit leven weggerukt. Zijn halve broeder , Prins Frederik HcMoaiK,volgdc hem op in het Kapitein-Generaal- en Admiraalschap, alsmede inliet Stadhouderschap over Gelderland, Holland, Zeeland, U- trccht,en Overijssel, maar Stad cn Lande benevens Drenthe verkoren daartoe Graaf Erwst Casirir, Stadhouder van Friesland.

Het veroveren der Spaanschc zilvervloot , door den Hollandsehen Ad- miraal Pieter Pietebsz. Hetw , stelde , in het jaar 1628 , dc Staten in de gelegenheid , om hunne krijgsmagt te vermeerderen. Twee jaren later sloeg de Infante Isabella een bestand van vier cn dertig jaren voor , opdat de Roouischgczindc Nederlanden , die nu van geld cri handel ontbloot waren , gedurende dien langen tusschentijd , een weinig op hun verhaal zouden komen. Men overwoog haren voorslag. Som- migen dachten , dat dc Spanjaard nu te klein geworden was , om hem langer te vreezen , of naar een bestand te luisteren. Anderen be- weerden , dat men eenen vernederden vijand niet verachten noch tergen moest. Frankrijk, onder deze raadplegingen roeijende, wist alle onder- handeling te doen afbreken , en vernieuwde het reeds gemaakte verbond met de Staten , waarbij de Koning verpligt werd , lien van geld en manschappen te voorzien , cn de Staten , om geen stilstand van wape- nen of vrede, zonder zijne kennis, te maken. Dc Spanjaarden zoch- ten wel het bestand , door den Keizer en Engeland , te doen bewerken , doch dc bemoeijingen van deze Mogendheden waren geheel vruchteloos.

De oorlog werd weder even sterk als te voren voortgezet , maar toen , in het jaar 1633, de onderhandeling weder op het tapijt gebragt werd, neigde een groot gedeelte der Staten tot bet nederleggcn der wapenen , maar de Prins cn de Zeeuwen , die door den Franschcn Afgezant on- dersteund werden , drongen den oorlog weder door. Middelerwijl was Graaf Ernst Casirir, den 2 Junij 1632, voor Rocrmondc gesneuveld en in het Stadhouderschap over Friesland, Stad cn Lande, benevens Drenthe opgevolgd door zijnen zoon Graaf Hendrik Casisir.

Ook stierf dc Infante in den nacht lusschen den 1 cn 2 December 1633, cn Filips IV, de heerschappij over de Roomsche Nederlanden weder aangenomen hebbende , droeg het bestuur daarvan op aan zijnen broeder Ferdinand van Oostenrijk , die de waardigheid van Kardinaal bekleedde. De Staten sloten . in het volgende jaar , op nieuw een verbond met Frankrijk, dat aan Spanje den oorlog verklaard had. Te lande werd nu met afwisselende kans gestreden, maar ter zee behaalden dc Ne- derlanders eenige voordeden. Den 12 Julij 1640 stierf Graaf Hendrik Casirir, Stadhouder Van Friesland, Stad en Lande benevens

Digitized by Google

GESCHIED. TOT AAN DEN MUNST. VREDE. 19

Drenthe, aan eene wonde , die hij acht dagen vroeger in het beleg tan H n 1 s t bekomen had , en werd, in het Stadnoudcrscltnp van Fries- land, opgevolgd door zijnen broeder Graaf Wille* Frcofrik , terwijl dat tan Stad en Lande en Drenthe aan Fhederik Hevdmk werd opge- dragen. De Kardinaal-Infant, in het jaar 1611 te Brussel overleden tijnde , werd door Don Fbascisco de Mello in de Landvoogdij opgevolgd.

Na zulk cenen langdurigcn oorlog , begon men met ernst aan eene vrede- handeling te arbeiden. De Staten wilden toonen , dat zij den oorlog hadden aangevangen, om de vrijheid der volken te herstellen, die nu genoegzaam bevestigd was. Spanje had te veel nadeel bij dezen krijg geleden , om niet naar vrede te haken. De stad Munster werd uitver- koren, om over dc voorwaarden te hanoclen. De Mogendheden, die cr belang bij hadden , zonden er hunne Gcmagligdcn ; die der Staten waren acht in getal. Om de vredehandeling nog meer klem bij te zetten , werd de oorlog mtusschen voortgezet; doch de Prins werd te midden zijner krijgstoerustingen , door eene opkomende ziekte , in den aanvang van het jaar 10 17 , in het vier en zestigste jaar zijns ouderdoms, in hel graf gerukt. Hij werd in zijne gcwijjtigö ambten opgevolgd door zijnen zoon Willeb II, niet zonder aarzeling der Staten van Hol land , die beducht waren , dat de jonge Prins , oorlogzuchtig van aard en genegen tot Frank- rijk , de Munstersche vredehandeling mogt stremmen. Doch toen hij hoop gaf, van alles , wat dc Gemagtigdcn der Algemecne Staten te Munster be- sloten, te zullen goedkeuren, werd hem het Stadhouderschap over de provin- ciën Geld c rl a n d , Holland, Zeeland, Utrecht, Overijs- sel en Stad cnLandc met algemeen genoegen opgedragen. De Fran- schen wendden ondertussch.cn alle middelen aan , om de vredehandeling te stuiten. Zij beweerden, dat dc Staten, zonder hunne toestemming , geen verdrag met Spanje konden maken ; en wat men ook van der Staten zijde deed , men kon die toestemming niet verkrijgen ; waarop dezen besloten afzonderlijk met Spanje te handelen , ten gevolge waar- van zij , den 30 Januarij 1618 , den vermaarden Munsterschcn Vrede sloten , waarbij de Koning van Spanje , na eenen tachtigjarigen oorlog , die veel bloed en geld gekost had , zich genoodzaakt zag , geheel en al van alle regt op deze lauden afstand te doen , en de Veheesigde Nedeh- u>oes voor eenen vrijen staat te erkennen.

Ten einde nu het volk de vruchten van den vrede te beter te doen smaken , waren de Staten van Holland cr op bedacht , om eene alge- meenc afdanking onder het krijgsvolk te doen plaats hebben. De Prins kantte zien hier echter tegen , daar hij voorzag , dat zijn gezag aanmerkelijk verminderen zou , wanneer hij niet meer aan het hoofd van eeaie aanzienlijke krijgsmagt stond. Dit was evenwel te vergeefs, want dc vermindering van 's Lands troepen werd door dc Stalen , vooral door de bewerking van Amsterdam, vastgesteld. De Prins , hier- over gestoord, wilde zich onverhoeds door krijgsvolk van Amster- dam meester maken , ten einde aldaar de regering met geweld te ver- anderen , maar dit mislukte , cn hij overleed vier maanden later , den 6 November 1630, aan de kinderziekte , in den ouderdom van ruim vier cn twintig jaren. Acht dagen ua zijnen dood , beviel zijne weduwe van eenen zoon . Willes Hendrik, genaamd , die zich naderhand , onder den naam van Wille* III , iu de geschiedenis beroemd heeft gemaakt.

EERSTE STADHOIDERLOOZE REGERING.

In het begin van het \olgende jaar werd er eene algemcenc vergade- ring van Lands S laten beschreven. Men was nu zonder Stadhouder ,

20

ALGEMEEN OVERZIGT.

en dc Stalen van Holland toonden zich genegen , dat ambt en dc andere hooge ambten , die daarmede gepaard hadden gegaan , vooreerst niet tc begeven. Gaarne hadden ze die gezindheid ook by dc andere provinciën verwekt ; maar Stad en Lande en Drenthe verkozc» terstond Graaf Willeb Fbedebib vas Nassau , Stadhouder van Friesland, tot dien post.

In Engeland , waar men Koning Kabbl I onthalsd , zijnen zoon uil het Rijk gejaagd en eenen nieuwen regeringsvorm , onder het protectoraat vnn Ou vier Gromwem., had aangenomen, gaf men voor, dat -de Nederlanders , vóór vele jaren , de Engclschen op A m b o i n a in Oost-Indic zeer zwaar hadden beleedigd (1) , en dat hunne gezanten heimelijk in verstandhouding stonden met den verdreven Koning. Dit voorgeven gaf aanleiding tot eenen oorlog , die in het jaar 16^2 uitbarstte, en meteenen vrede eindigde, welke den IK April 1684 te Londen gesloten werd , en waarhij men den Engelschen beloofde , bet belang van den verdreven Koning niet voor te slaan , voor de Engel- schen als van ouds de vlag le strijken , en wegens de Indische belee- digingen vergoeding tc geven. Bijeen byzonder artikel werd bepaald, dat de Staten van H o 1 la n d den Prins van Obahje en alle de nako- melingen zyner moeder, eenc dochter van den onthoofden Koning van Engeland , voor altijd van het stadhouderschap hunner provincie zouden uitsluiten en nimmer hunne stem geven , om een hunner tol het Kapi- tein-generaalschap te bevorderen. Jan de Witt , Raadpensionaris van Holland, die thans de klem der Regering in handen had, had deze uitsluiting, in der Staten vergadering, voornamelijk doorgedreven.

De Prolector van Engeland, Qlivih Cbobwell, overleed den 15 September 1688 , waardoor de zoon van den onthoofden Koning van Grootbrittanjc, in het jaar 1660, onder den naam van Kabel. II , wederom den troon zijner vaderen beklom. Die Vorst had , gedu- rende zyne ballingschap, zoo vele diensten van de Nederlanden genoten , en , vóór zijn vertrek naar Engeland , zulke sterke betuigingen van erkentenis gedaan , dat men niet twyfeldc aan eenen onvcrurekclykcn vrede tusschen Engeland en dezen Staat ; te minder , daar men in 1662 een plegtig verdrag met dc Koningen van Engeland en Frankrijk sloot. Doch net leed niet lang of men zag , wat men van de Engcl- schen te wachten had , en het barstte in 1664 tot eenen openbaren oorlog uit, die niet eindigde, dan nadat eene Nederlandsche vloot, onder het bevel van den Luitenant-Admiraal Michiel Adbiaabsz. db R uiteb , de Theems , tot digt onder Chaltam, opgezeild was , en aldaar vele Engelsche schepen verbrand had. Deze stoute daad bragt den schrik voor dc Nederlanders tot binnen Londen. Nu werden de En- gelschen , wier Afgevaardigden tot de vredehandeling zich reeds sedert Mei tc Breda bevonden , handelbaarder dan tc voren , zoodat reeds , op den 51 Julij 1667 de vrede gesloten werd , waarbij wij wel Nieuw- Nederland (nu dc staat New-York , in Noord-Amerika) , verlo- ren , maar Suriname, dat door eenige Zeeuwen veroverd was , en het eiland Pouleron behielden ; terwijl de akte van Cbobwell wel niet vernietigd werd , maar toch eene voordeclige wyziging onder- ging.

Dc vrede van B re d a was nog niet gesloten, of men kreeg reden, om voor eenen nieuwen oorlog tc vrcezcu. Lodbwub XIV , Koning van fmnkrtjk

(i) Zie hierover nader op btt art* Amjoika ia het Woordenboek.

Digitized by G

E KUSTE STADHOUDERLOOZE REGERING. 21

*

bewerende, dat sljne gemalin, eene dochter van Fairs IV, Koning van Spanje , die den 17 September 166» overleden was , regt had op een gedeelte der Spaanscue Nederlanden , had een leger velde gebragt en in drie maanden tyds een groot getal steden in Henegouwen en Vlaanderen bemagtigd. De Staten , zulk eenen magtigen Vorst xoo nabij hunne grenzen ziende, waren in gcene kleine verlegenheid. Zij waren beide met Frankryk en met Spanje in verbond , en konden dus den eenen niet helpen , zonder den anderen te beleedigen. Onzij- dig te blijven was hun , om hunne eigene veiligheid, ongeraden. Zij tochten dus door beleid van den Raadpensionaris de Witt , Frankrijk en Spanje te bewegen tot een verdrag , en sloten , in het begin des iaars 1668 , de TripU Alliantie , of het Drievoudig verbond met Groot- Brittanie en Zweden , waarby" men de voorwaarden beraamde , op welke men den vrede zou zoeken te bewerken. Hierdoor werden de Koningen van Frankrijk en Spanje tot het sluiten van eenen vrede gebragt , die in Mei van het jaar 1668 , te Aken tot stand kwam , en waarby de sleden Charleroi, Binche, Ath , Don ai en de sterkte Scarpe , Door- nik, Oudenaarde, Rijsscl, Arincntiers , Kortrijk, St. Wijnoxbcrgcn en Vcurne met hare ouderhoorigheden, aan Frankrijk werden afgestaan. De Koning van Frankrijk , die zich door dezen vrede in zyne over- winningen gestuit zag, besloot van toen af, zich gestreng te wreken op de Staten, die hij voorde voornaamste ontwerpers van het drievoudig ver- bond hield. Oiu dit, voor hem nadeeligc , verbond te verbreken , zocht Looewuk. XIV eerst de Staten daarvan af te trekken, en, toen dit niet gelukken wilde, handvide hij, ten zelfden einde, met Zweden en Engeland. Kaeei 11 liet zich , in het jaar 1670 , overhalen tot eene heimelijke overeenkomst, om gezamenlijk met Frankrijk de Staten te Ibeoorlogen. Twee jaren later sloot Frankrijk ook een tractaat met Zweden j en uit deze handeling ontstond de gevaarlijke oorlog van bet jaar 1672, dien Frank- rijk waarschijnlijk niet zoude ondernomen hebben, indien deEngelschcn zich aan het verbond gehouden hadden , zoo als Kauel II nog in het jaar 1671 verklaard had te zullen doen. De Stalen, die nu duidelijk genoeg zagen , dat het op hen gemunt w as , schreven eenen beleefden brief aan den Koning van Frankrijk, belovende hem alle voldoening te zullen geven. Dc Koning gaf echter zoodanig antwoord , dat de Staten , geene verandering te gemoet ziende , op middelen bedacht waren , om zich te weer te stellen. De vloot werd dan ook weldra in goeden slaat gebragt j nntar dc krygsiuagl te lande was niet sterk , uithoofde van de onecnigheid onder dc provinciën , van welke sommige geen toestemming tot het aanwerven van volk wilden geven , indien men den Prins van Oranje niet tot Kapitein-Generaal aanstelde , waartoe Holland bezwaarlijk cn niet dan voor eenen enkelen vcldtogt besluiten kon. Deze provincie toch had bij een zoogenaamd eeuwig edict, in het jaar 1007 , vastgesteld : 1°. dat geen Stadhouder van eenige provincie Kapitein- Generaal zoude worden, en z°.dat men. in Holland, nimmer weder eenen Stadhouder zoude aanstellen. Dc andere provinciën hadden , in het jaar 1670. alleen in het eerste dezer beide punten bewilligd Hieruit volgde , dat de Prins van Oranje, zoo lang deze schikking stand hield, nimmer Stadhouder en Kapitein-Generaal te gelijk , en nimmer Stadhouder van Holland worden kon. Vóór het uilbarsten van den oorlog werden de pro- vinciën het echter eens, omtrent dc bevordering van den Prins van Oiasje , en zij stelden hem , in Fcbruarij van het jaar 1672 , aan tot Kapitein Generaal voor den aanstaanden veldtofrt, mits hij beloofde geen Schouder te zullen worden.

92 ALGEMEEN OVERZIGT.

Frankr^k begon cent de Nedcrlandschc koopmanschappen tc be- zwaren , hetwelk de Staten bewoog , om ook ccnigc Franschc waren hooier te belasten of geheel te verbieden. Kaeel II vorderde cene volstrekte heerschappij over de zee. Het een en ander gaf aanleiding tot onder- handelingen, die vruchteloos afliepen ; waarop beide rijken , op een en denzelfden dag, te weten op den 7 April 1672 , den Staalden oor- log verklaarden. De oorlog te water werd met afwisselende kans ge- voerd , maar de vcldtogt te lande liep zeer ongelukkig voor os Nedeh- lakdeh af. Zoodra was het Franschc leger niet in beweging geraakt , of de Keurvorst van Keulen en de Bisschop van Mtyislcr zeiden mede den Staten den oorlog aan , en , terwijl de Franschen de plaatsen aan den Rijn en in Kleef sland , die Staatsolie bezetting inhadden, verover- den , bemagtigden de Kculschen en Munsterschcn een gedeelte van bet Land van Zutphenen genoegzaam geheel Overijssel. Spoedig daarop moesten de Geldcrschc steden , de geheele provincie Utrecht en drie steden van Holland, namelijk : Naarden, Woerden en Oudewater, zich aan de Franschen onderwerpen. De toegangen van Holland werden nu door krijgsvolk van den Staat bezet , terwijl men met de twee Koningen over den vrede handelde ; doch hunne eischen waren zoo hoog, dat A m sterdam niet besluiten kon, dat alles toe te staan. Dit was de voorname oorzaak , waarom men draalde met de han- deling. Nogtans zou men zich mogelijk, zonder Amsterdam, ten minste met Frankrijk, verdragen hebben , indien er niet , juist op dezen tijd. cene grootc verandering in den Staat ware voorgevallen.

DE NEDERLANDEN ONDER WILLEM III.

De Staten van Holland hadden het Eeuw ig Edict te niet (gedaan, en WttLEH III, Prins ran Oranje, in het begin van Julij 1672, ver- heven tot alle de waardigheden , die zijne voorzaten bekleed hadden , welke waardigheden , in het jaar 1674 , in zijne mannelijke nakome- lingen , erfelijk werden verklaard. Het volk, in de verbeelding ge- bragt, dat het overgaan van zoo vele steden aan kwaad bestier en ontrouw van de Stadhouderloozc Regering te wijten ware, was he- vig gebeten op den Raadpensionaris de Witt, wiens val daardoor spoe- dig berokkend werd. Nadat men, in allerlei schimpschriften, niet slechts hem , maar tevens zijnen broeder , Corxelis de Witt , Burge- meester van Dordrecht en Ruwaard van Putten, als een der genen, die het vernietigen van het Ecuwig Edict het meest hadden tegengewerkt , vinnig gesmaad had , werd deze laatste door zeke- ren WiLtEK Tichelaar , Chirurgijn tc Picrshil, beschuldigd van ecnen toeleg op 's Prinsen leven gesmeed te hebhen. Hierop in hechtenis ge- nomen zijnde, werd hij eerlang veroordeeld tot verlies van zijne amb- ten, en tot ballingschap uit Holland en West-Friesland , ofschoon het vonnis geen misdaad vermeldde. De Raadpensionaris, die, kort na het vatten van zijnen broeder, zyn ambt had nedorgelogd , en door de Staten was bedankt' geworden , begaf zich, terstond na het uitspreken van het vonnis , op Zal ui tlag den 20 Augustus, naar de gevangenpoort tc s Graven hagc, om zijnen broeder tc bezoeken. Middelerwijl bad Tichelaar het graanw tegen de broeders opgehitst. De Burgers , die de wacht voor de poort hadden , haalden eerlang de broeders van boven, civ hragten hen op cene onmeiischclijke wijze oin hel loven j waarna de lijken naar het schavot gesleept , aan de wip oimelianiien , en jam- me, lijk mishandeld werden .

- - *

DE NEDERLANDEN ONDER WILLEM UI. 23?

mi

la Holland had men , om zich tegen de Franschen te bescher- men, het lage land alom onder water gezet, hetwelk den vijand belette door te dringen ; maar toen de winter de ondcrgeloopcn landen met |js bedekte , deed dit de Franschen op het vermeesteren van II o 1- land bedacht zyn , cn cenen togt op *s G ra v en ha ge ondernemen. Maar naauwelijkz hadden zij Woerden verlaten, of het begon zoo sterk te dooijen , dat zij genoodzaakt waren terug te koeren , zoodat Holland ,in den uitersten nood , zonder ccriigc inenschelijke hulp , door dc gunstige bestiering des Hemels, gered werd. Daarbij kwam , dat de Bisschoppen van Keulen en Munster, ten jare 1672, na een hard beleg van omstreeks 6 weken , met veel verlies van volk , het sterke Groningen, dat onder Rabexoacft dapper verdedigd werd , moesten verlaten ; hetgeen den gevallen moed des fandzaats niet weinig opbeurde , en veel tocbragt tot redding des Vaderlands.

Met het begin des jaars 1675, rustte men zich echter wederom , zoo ter xcc als te lande, ten oorlog toe. Er vielen drie zeegevechten voor, in welke van weerskanten niet veel voordeel behaald werd, hoewel men zich wederzijds de overwinning toeschreef. Tc lande streden de Fran- schen gelukkiger , mnar toen de Prins van Oranje met het leger Her Staten naar den Rijn truk, verliet het gros vau het Fransche leger deze Landen , om de onzen aldaar te keer te gaan , cn nog vóór het einde vau het jaar, wig men L trecht eu Overijssel wederom geheel in ou> bezit. G elder land werd in liet volgende jaar , 1674, van het uit- beeinschc krijgsvolk verlost, zoodal nu de drie provinciën wederom luet de vier andere vereenigd waren. Ook begon men thans van vrede te spreken , eu Keulen werd tot ecne handelplaats gekozen. De oorlogvoe- rendeMogend heden zonden er hunne Ge\ olinngligdcn ; doch de vredesonder- handeling werd weder afgebroken. De Stalen slaagden beter in hunne onderhandeling met Engeland , met welk land zij den 19 Februarij 1674 eeneu afzonderlijken vrede maakte, terwijl , den 1 1 December van datzelfde jaar, Groul-llrillanje en de Stalen ook een verdrag van zeevaart sloten , waarbij bepaald werd , welke koopwaren vrij naar vijandelijke plaatsen zouden mogen vervoerd worden. Voorts werd in dat verdrag de bekende regel: vrij schip, vrij goed vastgesteld, cn deze, ten jare 16715 in diervoege nader verklaard, dat, ingeval eeue der twee Mogendheden in oorlog was, de andere van de cenc vijandelijke haven op dc andere zoude mogen varen. Ook verdroegen zich de Staten met den Bisschop van Munster eu den Keurvorst van Keulen , en stelden zich , nu zij den oorlog van hunne landen hadden verwijderd , allczins in staat , om den Franschen liet hoofd te bieden.

De Stalen van Gelderland, die boven anderen in genegenheid tot den Prins van Oranje uitstaken , besloten hem de Opperhecrschappy over hunne provincie , onder den naam van Hertog van Gelder en Graaf van Z u t p h c n , op te dragen ; welk aanbod dc Prins echter , ziende dat zulks aan H o 1 1 a n d en Zeeland niet welgevallig was , , van de hand wees.

De toebereid* elen ten oorlog werden ondertusschen vlijtig voortgezet. Men streed te water en te lande , doch met weinig voordeel, lu het jaar 1 676 .begon men weder van vrede te spreken , en dc stad N ij m e- jen werd tot ondcrhandelolaats gekozen. Dc wederzijdsche Geuiagtig- den kwamcu niet spoedig bijeen , zoodat dc handel langzaam seheeu te zullen voortgaan. Dc kans des oorlogs was intusschen den Neder- landers niet gunstig , en de Koning van Frankryk bemagtigdc de éénc »Ud na dc andere in dc Spaansche Nederlanden j zoodat dc Stalen ,

34 ALGEMEEN. 0VERZ1GT.

vrccicndc , dat zijn krijgsgeluk hem ttontcr meurt maken , den Vre- dehandel met allen ijver voortzetteden , waarop eindelijk , na lang dralen , den 10 August mt 1678, de vrede tusschen de Staten en Frankrijk teNymegcn getroffen werd . De Engelse hen en de andere bondgenooten namen er weinig genoegen in.

Naauwelijks had men de zoetigheid des vrede* gesmaakt , of men begon voor eenen nieuwen oorlog te vrcezen. De Koning van Frankrijk hield nog veel volk op de been. Kr viel ecnig geschil voor tusschen hem en de Staten , over de achterstallige brandschattingen van ecnige steden in Staats-Braband, waarover hij de Staten met nieuwe onlusten bedreigde. Ook wilde hij hen noodzaken, een verdedigend verbond met hem aan te gaan , hetgeen hem geweigerd werd. In de Spaanschc Nederlanden bedreef hij onderscheidene vijandelijkheden, ofschoon dc vrede tusschen hem en Spanje reeds voorlang gesloten was. Hy deed zich een groot gedeelte van Luxemburg toeëigenen , door geregtshoven , die by zelf had opgerigt. De Staten sloten daarop in 1681 een ver- bond met Zweden , aan hetwelk de Keizer sedert ook deelnam, en waarbij men eikanderen verpligtte , den Munstcrschcn en den Nymccgschen vrede b te "handhaven. De Koning van Engeland werd er ook toe genoodigd ; maar deze, in de belangen van Frankrijk zijnde , weigerde er in toe te tre- den. Koning Lodewijk maakte zich, in het volgende iaar, onder zeker voorwendsel , meester van het Prinsdom Oranje , zonder dat de Stalen hem bewegen konden , dit aan den wettigen Prins in te ruimen. In het jaar 1683 verklaarde Spanje den oorlog aan Frankryk ; maar de Staten , eenen nieuwen oorlog duchtende , bewogen den Koning van Spanje, die tot geen vrede te brengen was, om een bestand van twintig jaren met Frankrijk aan te gaan , waar zg den Prins van Oranje gaarne in begrepen hadden , doch dit gelukte niet.

Karei- II , Koning van Engeland, in het begin van het jaar 1C81J overleden zijnde , werd door zijnen broeder , den Hertog van York , onder den naam van Jacobcs II , opgevolgd. Deze deed de Staten wel verzekeren van zijne begeerte , om vrede met hen te onderhou- den ; doch men bespeurde weldra , dat er op zync belofte geen staat te maken was. Hij scheen heimelijk naar gelegenheid te zoeken , om hen te beoorlogen. Ook wilde hij zijn gchcele rijk dc Roomsche gods- dienst, die hij omhelsd had, doen aannemen. De geboorte van eenen Prins van Wallis , die in de tegenwoordigheid voorviel van lieden , welke volkomen *s Konings belangen waren toegedaan , werd bij velen verdacht gehouden. De Protestantsche onderdanen van Engeland , den ondergang van hunne vryheid en godsdienst te gemoet ziende , handelden over dc middelen , om dezen val te voorkomen , met den Prins en de Prinses van Oranje , welke laatste eene dochter van Jacobüs II was. De Staten middclerwyi ziende , wat zij van Frankrijk en Engeland te hopen hadden , begonnen eene sterke vloot uit te rusten. In den herfst van het jaar 1688, kwam er een geschrift in het licht , waarbij dc Engelsehen den Prins en de Prinses van Oranje baden , om tot hen over te komen , en de wetten te herstellen , die Koning Jacobcs verbroken en geschonden had. Tc gelijk werd er een besluit van de Algemeene Staten in het licht gegeven , waarbij zij- reden ga- ven van hun voornemen, om den Prins , op zijnen togt naar Engeland , met eene vloot bij te staan. De Prins stak in Oetober in zee, en kwam behouden in Engeland aan. waar hij, aangezien Koning Jacobcs van elk verlaten en uit het rijk gevlugt was , nevens zijne gemalin , in liet begin des volgenden jaars , ten koninklijkeu troon verheven, werd.

Digitized by Gotfgle

DE NEDERLANDEN ONDER WILLEK III. 2!>

Vóór het einde van het jaar 1688 had Frankrijk den oorlog reeds weder aan den Keizer en du Sta ten' verklaard , en de vijandelijkheden begonnen. Met den aanvang des jaars 1689, zeiden de Staten Frankrijk ook den oorlog aan. Hierop volgden de wederzijdsche oorlogsverklarin- gen van Frankrijk aan Spanje en den nieuwen Koning van Engeland, en van den Keizer , Spanje en Engeland aan Frankrijk. De Hertog van Savoijc verklaarde zirli , in het volgende jaar , ook voor de Iiond- genooten en tegen Frankrijk.

In het jaar 1694 , ondernamen de Fransehen ccne landing op de kusten van Engeland, ten einde Koning Jacobus, die de vlugt naar Frankrijk geno- men had , op den Engelschcu troon te herstellen , doch deze aanslag werd geheel verijdeld, door eene overwinning , die onze vloot op de .Fran- scben behaalde. De Koning van Frankrijk won zoo weinig bij dezen oorlog, dat hij, in het jaar 1693, dc Staten, door omwegen, om vrede liet aanzoeken. Men bood hun de verzekering hunner grenzen en andere voordeelcn aan , doch zij gaven zijnen voorslagen geen gehoor.

Koning Willem III, in den aanvang van het jaar 169*5 , zijne ge- malin verloren hebbende , behield nu alleen de koninklijke waardigheid , die hem en zijne gemalin was opgedragen geweest. In het volgende jaar ondernam Koning Jacobus wederom eene landing in Engeland , die echter andermaal vruchteloos afliep. %oo ging het ook met onderschei- dene zamenzweringen tegen het leven van Koning Willes , die alle in tiids ontdekt werden. De Hertog van Savoije , zich van de. bondgenootcn afgescheiden hebbende, maakte vrede met Frankrijk. Van den algetueenen vrede werd nu wederom met meer ernst gesproken, en het Huis te Rijs- wijk tot handelplaats verkoren. Men zond Gevolmagtigden derwaarts, en maakte een aanvang met de onderhandelingen. Eindelijk werd de vrede tnsschen Frankrijk , Spanje , Engeland en de Staten , op den 20 September 1697, aldaar getrouen, terwijl de Keizer ook eenen stilstand van •wapenen sloot , die eerlang in eenen volkomencn vrede veranderd werd. Na het sluiten van den vrede , deden dc Staten eene herziening van hunne krijgsmagt , en , even als of zij eenen nieuwen oorlog voorza- gen, versterkten zij eenige grensvestingen, die in cenen slechten staat waren.

De Koning van Spanje , Kabel II , werd door gedurige onpasselijk- heid dermate overvallen , dat men voor zijn leven begon te vreezen. Hij had gecne kinderen , en het stond geschapen , dat er , na zijnen dood , aanmerkelijke geschillen over de opvolging in het rijk zouden ontstaan. Men w ist , dat Frankrijk de Spaansche kroon in zijn huis zocht over te brengen, onaangezien Filips IV de nakomelingen van zijne zuster, Mabia , moeder van Keizer Leopold , daartoe benoemd had , ingeval zijn zoon. Kabel II. zonder nakomelingschap overleed. Dit bewoog den Koning van Engeland en de Staten , die bij de opvolging in het koningrijk Spanje belang hadden , om , met het begin van het jaar 1700 , een verdrag met Frankrijk te sluiten , bekend onder den naam van Traktaat van partage. Bij dit Verdrag werden de landen des Konings Tan Spanje . na zijnen dood , voor het grootste gedeelte toegewezen aan Kabel vak Oostenrijk, tweeden zoon van Keizer Leopold , terwijl dc kleinzoon d«*s Konings van Frankrijk zich met de Koningrijken Na- pels en Italië zoude te vreden hondim. Veel moeite had het den Koning van Frankrijk gekost , om de Staten en Engeland lot het Verkenen van dit verbond over te halen, want men voorzag maar al te wel, dat zijne magt, door het aanwinnen van zulke aanzien- lijke rijken, tc groot zoude wordeu. Dc vrees voor eenen nieuwen

ALGEMEEN 0VEÜZ1GT.

oorlog deed er hen echter toe overgaan. Kamel II , Koning van Spanje, overleed nog in hetzelfde jaar op den 1 November. Koning Lodewuk. XIV , die terstond tijding van Kabels dood had, ontbood zijnen klein- zoon Fairs, Hcrlog van Anjou, bij zich, cn maakte hem, in tegen- woordigheid van den Spaanschcn gezant, bekend , dat Koning Kahel hein Koning van Spanje gemaakt had. Tenzclfdcn tijde toonde men eenen uitersten wil , waarbij de Koning van Spanje den Hertog van Anjou tot zijnen onmiddellijker! opvolger benoemde. De Hertog bcraf zich terstond naar Spanje , waar hij welhaast voor Kuning erkend werd. De Koning van Frankrijk dacht ondertusscheu wel, dat het Engeland en de Stalen vreemd voorkomen zou, dat hij zich aan eenen uitersten wil hield, die, echt of valsch, regclrcgt streed met hrt Partage-traktnat. n ij liet der- halve deze mogendheden aanzeggen , dat het oogmerk van het traktaat van vcrdceling w as , den vrede in Europa te behouden , en dat hij zich aan dat oogmerk hield, zonder zich om de letter te bekreunen. Ecuc verontschuldiging , die door den Koning van Engeland cn do Staten koel genoeg werd aangenomen. Middelerwijl bereidde men zich hier cn in Engeland op nieuws ten oorlog. De Koning van Frankrijk , ook bedacht om zijnen aanhang te versterken , trok Maxixillaax Exasuel, Keurvorst van Beijeren cn Landvoogd der Spaanschc Nederlanden, benevens zijnen broeder, deu Keurvorst van Keulen, op zijne zyde. Hun verdrag bleef geheim, hetgeen den bondgenoolcn niet weinig ua- deel lochragt.

Frakehije. had Milaan met krijgsvolk bezet, en de Keizer, besloten hebbende het regt van zijnen zoon met de wapenen te verdedigen % zond Prins Klüesics van Savoijk met een leger naar Italië , die den Fran- sehen omtrent Carpi slag leverde en hen aldaar overwon. Beter slaagden deze Jaalstcn in de Spaansche Nederlanden , door de geheime verstandhouding met deu Keurvorst van Beijeren . Zij maakten zich , op ééncn dag , meester van alle de sterke plaatsen in die gewesten , alzoo de Kcur- ' vorst bevolen had, dat men hun de poorten zoude openen. Dc

Staatschc bezetting , die in sommige steden lag , werd kort daarna ge- noodzaakt te vertrekken. De Keizer , die intusschen voortging met zich ten oorloge toe te rusten , sloot , den 7 September 1701 , te 'g G raven ha ge een verhond van onderlinge bescherming met den Ko- ning van Engeland en de Algcmcenc Staten. Dc Oorlog werd, in Ilahc , door Prins Eugekics niet voordcel voortgezet. Dc Koning van Engeland, uit Holland naar Groot-Brittaujc overgestoken zijnde, om het noodige tot den aanstaanden vcldtogt te beramen , viel , den 4 Maart 1702 , op de jagt zijnde , van het paard , waardoor hy het sleutelbeen van zijnen linkerschouder brak, enden 19 derzclfdc maand, in den ouderdom van slehts 32 jaar , uit hel leven werd gerukt. Ann a , de zuster zyncr o\ erledenc gemalin , die gehuwd was met Gcobub , Prius ra» Denemarken , volgde hem op als Koningin van Engeland.

TWEEDE STADIIOUDERLOOZE REGERING.

Dc waardigheden, welke Koning Wille» Inerte lande bekleed had, bleven gedeeltelijk onvervuld, want vijf provinciën, met name: Gel- derland, Holland, Zeeland, Utrecht cn Overijssel, verkozen zonder Stadhouder te blijven. In F r i e s 1 a n d en in S t a d- en Lande bleven de Vorsten uit het huis van Nassau-Dietz dc stad- houderlijke waardigheid bcklccdcn. In onderscheidene steden van de provinciën Gelderland, Zeeland, Utrecht en Over ij s-

Digitized by Google

TWEEDE STADHOUDERLOGZE REGERING. gj

«cl ontstond ter dezer gelegenheid eenc gevaarlijke beroerte, onder den naaui van plooijerij bekend. De burgerij , steunende op aloude vrijheden en voorregten , onderstond zich, veranderingen in de regering te maken. Hieruit rezen geweldige onlusten , die eerst in 1707 geheel ophielden .

Intusschcn hadden de Staten , den 10 Mei 1702 , den oorlog aan- Spanjc en Frankrijk verklaard , welke met afwisselende kans, ofschoon meer voordcclig voor de Bondgenooten dan voor Frankrijk, gevoerd,, werd , waarom , reeds in het jaar 1703 , van de zijde der Frnuschen openingen tot vrede gedaan werden, en heimelijke onderhandelingen tusschen hen en de blaten begonnen , die echter vruchteloos aflie- pen. In het begin van het jaar 1709 begon men te 'sGravcnhage andermaal over den vrede te handelen. Een der punten , welke de bondgenooten vooraf begeerden vastgesteld te hebben, was, dat Filips, ten behoeve van Kabel, afstand van de Spaansche kroon zoude doen. Frankrijk gaf voor , dat zijn kleinzoon daartoe niet spoedig zoude te bcwegeu zijn ; doch het bleek ras , dat hij de Bondgenooten slechts» zocht op te houden , ten einde zich te beter in staat te stellen , den oorlog voort te zetten. Alle vredehandeling werd toen afgebroken r en men bereidde zich wederzijds ten oorlog. ï)c onderhandelingen, die te 's Gravenhage geslaakt waren, werden, met het begin de» jaars 1710, te Gee rtruideuberg, weder begonnen, zonder dat men elkander kondc verstaan , waarop de handeling ten tweedeniale werd afgebroken.

Een droevig ongeluk deed den Stalen, den 14 Junij 1711 , eenen hunner dapperste Legerhoofden verliezen, uamelijk Prins Job ah Wille» Fbiso, Stadhouder van Frieslanden Stad-en -Lande; want deze , uit liet leger naar Holland reizende , om met den Koning van P missen , die te 'sGravcnhage gekomen was, over dc nalaten- schap van Koning Wille» III te handelen , verdronk jammerlijk , in bet oven aren van den Moerdyk naar het Stryensche Sas, in den jeugdigen leeftijd van 24 jaren.

De Franschen waren ondertusschen vlijtig heiig , om de Engelschen uit hel groote bondgenootschap te trekken, en deze begonnen zich langs hoe meer voor den vrede te verklaren. Zeker Mathijs Pbjor, die te voren Gczantschaps-sckretaris in Frankrijk geweest was , werd in stilte naar dat rijk gezonden, om ojer de voorwaarden te handelen. Hen kwam weldra overeen , en terwijl men de onderhandelingen zoo stil hield , als mogelijk was , werden er van Frankrijks zyde ook vredesartikebn aan dc Staten gezonden , die echter in zoodanige algemeene bewoordingen waren opgesteld , dat men er niets en alles van konde makcu. De Stalen, ziende dat Engeland het verbond ver- liet , waren wel genoodzaakt hunne toestemming tot het openen der vredehandelingen te geven. Frankrijk gaf eenc soort van uitlegging aan zijne voorgestelde vredespunten , die door de Engelsehe staatsdie- naars vi erd goedgekeurd. De stad Utrecht werd tot dc handelplaats verkozen. De gemagtigden van Frankryk , Engeland en dc Staten kwa- men Hiensvolgens , inliet begin des jaars 1712, te dier Stede bijeen. Keizer Kabel VI, ofschoon hem dc vredespunten , door Frankrijk op- gegeven , niet behaagden , zond echter ook gevolniagtigden derwaarts. Engeland "«as te eenc male in het belang van Frankrijk , en ender- handi-ldc heimelijk met het Franschc hof. Men stelde Filips voor , dal hij voor altijd afstand van dc Franschc kroon moest doen , in- dien hij Spanje en Indien behouden wilde , hetwelk hij aannam.

28 ALGEMEEN OVERZIGT.

Hierop verliet Engeland openlijk het verbond , en liet den State» aanzeggen , dat de Koningin zich van alle verbindtenissen met hen volkomen ontslagen rekende. Kort daarna werd er een stilstand van wappnen tusschen de Fransehen en Engelschen afgekondigd. De vrede- handeling te li trechl werd ondertusschen voortgezet. Den Franschea ging het er allezins naar hunnen wensen. De bondge'nooten zagen zich , door het gedrag der Engelsehen , tot de noodzakelijkheid gebragt , om de onderhandelingen bij te wonen. De Hertog van Savoijc , voor wien de Engelschen Sicilië ^ecischt hadden , gaf voor, alleen met Frank- rijk te willen sluiten , indien hem zijn eisch niet werd ingewilligd. Dit zelfde vreesde men van de Engelschen , die echter alle pogingen aanwendden , om de Staten tot hel teekenen van den vrede te bewegen. Men moest er eindelijk toe overgaan, en de vrede werd , den 11 April 1715 , tusschen Frankrijk en de boodgenooten , den Keizer alleen uit- genomen , gesloten. Frankrijk stond by dit verdrag aan de Staten , ten behoeve van bet huis va* Oostenrijk , af, alles, wat Karei. 11, Koning van Spanje, bijzijn afsterven, in db Nederlander bezeten had. Rijssef werd aan den Koning van Frankrijk ingeruimd. De Keizer bleef nog met dezen vorst in oerlog , maar , in het volgende jaar 1714 , werd ook lussehec hen de vrede te Radstad gesloten. De Koning vau Spanje sloot, in Junij van dat zelfde jaar , te Utrecht mede een ver- bond met de Algemccnc Staten , dat voornamelijk den koophandel betrof. De dood van Anna , Koningin van Engeland , die in dit jaar voor- viel , en de komst van George I, Keurvorst van Hannover, op den Engel- schen troon, zouden de zaken van Europa aanmerkelijk van gedaante hebben doen veranderen , ware het een en ander vóór het sluiten van den Utrccht- schcii vrede ffebeurd. Het onderzoek, naar het gedrag van hen , die den vrede , door geheimen handel met Frankrijk , l»ewcrkt hadden , loonde al dadelijk , dat Koning George niet gezind was de Franschc maatregelen op te volgen. Al liet voordeel , dat de Stalen trokken uil dien Iangdurigen en kostbaren oorlog , dien zij ten behoeve des Keizers ondernomen hadden, verkregen zij bij het Barrière-tractaat dat, op den 115 November 1715, te Antwerpen, gesloten werd, en waarin men , drie jaren later , te 's Gravcnhagc eenigc ver- andering maakte. Dit voordeel bestond in de vergunning , om alleen bezetting le mo^en leggen in de steden en kasteden vau Namen en Doornik, in de steden Mecncn, Yeurne, Wa asten, Y p c r e n en het fort de K n o k k e , mits zij er gcenc troepen toe ge- bruikten van cene Mogendheid, die bij den Keizer verdacht, of met hem in oorlog was. In Dendcrmondc zoude men echter gcmccnc bezetting leggen , waarover de Keizer cencn Bevelhebber zoude aan- stellen, die, zoo wel als de mindere officieren aan de Staten moest zweren , dat hij nooit iets in de stad zoude doen of toelaten , hetwelk nadeel ig zoude zyn aan hunne dienst.

Lodewye XIV, Koning tan Frankrijk , den 1 September 171 IS over- leden zijnde , werd door zijnen achterkleinzoon , Lodewye XV , een kind vau nog geen zes jaren , opgevolgd, terwijl de Hertog van Orle— ans het rijk als Regent bestuurde. De Hertog-Regent . die , indien de jonge Koning zonder mannelijke nakomeling overleed , en indieu de Koning van Spanje , die van zijn regt op den Frauschcn troon afstand gedaan had , daarop geenc nieuwe aanspraak maakte , het naaste regt op dien troon had , was uit dien hoofde verpligl goede vriend- schap te onderhoudeu met den Koning van Groot-Britlanje , en met de Stalen der Vereenigde Nederlanden. Hy deed dicnsvolgens ceneu voor-

Digitized by Google

TWEEDE STADHOUDERLOOZE REGERING.

«lag tot oen verbond tusschen Frankrijk , Engeland cn de Staten , het- welk strekken moest, tot handhaving van de tegenwoordige regering inde beide koningrijken en van dc bezittingen der drie Mogendheden. De Staten luisterden naar dezen voorslag , maar George f sloot , in Jiet jaar 1716, een verbond van onderlinge bescherming met den Keizer , hetwelk dc Regering van Frankrijk bewoog , om nog voonlee- liger voorslagen , dan te voren , te doen , en dit had het sluiten van de tripte alliantie, of het drievoudig verbond, tusschen Frankryk , Groot- Brittanjc en de Stalen , op den 4 January* 1717 , ten gevolg. Rij dat verbond bedongen dc Staten de handhaving in hun regt , om bezetting te houden in dc Oosten rij Lsclie Nederlanden j den titel van Hoog- mogende Heeren , dien het Franschc Hof hun tot nog toe geweigerd bad ; alsmede dat hunne Ambassadeurs, voortaan , in Frankrijk , behan- deld zouden worden , op denzelfden voet , als die van Venetic.

Doch dc algemeene vrede was weder van geen langen duur , want de Kardinaal Aiauoni spoorde het Hof van Spanje aan , om de wapenen op te vatten tegen den Keizer , en om tenzelfden tijde eenen op- stand te verwekken en te voeden in Frankrijk cn in Schotland. De Spanjaarden maakten zich nu, in het jaar 1717, meester van Sardinië en in het volgende jaar van een gedeelte van Sicilië. De Keizer , om zich tegen Spanje te sterken , sloot , den 2 Augustus 1718 , te Londen , een verdrag met Frankrijk en Groot- Brit tan je , waarin ook de Staten zouden kunnen treden , waarom het sedert de qua. drupte alliantie of het viervoudig verbond genoemd werd , hoewel het anders ook onder den naam van het verdrag van loonden bekend staat. Het oogmerk van dit verdrag was , om de voorwaarden van vrede tusschen den Keizer cn den Koning van Spanje cn tusschen den Keizer en den Koning van Sicilië en Hertog van Savoijc te regelen , en voorts dc middelen te beramen , om die voorwaarden te doen na- komen. De voornaamste dier voorwaarden was, dat dc oudste zoon der Koningin van Spanje, Don Carlos , van dc opvolging in Toskanen . Parroa en Piacenza verzekerd werd , ten welken einde men zesduizend Zwitsers in die Hertogdommen leggen zoude ; voorts zou de Koning van Sicilië Sardinië verwisselen voor -Sicilië, hetwelk aan den Keizer verblijven zoude , ook zou die Koning regt van opvol- ging hebben tot dc kroon van Spanje , indien Filips V kinderloos overleed. Dc Staten stelden het gedurig uit, om in dit verbond te tre- den , aangezien zij vreesden , dat het oorlog verwekken mogt , zoo lang Spanje er buiten bleef; en zij hadden groote reden, om warsch van oorlog te z^n , alzoo dc laatste , ofschoon zeer voorspoedig ge- voerd , hun veel gelds en volks gekost en weinig voordeels aange- bragt had.

De toeleg der Spanjaarden op Schotland liep geheel vruchteloos af, ofschoon zy aldaar nog eene landing ondernamen , hetgeen den Staten bewoog Koning George I , in het jaar 1719 , wederom eenigen onderstand in manschappen en krijgsbehoeften toe te zenden. Niet be- ter slaagden zij in Frankrijk, want hun heimelijk oogmerk, aldaar ontdekt zynde , had eene oorlogsverklaring van de zijde van Frank- rijk ten gevolge , hetwelk, met een leger in Spanje viel cn onderschei- dene steden veroverde. Toen nu de Engelse hen , die den Keizer met eene vloot ondersteunden , ook ecnige voordeden in Sicilië be- haalden , nam Spanje het verdrag van Londen aan , zoo als dc Ko- ning van Sardinië dit reeds vroeger gedaan had. Hierop werd cene bijeenkomst te Kamcryk vastgesteld , om dc geschillen tusschen dc

*0 ALGEMEEN OVERZIGT.

*

oorlogende Mogendheden te vereffenen . Terwijl deze bijeenkomst duur- de , sloten Frankrijk cn Spanje , in het jaar 1721 , eenen bijzonderen vrede,4 «aarbij, onder anderen , bedongen werd , dat Spanje zesdui- zend Spanjaarden in Toskanen , Panna en Piacenza zoude mogen leg- gen , in de plaats van de zesduizend Zwitsers , waarvan het verdrag van Londen melding maakte , doch dit punt werd geheim gehouden , om den Keizer geen misnoegen te geven.

De jonge Erfstadhouder van Friesland , Prins Willem Caabl Hettdhik Fr iso . mus niet alleen, in bet jaar 1718, tot Stadhouder van Stad- en-Landc en in het jaar 1722 tot Stadhouder van Drenthe benoemd , maar werd ook, in het laatstgemelde jaar , door de Staten van Gel- derland, ofschoon op zeer bepaalde voorvaarden , tot Stadhouder van hunne provincie verkoren.

De Keizer verleende, op het einde van het jaar 1722, octrooi tot de oprigting ccner Oostindische Maatschappij te Oostende in Vlaan- deren , hetwelk de Staten beweerden te strijden met den Monsterscben vrede en andere verdragen ; waarom de Koning van Groot-Brittanje cn zij alle moeite aanwendden , om dit octrooi weder te doen in- trekken. Deze. pogingen schenen in het eerst geheel vrachteloos te zullen zyn , alzoo de Keizer zich , door het aanzien van Spanje , zocht te doen handhaven in het regt , om uit de Oosten rij ksche Nederlanden op Oost-Indié te varen j ten welke einde hij , in het jaar 1721 , in afzonderlijke onderhandeling trad met het Spaanscho Hof, hetwelk, in het jaar 1723, te Wccncn , een vredeverdrag, en een verbond van onderlinge bescherming cn koophandel met den Keizer sloot , by welk laatste aan de Maatschappij van Oostende de- zelfde voorregteu in de Indien werden toegestaan , welke aan de inge- zetenen der Verekmgde Provincie* door dón Koning van Spanje voor- hoed waren verleend. Dc bijeenkomst te Kamcrijk , die tot nu toe geduurd had , zonder dat er iets van belang verrigt was , werd thans afgebroken.

Ten einde de nadeelige gevolgen vau het Wecner verdrag van koophandel te voorkomen, sloot Georce I, den 3 September 1725, het verbond van Haunover. voor den tijd van vijftien jaren, met Frankrijk en Pruisscn , waarbij dc drie Mogendheden zich onder ande- ren verbonden , om elkanders regtcn cn bezittingen , cn in het bijzon- der die opzigtens den koophandel , zoowel in als buiten Europa , te tullen handhaven. Het hield aan tot den 9 Augustus des volgenden jaars , eer de Staten in dit verbond traden. Den 8 September 1726 werd ook , na eenen oorlog van verscheidene jaren , de vrede met Algiers gesloten.

Ten gevolge van het sluiten der verdragen van Weencn en Hannovcr, begonnen dc bondgenooten van wederzijden zich , in het jaar 1727 , te wapenen , terwijl zy aan onderscheidene Hoven handelden , om vrien- den te winnen. Rusland trad in het Wecner verbond cn Zweden in dal van Hannover. Alles schikte zich tot eenen algemceneu oorlog , toen , door bewerking van den Kardinaal de Fleurt , eersten Staats- dienaar des Konings van Frankrijk , cenige voorafgaande punten tot den vrede geteekend werden. In de*e punten werd ten op- zigte van dc Ostcndesche Maatschappij beraamd , dat deze zeven ja- ren zoude opgeschort worden , en dat men , ondertusschen , op cenc bijeenkomst, aan ccne algemecnc bevrediging zoude arbeiden. Deze bijeenkomst, in hel jaar 1728, te Soissons aangevangen, duurde, even als die van Kamcryk, eenen geruimen tijd, londer dal er iets

Digitized by Google

TWEEDE STADHÜÜDERLOOZE REGERING.

31

gesloten werd , cn eindigde ten laatste ook in een bijzonder verdrag , tnsschen Frankrijk. , Spanje cn GrooUBrittanje, hetwelk in November 17i9 te Seville geteekend werd. De Staten traden er kort daarna ook in, en bedongen, dat de drie Mogendheden xich zouden verpKgten, om de. geheele vernietiging der Ostcndcsche Maatschappij te weeg brengen , waar tegen zij beloofden , tot de vervoering der zes duizend Spanjaar- den naar Italië , twee oorlogschepen en een bataljon te zullen leveren. Niettegenstaande het Hof van Spanje er sterk op aandrong, dat deze overvoering spoedig plaats had , stelden de Mogendheden , die in het verdrag van Seville getreden waren, dit van tijd tot tijd uit, beducht, dat het gelegenheid geven mogt tot eenen oorlog in Italië , alwaar de Keizer, in het jaar 1730 , volk cn krijgsbehoeften begon te verzamelen.

Middelerwijl drongen Frankrijk , Groot-Brittanjc en de Staten sterk bij het Weener Hof aan , op bewilliging in bet gene bij het verdrag van Seviflc beraamd was. Doch hunne pogingen waren vergeefs , zoo lang zij niet goed vonden , de handhaving der pragmatieke sanctie , zijnde cenc schikking, die de Keizer op de opvolging in zy"ne Staten gemaakt had , op zich te nemen. Gzoice II , Koning van Groot-Brit- tan je , was de eerste, die zich hiertoe liet overhalen, en den 15 Maart 1731 het Weener verdrag sloot, waarbij bij beloofde tot de hand- having der pragmatieke sanctie te znllen medewerken , en de Keizer den inhoud van het verdrag van Seville aannam. Toen volgde eindelijk, in October van dat jaar , het overvoeren der Spanjaarden naar Italië. Don Carlos werd , kort hierna , als Hertog van Panna en Piacenza , en als toekomende Groot-Hertog van Toskanen, in Italië ontvangen. Vangezicn er nog ecnige punten te bedingen waren , over welke men het niet spoedig eens nerd , traden de Staten niet vóór den S0 Februari) 1752, in bet Weener verdrag. Met hunne toetreding echter werd de Ostendesche Maatschappij aangemerkt als vernietigd.

Het sluiten van het Weener verdrag werd zeer kwalijk genomen iioor de Hoven van Frankrijk en Spanj* , omdat er de handhaving der pragmatieke sanclie bij beloofd was. Ook gaf het aanleiding, Jat Frankrijk tc eerder deelnam aan den oorlog over de Poolsche kroon , die in het jaar 1733 ontstond , cn waarin de Keizer de zijde van Koning Acctstvs III hield , terwijl Frankryk de party van Koning Stajislaos aankleefde. De Staten , ofschoon Tan den Keizer sterk daartoe aangezocht, bestolen, op verzoek van Frankrijk, geen deel in dezen oorlog te nemen, uiits dit laatste rijk zich verbond, de Oosten rij ksche Nederlanden niet aan te tasten, hetgeen Lodewuk XV beloofde, hy eene overeenkomst van 24 November 1733, welke ook in alle deelcn nagekomen werd. De Koningen van Spanje en Sardinië namen deel aan den oorlog tegen den Keizer.

Middelerwijl leverden de Koning van Groot-Brittanjc en do Staten, in bet jaar 1733, een ontwerp tot herstelling van den vrede over, hetwelk den Keizer niet kwalijk behaagde , doch door den Koning van Frankrijk en zyne bondgenooten werd afgekeurd. De Keizer trad later in eene byzondere onderhandeling met het Franschc Hof cn in Oetobcr van bet gezegde jaar werden de voorafgaande punten van den «rede tusscben den Keizer cn Frankrijk geteekend. Spanje en Sardinië namen ze, kort daarna, mede aan. Doch Groot-Briltanje en de Haten , ofschoon dringend daartoe verzocht , weigerden die- te handha- ven , en het liep aan tot den 18 November 1738, eer er te Ween en eiadeüjk een vredesverdrag tnsschen den Keizer en Frankryk geslo- ten werd.

1

S2 ALGEMEEN OVERZIGT.

Door dit verdrag en door de voorafgaande punten, die reed* ten dcelc waren uitgevoerd , werd Do* Carlos , Koning van Napels en Sicilië, en stond daarentegen Panna en Piacenza af aan den Keizer. Augustus Hf bleef Koning van Polen , en Stanislaus , die afstand deed van de Poolsche kroon , bekwam het Hertogdom Lotharingen , hetwelk na zijnen dood aan de kroon van Frankryk komen zoude ; waartegen aan Franciscus III , Hertog van lotharingen , die met 's Keizers oudste dochter gehuwd was , het Groothertogdom Toskanen werd toegelegd. Voorts nam de Koniug van Frankrijk de handhaving der pragmatieke sanctie op zich , en de Koningen van Spanje, Sardinië en de beide Siciliën traden eer- lang tot dit vredesverdrag toe.

De rust van Europa was hiermede echter niet volkomen hersteld , want , het gedrag der Spaansche oorlogschepen in Wcst-Indië , cenig misnoegen tegen het Spaansche Hof in Engeland cn hier tc Lande verwekt hebbende , zoo ontstond hieruit , in het jaar 1739 , een open- bare oorlog tusschen Spanje cn Groot-Brittauje j welk laatste rijk de Staten sterk aanzocht , om er deel aan te nemen , doch de Staten , die van de Spanjaarden eenige vergoeding out\ingen , verkozen den vrede en hielden zich onzijdig , hetgeen zeer voordeelig voor hunne scheepvaart cn koophandel w as , te meer , omdat zij het handels- verdrag met Frankrijk , hetwelk in het jaar 1713 voor vijf cn twin- tig jaren gesloten was , op den 21 December 1739 weder voor vyT cn twintig jaren vernieuwd hadden. Doch de Engelschcn , zoo als altoos, jaloersch op de scheepvaart hunner naburen, belemmerden grootelyks den handel op Spanje en Frankrijk , zonder zich te houden aan het verdrag van zeevaart, dat in het jaar 1674 gesloten, en sedert dikwijls bekrachtigd was.

Nadat Keizer Kabel VI, den 20 October 1740, overleden was, maakten de Koningen van Spanje en Sardinië , alsmede de Keurvorsten van Saxen, Beijeren en Brandenburg aanspraak op 's Keizers nalaten- schap , ofschoon die bij de pragmatieke sanctie gencel aan zijne oudste dochter, de Aartshertogin Maria Tueresia, toegewezen was. De Ko- ning van Prniffen , voorgevende, als Keurvorst van Brandenburg, ge- regligd tc zijn tot een gedeelte van Silezië , viel in dat hertogdom en maakte zich van onderscheidene steden meester. De oorlog tegen 's Keizers erfdochter, die zich terstond voor Koningin van Hongarije en Bohemcn had doen uitroepen , werd eerlang algemeen. Het Fran- schc Hof hield de zijde der Keurvorsten , en bragt te weeg, dat de Keurvorst van Bcycren , in het begin des jaars 1742 , onder den naam van Kabel VII , tot Keizer verkoren werd. De Staten zochten den vrede , tusschen de Koningin van Hongarije en den Koning van Pruissen , tc herstellen. Zij ondersteunden de Koningin met geld, en besloten tot het aanwenen van meer krijgsvolk. Eindelijk werd den 28 Julij 1712 , te Breslaw , de vrede tusschen de Koningin van Hon- garye enden Koning van Pruissen getcekend, cn daarbij het grootste gedeelte van Silezië aau Pruissen afgestaan.

Met de meeste andere Vorsten , die door Frankrijk geholpen werden , bleef Mabia Thebesia echter nog in oorlog. Met den Koning van Sardinië had zij zich reeds vroeger verdragen. Het Engclsche Hof deed zijn uiterste best, om de Staten over tc halen tot deelneming in dezen krijg. Frankrijk bood daarentegen , den Staten een verdrag- van onzijdigheid aan , even als de Koning van Groot-Brittanje ook met opzigt zijner Duitsche heerlijkheden gesloten had. Doch de meeste provinciën besloten , in het begin van het jaar 1745 , zich dieper in

Digitized by Google

TWEEDE STADHOUDERLOOZE REGERING.

33

den oorlog te steken, en dc Koningin van HongarNën met twintig dtri- tend man ie ondersteunen. Dit besluit verwekte veel ongenoegen aan het Fransehe Hof, daar men vorst oud , dat dc Staten niet verpligt waren -lot zulk eenen onderstand, hetwelk eenigc leden van den Staat ook geoordeeld hadden. Ouderlusschen had de Koningin van Honga- rijën ook met den Koning van Polen , Keurvorst van Saxen , vrede weten te sluiten.

Het Fransche Hof, eerst onder de hand eene onderneming op Groot-Britlanje begunstigd hebbende, die de Staten deed besluiten, om Koning Glohge II met schenen en volk te ondersteunen , verklaarde daarna den oorlog aan Groot-Britlanje en wat later ook aan dc Ko- ntnjin van Hongarijën. Hierop veroverden de Franschen eenige plaat- sen in de Oo«tenrijkschc Nederlanden , waarin Staatsche bezetting lag , voljens bet Barrière-traktaat van het jaar 17115. Op de tijding van dexc veroveringen besloten de Staten , om de Koningin van Hongarijën met nog twintigduizend man te ondersteunen. Het Fransche Hof sloeg nu den Staten anderwerf een verdrag van onzijdigheid voor , dat we- derom van de hand gewezen werd.

Dc togt van het Oosten ryksche leger, onder Prins Karei vak Lotha- MSttü, over den Rijn , noodzaakte de Fransehen, het grootste gedeelte hunner krijgsmagt uit dc Oostcnrijksche Nederlanden naar den Rijn- kant te voeren. De Koning van Pruisscn besloot , Keizer Kabel VII «net hulptroepen te ondersteunen , hetgeen Prius Kabel over den stroom deed terug keeren , waarna hij het Pmissische leger uit Bohemen ver- dreef en Opper-Silezie herwon. Hierop werd, den 8 Januarij 1745, te Warschau een verbond tusscheu de Koningin van Hongarijën , den Koning van Groot-Britlanje , den Koning van Polen , als Keurvorst van Saxen , en dc Staten der Vereejigde Proviscik* gesloten.

Nadat Keizer Kakel VII , den 20 Januarij 1745 , overleden was , sloot dc koningin van Hongarijën te Fuessen een verdrag met zijnen eeni- gen zoon Maubuiaa* Josef , die hem in de keurvorstclijke waardigheid over Begeren opvolgde, en haar gemaal, dc Groot-Hertog van Tos- kanen , werd , onder den naam van Fraiciscis I , tot Keizer verheven. We Koning van Groot-Briltanje kwam te Hannover met den Koning *an Pi llissen overeen , wegens de voorwaarden , op welke de laagste zich zonde laten bevredigeu met de Koningin van Hongarijën en met den Jïeiirvorst van Saxen. De voorspoed der Pruissische wapenen nood- zaakte de twee laatstgcmelde Mogendheden , om in deze voorwaarden te bewilligen . waaruil dc vrede van Dresden ontstond, die den 20 December 17 4tf geleekend werd. Dc Franseben hadden intusschen onderscheidene steden in Vlaanderen en Henegouwen veroverd; maar de opstand, dien zij in Groot-Brittanje verwekt hadden, werd, onder anderen niet Staatsolie hulp , gelukkig gedempt. Op den voorslag *an het Fransche Hof werd nu, op het einde van het jaar 1746 , te Breda, over den vrede gehandeld. Doch deze handeling liep vruch- teloos af. De Koning van Frankrijk, genoegzaam alle de Oosteiirijkscha NnJerlanden beniagtigi! lu bbende , verklaarde nu aan dc Staten , op den 17 April, dal li ij hunnen bodem niet langer o.itzien zonde. Ten zelfden dage vielen zijne troepen in S taats -V laandcrcn en bcinagtigden er, binnen korten tijd , de meeetc sterke plaatsen.

L Deel.

5'

34 ALGEMEEN OVERZIGT.

DE REPUBLIEK DER VEREENIGDE NEDERLANDEN , ONDER

WILLEM IV EN V.

De burgerij in onderscheidene Zeeuw sche steden vorderde nu, dat de Rcgmng \\ illes Karei H&mdrik Faiso, Prius van Oranje , die reeds Stadhouder van drie provinciën was , ook aanstelde tot Stadhouder van Zeeland, waartoe hij dan ook. , den 215 April 1747, te Vcerc, en daarna in de andere sleden werd uitgeroepen , wordende voorts door de Staten aangesteld tot Stadhouder , Kapitein-Generaal en Admiraal van Zeeland, üit voorbeeld volgde men weldra in de drie andere pro- vinciën, die geen Stadhouder hadden, en wel eerst in Hol land. Te Rolterdaui werd de Prins , den 29 April , tot Stadhouder uitge- roepen. Op dien dag en eeuige volgende dagen ook in de andere ste- den , waarop de aanstelling door de Stalen , den 5 Mei , volgde. De Slaten van Utrecht en van Overijssel verhieven den Prius tot dezelfde waardigheden , en de Stalcn-Gcneraal stelden hem aan tot Ka-

Ïtitein- Admiraal en Generaal over de geheele krijgsmagt der Vbs.ee.mcm 'rovinciën. Alle deze waardigheden werden, wat Liter, erfelijk ver- klaard in 's Prinsen mannelijke en vrouwelijke nakomelingschap.

Om xieh te sterken tegen de overmagt der Franschen , sloleu GrooU Brittanjc en de Staten eindelijk een verdrag met Rusland, waarbij dit rijk zich verbond tot het leveren van 37,000 man hulptroepen , die eerlang optrokken. Dit had ten gevolge , dat men overeenkwam, om te Aken over den vrede te handelen , waarvan de vot rafgnande punten den 30 April , en het formele verdrag, den 18 October 1748, geteekend werden. Frankrijk stond daarby' af van alle zijne verove- ringen , en de Stalen werden in bet bezit der verlorene steden cn plaatsen hersteld.

De verheffing van den Prins van Oranje had het volk niet geheel bevredigd. Zoo lang nog diezelfde Regenten , waardoor het daebt ge- gedrukt te zijn , op het kussen bleven , en de misbruiken stand hiel- den , waarover het zich beklaagde , baatte de verandering weinig. Het volk meende het regt te hebben , om dadelijk , cn uit zich zelve , alle die misbruiken af te schaffen , op denzelfden voet als het door de luide verhef- fing der volksstem de Stalen genoegzaam had gedwongen, tot herstelling vai* het Staci* ouderschap. De postcryen, destijds een eigendom der ste- den , zag men zich gedrongen op de mecsle plaatsen aan den Prins op te dragen , die ze terstond aan de Slaten of aan het gemecne land van Holland overliet. De ambten , die meer door gunst dan naar bekwaamheid begeven werden , wilde men , op sommige plaatsen , dat in het openbaar zouden verkocht worden ; dit werd echter door den Prins afgekeurd. In het stelsel der gemecne middelen , welke tot nu toe verpacht

5e w eest waren , wenschte men , uithoofde van den in het oog loopen- en rijkdom van sommige pachters cn de hier cn daar plaats hebbende misbruiken, eenc geheele verandering, welke dan ook op 's Prinsen voor- stel plaats had , nadat in het jaar 1748 op de meeste plaatsen de huizen der pachters geplunderd waren. Door al dit woelen van dc gemcenle werden dc Regenten eindelijk zoo wars van dc regering, dat zij in Ho 1 1 a u d zelfs bewilligden in eene resolutie der Staten, waarbij de Prins Erfstadhouder gemagtigd werd, om de regering alom te ver- anderen , zoo als . m dit en de jaren 1718 en 1749. dan ook geschiedde.

Toen de rust hersteld was, trok Trins Willem IV zich den vervallen slaat der fahrijken en des handels aan, maar werd den 20 October 1751, in den oud;idum van 40 jaren, door den dood, in zyne beik-

Digitized by Google

REPÜBL. DER VEREEN. NED., ONDER WILLEM IV EN V. 55

•nme ontwerpen gestuit , wordende in zftne hooge waardigheden opge- volgd door lijnen zoon Willes V , onder de voogdijschap van zijne Moeder Am», Prinses ro« Groot-Brïttanje , terwijl de overleden Prini reeds vroeger , toen hij zijne gezondheid voelde verzwakken , hewerkt had , dat Prins Lodkwijk Ebnst va* Bul^isu uk-Wolfenbcttel , in 1780 in dienst van het Gcmccnebest getreden , was aangesteld , om het algc- nieene opperbevel te voeren over de troepen van den staat, gedurende des Stadhouders minderjarigheid , zijnde hy , by Awsa's dood , dadelijk door de Staten van II o 1 1 a n d en vervolgens door de Statcn-Generaal , in de betrekking van Veldmaarschalk , in den eed genomen , doch op eene zeer beperkte instructie.

Toen er, in hel jaar 1756 , een nieuwe oorlog tusschen de Fransehen en Engelschen was uitgebarsten , besloten de Staten zich geheel en al onzij* dig te houden. Desniettegenstaande bragten de Engelschen den Neder* landschen handel , nu door de onzijdigheid weder zeer aan het bloeyen , gevoelige slagen toe , door het nemen van 56 koopvaardijschepen , welké tij niet wilden vrygeven , dan na de lading , die zij voor contrabande hielden , voor goeden pr\js verklaard te hebben. Daarenboven namen de Engelschc kapers de schepen , zelfs tot tusschen Ameland en Terschelling, weg , zoodat men , in Augustus 1758, de schade door de Nederlanders geleden reeds op 12 millioen guldens rekende. Op de klagten der Nedcrlandsche kooplieden hierover, eischte Engeland, dak men den handel op de Fransche West-Indische volkplantingen zoude nalaten , en wilde eenige artikelen van scheepsbehoeften onder de con- trabande begrepen hebben. De Staten van Holland beloofden, onder de hand , voor den gezegden handel convooi te weigeren , ea den koop- heden hiervan te waarschuwen ; ja , zij geboden zelfs dien handel te staken , maar begeerden dan ook van Engeland , dat men voortaan geene schepen meer zoude opbrengen of onderzoeken , en , dat men over de reeds opgebragte schepen spoedig goed regt zou doen, maar Engeland wilde die vrijheid, ofschoon door het verdrag van 1674 gewaarborgd , zonder eenige belofte van zijne zyde te geven, vernietigd nebben .

Te midden dezer onccnighcid overleed Prinses Ami a , den 12 Januarft 1759, in haar vijftigste jaar. De Hertog vak Baoitswm werd au als voogd en plaatsvervanger van den onmondigen Stadhouder er* lend , in zoo verre het leger betrof; het staatkundig gezag behielden de Staten aan zich tut 's Prinsen meerderjarigheid. Daar de Engel- •che kapers aanhoudend hunne rooverijen voortzettcden , besloten de Staten, in 1759, tot het uitrusten van 25 oorlogschepen, ten einde de koopvaarders te beschermen en dit was van een cenigzins gewenscht gevolg, wnnt , daar de Nedcrlandsche zeelieden nu toonden , niet van den •uden heldenmoed der vaderen ontaard te zijn , bragten zij menige riik hevrachte kiel binnen , die anders gewis eene prooi van de Engclscho hebzucht zoude zijn geworden.

Eindelijk werd de vrede ter zee, op het einde des jaars 1762, te Footainebleaii , tusschen Frankrijk , Spanje , Engeland en Portugal , gesloten , en in Februarij 1763 volgde die te lande tusschen de Keizerin en den Koning van Pritissen , met wien Zweden , reeds in Mei des horigen jaars , op het voetspoor van Rusland , den vrede getroffen bad.

Gedurende de dertien jaren , welke de nu heerschende algemeen e vrede , duurde (een oorlog tusschen Turkije en Rusland uitgezonderd) , steeg N ces la* os handel, cn de daarmede gepaard gaande welvaart, tot eenen onrjenicencn trap van luister.

36

ALGEMEEN OVERZIGT.

Do geschillen , in het jaar 1773 , tusschen Engeland en ïljnc Noord*

Amerikaanschc volkplantingen gerezen, hadden ten gevolge, dat dc Noord-Amcrikancn , in 1776, een congrea bijeenriepen, en zich in het volgende jaar onafhankelijk verklaarden. Daar de Nederlanders den Engelschen hulp weigerden , en onzijdig wenschten te blijven , namen de laatstcn, die op dt; rijk geladen bodenis van den Staat vlamden , het eerste voorwendsel , dal zij konden vinden , te baal , om den Staten den oorlog te verklaren, en, eer men daarvan elders koude onderrigt zijn, vermeesterden zij een groot aantal schepen, die, op de trouw der verdragen steunende , gerust de zee bouwden , zoodat zij reeds op den laatstcn Jantiarij des volgenden jaars meer dan 200 koopvaarders , met wel l!f mi I Hoen aan waarde , genomen hadden. Ook werden onze West- Indische koloniën door hen bemagtigd, maar weldra weder her- nomen door de Franschen , die dc Amerikanen ondersteunden. De Staat , weleer zoo magtig ter zee , scheen weerloos aan de genade des vijands gesteld , of aan het medelijden van ecnen vreemden staat , te zijn overgeleverd. De koophandel stond bijna stil , men durfde niet» verzendeu; de beurzen in de koopsteden waren schier uitgestorven; de Ncderlandschc vlag waagde zich niet meer op zee . en door de Zond , waar in 1780 nog 2058 Nederlandsche bodems stevenden , zeil- den er in 1781 slechts elf. De Oost-Indische Compagnie hield op met betalen en men kon naauwelijks tegen 6 ten honderd geld bekomen. Nadat echter de Nederlanders weder ter zee , onder anderen den 8 Augustus 1781 , in den slag op Doggersbank , getoond hadden , dat nog het heldenbloed hunner vaderen door hunne aderen stroomde, en de Engelschen , zoo in Amerika als elders , aan merkel ij ken tegenspoed ondervonden , wendden deze Iaatsten zich , door tusschenkomst der Rus- sische Gezanten te Londen en te 's Gravenhage , aan dc Staten , ter ver- krijging van cenen wapenstilstand en van ecnen vrede , op den voet van dien des jaars 1C74 , en even voordeelig voor de Nedem.ande*. Maar men besloot van onze zijde zich in het vredeswerk niet van Frankrijk cn Spanje te scheiden. Daar deze heide Mogendheden echter zich niet ontzagen, om, den 2 September 1783, te Parijs, ecnen afzonderlijken rede aan te gaan , zoo werden dc Staten nu genoodzaakt , om , op veel onvoordeeligcr voorwaarden , dan hun eerst waren aangeboden , met Engeland te handelen, wordende dc vrede tusschen de Yereemcdb Ne- DunLAjDE* en dien Staat, op den 20 Mei 1784 gesloten, cn daarmj Negapatnam,op dc kust van Coromandcl , aan dc Engelschen afgestaan , terwijl dat rijk de ongestoorde scheepvaart in dc Oostindi- sche wateren en zelfs in de M o 1 u k s c h e zee bekwam.

Intusschen werd ons Vaderland met eenen nieuwen oorlog bedreigd, doordien Keizer Jozbf II , dc grensvestingen , in dc Oostcnrijksche Nederlanden , waarin wij, ten gevolge van het barrièrctraktaat van het jaar 17115 , bezetting hadden, door de Nederlanders wilde ont- ruimd hebben. Dit geschiedde; maar toen hij tevens het openen der Schelde begeerde, en daarin tegenstand vond, verklaarde de Keizer dc vijandelijkheden begonnen. Na veelvuldige onderhandelingen, zoo te Wcenen als te Versailles , kwam het echter, den 8 November 178SS, door bemiddeling van Frankrijk, tot een verdrag, waarbij dc Keizer, tegen tien millioen guldens , benevens de slechting van de forten de K ru i s- schans cn Frcdcrik Hendrik en dc overgave van L i 1 1 o en L iefken shock, vau zij nc cischen op Maastricht en het openen der Schelde afzag. Twee dagen later werd te Fonlnineblcau een verwerend verbond tusschen den Staat en Frankryk gesloten.

Digitized by Google

REPUBL. DER VEREEN. NEDERL. ONDER WILLEM IV EN V. 57

aai.

aas

Hu was de Staat uitwendig tot rust gekomen , maar had daarente- gen met binnenlandse he beroerten te kampen. Daar sommigen aun de re- gering werkeloosheid en verkeerd bestuur , gedurende den oorlog met Engeland , te laste legden , veroorzaakte dit roo veel misnoegen , dat men , om verbetering der ingeslopen misbruiken , en zelfs om vermin- dering van het stadhouderlijk gezag , begon te roepen. Hierdoor werden de burgers , en ïelfs ook de Regenten , in Sladhoudersgezinden en Pa- triotten verdeeld. De taatsten, alommc gewapend , deden zich , vooral in Hotlau d , Utrecht en O v e r ij s s e 1 , gelden. L'c Hertog run Brunt- wïjk-Wolfenbullcl , die zeer bij de Patriotten in haat stond , vooral nadat men het bestaan ontdekt had eentr acte, waarin hy zich ver- banden had. tot bestendige raadgeving aan den Prins, die hem daar- door tegen alle verantwoording vrijwaarde, zag zich genoodzaakt , met ncderlegging van alle zijne waardigheden, het Land te verlaten. Daarentegen werden Haltetn en Elburg , hunne poorten voor de sol- dalen sluitende en zich door de schutterijen verdedigende, met kracht •van wapenen ingenomen en geplunderd. De Prins werd , als Ka- pitein-Generaal, gesehorst, de regering veranderd, en *s Prinsen Echt- genoote , op eene reis van Nijmegen naar *s G ra venha ge , aan de Goejanverwellesluis , tusscheu Gouda en Schoonhoven, door de aldaar liggende gewapende burgers , aangehouden. Haar broeder , de Koning van Pruisscn , cischte voldoening, en toen deze achterbleef , rukte in 1787een Pruissisch leger in de Nedehla^dks , waarop de voldoening •volgde , en de oude regeringsvorm , den Stadhouder toegedaan , hersteld werd. Vele der gewapende vrijwilligers weken nu naar Frankrijk , an- deren werden geliai.ncn, en alzoo de rust , schijnbaar en voor dien tijd slechts, hersteld , hoewel niet zonder dat hier en daar over aan- merkelijke ongeregeldheden geklaagd werd.

Kort na deze onlusten had er in Frank rijk eene groole omwenteling plaats, van de afschuwelijkste moordtooneelen gevolgd. Dat Koning- rijk werd in een geineencbest veranderd , en de Koning van dat rijk , LoorwMs XVI, verloor, den 21 Januarij 1793, zijn hoofd op het scha- vot. De Nationale conventie , in wier handen destijds de hoogste magt in Frankrijk berustte, verklaarde, den 1 Febrnarij daaraanvolgende, den oorlog aan den Koning van Engeland . alsmede aan den Stadhouder der Vereksikde Nederlanden , en zond een talrijk leger op onze grenzen, hetwelk aanvankelijk eenige steden innam , maar ten Jaatste voor de magt der Oostenrijkers moest wijken , die de veroverde steden deden ontruimen. Het duurde echter niet lang of de Franschcn sloegen hunne vijanden weder terug, vielen op nieuw onze grenzen aan, en vonden gelegenheid, daar de bijzonder strenge winter van 1794 -1705 eenen sterken ijsvloer over de rivieren gelegd bad , om tot in hel hart van het land door te dringen. De Stadhouder, Wille» V, stak nu, den 18 Januarij 1795, in eene visscherspink naar Engeland over, waarop de groote omwenteling voorviel , bij welke het aloude Staatsbestuur geheel van gedaante veranderde, en dit land den titel van Bataa*- M.m IUpihi ik», aannam; terwijl, hij het llaagsehe verdrag van S6 April 1795. 's lands onafhankelijkheid erkend werd , maar tevens een groot ge- deelte der Gen e ra 1 i t e i tsla n d e n, en wel : Staats-Vla anderen, Maastricht, Venlo en S t a a t s - L i m b u r g , aan Frankrijk werd afgestaan, dal tevens bezetting legde in Vlissingen, en de vrijheid bekwam, om zulks ook in 's 11 e r t o ge. n b osc h , Grave en Ber- gen-op-Zoom te doen ; en hetwelk mede de vrije vaart op do Scheld», da Maas en den Rij n eu 100 millioanan guWau ba-

33

ALGKMKK* OVERÏIGT.

(Jong j terwjjl da Bataafschs Republiek bovendien nog 25,000 man Fransen* troepen woest onderhouden , voeden en klceden , welke troe* pen onder eenen Franschen Bevelhebber moesten staan , die volstrekt niet aan de Regering van dit land, inaar alleen aan die van Frankrijk , ondergeschikt en verantwoordelijk was.

BATAAFSCHE REPUBLIEK.

Bij da omwenteling van het jaar 1798 , werd de Stadhouder van zfyna Waardigheid vervallen verklaard , hoewel de Algemeene Stutem , vooreerst, ter onderhandeling met vreemde Mogendheden , nog op den ouden voet ble- ven , behalve dat ook afgevaardigden uit Bataafs cii-Braband, welk gewest vroeger , onder den naam van Staats-Braband, tot de G neraliteitslandcn behoord had , zitting in die vergadering kre- gen ; de Raad van State werd in een Commitc' tot de Algemeene zaken van met bondgenootschap te Lande veranderd, en de Admiraliteit dooreen Comité' der Marine vervangen. Deze staat van zaken was echter niet van langen duur , want in het begin van 1796 werd er besloten tot het mjeepbrengen cener Nationale Vergadering f uit personen uit alk gewesten der Republiek samengesteld , welke een ontwerp van consti- tutie moest beramen , en het volk ter goed- of afkeuring aanbieden. Het ontwerp, door deze vergadering opgemaakt, werd ecblcr den 8 Au- gustus 1797 verworpen. Nu kwam eene tweede Nationale Vergade- ring bij een, die, na dc uitzetting van sommige harer leden op den Si Januarij 1798, waarbij zy' den naam van Constituerende Verga» tferiughad aangenomen, een tweede plan ontwierp, hetwelk, den 25 April van dat zelfde jaar, werd aangenomen. Bij deze Staatsregeling werd dc Bataafsc» Republiek, verdeeld j te weten : in acht departe- menten : deEcms, de Oude Ussel, dc Rijn, dc Amstel, Texel, dc Delft, de Dommel cn Je Schelde - en-Maai. Aan een uit volksvertegenwoordigers samengesteld ligchaam , verdeeld in twee kamers , van welk dc eerste kamer 60 en de tweede kamer 30 leden telden , en hetwelk den titel van f Vet gevend Ligchaam voerde, Werd daarbij dc wetgevende magt voor den Staat in hare geheela uitgestrektheid toevertrouwd, tcrwyl een Uitvoerend Bevind, uit vijf leden bestaande , daarentegen in zyn gezag zeer beperkt was, behalve Omtrent dc gewestelykc belangen , welke het geheel moest bezorgen.

De omwenteling van 179'J wikkelde ons dadelijk in cenen oorlog met Engeland , waardoor wij weldra de meeste onzer Oost- cn West-Indische bezittingen en honderden koopvaardijschepen verloren. Deze oorlog eindigde wel met cenen algemecnen vrede , die , den 27 Maart 1804 , te Amiens , gesloten werd, maar ook die vrede werd spoedig weder verbroken, en was hierdoor in de gevolgen zeer nadcelig voor ons, want, behalve dat wij daarbij het kostbare eiland Ceilon aan Engeland moes- ten laten , vielen alle onze rijk geladene cn te huis komende schepen in banden der Engelschcn, die ons, reeds den 18 Mei 1803, weder op nieuw den oorlog verklaard hadden.

Intusschcn was de Staatsregeling van 1798 in 1801 weder door ecne nieuwe vervangen, waarbij de oude provinciën, onder den naam van departementen , maar met de oude grenzen en namen , hersteld wer- den , zoodat destyds dc Bataafsche Republiek bestond uit dc vol- gende negen departementen : Gelderland, Holland, Zeeland, Utrecht, Friesland, Oveiijssel, Stad cn Lande, Drenthe en Braband. Volgens deze staatsregeling werd ook dc

Digitized by Google

BATAAFSCUE REPUBLIEK. 30

magtvanhet Wetgeve n d Li gc h aa m , dat nu uit 35 leden, in ééne kamer vereen igd , bestond , aanmerkelijk beperkt en bet Uitvoe- rend Bewind aan 12 leden opgedragen.

In 1905 werd er echter weder cene andere Staatsregeling aangenomen, bij welke men het voornaamste bewind aan eenen RatulpeHsianaris toe- betrouwde, 'raarloe benoemd werd Mr. Ritgeb Jax Scaia«ELPt%>ncE , terwijl de Wetgevende magt in handen werd gegeven van eene vcrgnih- ring van 19 leden , die den titel bekwam van Humt: Hoogmogcnden , representerende het Balaafsehe volk.

KONINGRIJK HOLLAND.

Ook dit nieuw bestuur duurde naauwlljks een jaar, wantin het jaar 180Ö , zag het Vaderland zich, door den Franschen Keiier Napoleo* , ge- drongen, om diens derden broeder, Lodewijk , onder den titel van Koning rnn Holland, aan het hoofd van het bewind te roepen, met toevoeging van eenen Staatsraad nit 15, en een Wetgevend ligchaam uil 40 leden bestaande.

De naam van Bataafscbe RerrsuEK ging nu in dien van KovncnuK, Hollv*d over, en het land werd in tien departementen verdeeld, die de oude namen behielden, behalve hel departement Holland, dat in twee deelen gescheiden werd . waarvan het noordelijke den naam van Amstelland, en het zuidelijke dien van Maasland bekwam. Nadat dit Koningrijk, bij het traktaat van Parijs van 11 November1 7807 . met Oostfricslaud en Jcverland en het oppergezag over de heerlijkheden Kniphuizen en V a r e 1 vergroot w as , w aar- tegen echter de stad V lissin gen, met een grondgebied van 1800 ellen rondom de stad, aan Frankrijk, hetwelk sedert 1304 , tot een Keizerrijk was verbeven , werd afgestaan , bestond het uit de vol- gende 11 departementen : Groningen, Friesland, Drenthe, Overijssel, G e I d c r 1 a n d , U t r e c h t, Amstelland, Maas- land, Zeeland, Braband en Oost-Friesland.

INLIJVING BIJ FRANKRIJK.

Het Komsghijk II on. ai n liestoud slechts tot den 1 Juli) van het jaar 1810, toen Koning Lodewijk, na reeds, bij het verdrag van 16 Maart van dat jaar , geheel Zeeland, Staats-Braband, Holland tot aan de Merwede en Gelderland tot aan de Waal aan Frank- rijk le hebben afgestaan , [«"dwongen werd.de rcjrerinff neder te lemren , en de Fransche Keizer Napoleo* het gcheele land niet zijn rijk vereen igdc, waarvan de Nederlanden nu acht departementen uitmaakten ; namelijk : het Departement van de W e s t c r - E e m s , het Departe- ment Friesland; het Departement vnn de Mond en van den IJ s s e 1 , hel Departement van den Boven-IJsscI, het Departement van de Zuiderzee, het Departement van de Monden van de Maas, hel Departement van de Monden van de Schelde, en het Departement van de Monden van den Rijn.

KONINGRIJK DER NEDERLANDEN, VOORDEN BELGISCHEN

OPSTAND.

Op het einde van 1813 wierpen de Nederlakdei het Franscke juk af. schaarden zich weder in de rij der volk«u , en noadigdun den Prins

Digitized by Google

40

ALGEMEEN OVERZIGT.

yaj» Oauui , wiens voorouden vroeger , als Stadhouders van onder- scheidene provinciën , liet land duur aan zich verplat hadden , om herwaarts terug te komen, en de teugels van het bewind in handen te nemen , waarop Prins VYillkï , in December van dat jaar. tot Sou~ veretnen forst werd uitgeroepen . welke waard: {heul hij echter niet wilde aanvaardden , ten zij men de daaraan verknochte magt door eeue grond- wet omschreef. Bij deze grondwet werd de Wetgevende magt in handen gesteld van cenc Nationale Vertegenwoordiging , die den naam van Staten-Generaal bekwam , terwijl de Sotivcreine Vorst de uitvoerende magt in handen hield. In het volgende jaar werd op het Wccner- Congres besloten, dit land met België tot één Koningrijk te ver- eenigen , dat den naam van Ko*ncnuK der Nederlanden , en in het Fransch Rotaube des Pats-Ba» , zou dragen , hoewel de Franschen het , naar de uitgestrektste zijner provinciën , meestal Le Rotacsb de ia Hollaüdb , heetten; eenigen tijd vóór den opstand in België begonnen dc Franschen echter ook te spreken van Le Hotatve de la Neerlande. Dit koningrijk bestond uit zeventien provinciën ; zijnde : Noord-ira- band, Zuid-Braband, Limburg, Gelderland, Luik, Oost-Vlaan deren. West - Vlaander en, Holland, Zee- land, Namen, Antwerpen, V l r c c ii t , F r i e s 1 a n d , O v e r- Ij s s e 1 , Groningen en Drenthe, terwijl het Groothertogdom Luxemburg, wel onder het bestuur des Konings stond, maar eigenlijk geen deel van het rijk uitmaakte, waarom de Koning den titel voerde van Koning der JV ede r lauden r Prins van Oranje.' Nassau f Groothertog van Luxemburg. Bij den Koning was nu we- der dc Uitvoerende magt, maar dc Wetgevende magt bleef in han- den van de Staten (Icneraal, thans in twee kamers verdeeld j wordende dc leden van dc Eerste kamer, die uit niet minder dan 40 , cn niet meer dan CO leden beslaan niogt , door den Koning voor lltin leven lang benoemd, en die van de Tweede kamer, 110 leden tellende, gekozen door dc Provinciale Staten van elke provincie, welke uit drie standen : de Ridderschap , den Stedelijken cn den Landclijken stand bestonden. Van dcr.e laatste moest 's jaarlijks een derde ge- deelte aftreden , maar de alzoo aftredende leden mogten op nieuw worden ingekozen. De Staten-Generaal moesten liet ééne jaar le B r us- scl, het andere te 'sG r a ven h ag c vergaderen , in welke plaatsende Koning ook, bij afwisseling, zijne residentie houden moest. Voor deze vergrooling van grondgebied , en tevens voor het hulpbetoon der bond- genooten lot bekomiug \an hunne vrijheid moesten de Nederlanden 61 millioenen betalen; als 11 millioenen aan Zweden, voor het verlies van het eiland Guadeloupe , waarvan het bezit vroeger aan dat rijk verxekerd was , maar dat thans aan Frankrijk moest worden terugge- geven , cn üO millioenen aan Rusland voor de bevrijding der Bel- gische provinciën; voorts werd de versterking der zuidelijke grenzen , die tegen cenen onverhordschen inval van Frankrijk met eene dubbele ry van vestingen moesten voorzien worden . op 41 millioenen geschat, zoodal de geheele som } hetzij tot schadevergoeding, hetzy tot verdediging der grenzen , te .voldoen , 10-5 millioenen guldens beliep. Hiervan nam echter Engeland op zich , de schuld aan Zweden geheel en die aan Rusland half te voldoen , en zich dus te verbinden voor 36 millioenen guldens, mits daarvoor de koloniën Deinerary, Esse- q ii e b o en Berbice aan dat rijk afgestaan werden; terwijl het te- vens , tegen afstand van de Kaap de Goede Hoop, op zich nam , de helft, dus 22 millioenen guldens, in den opbouw der vestingen tc

Digitized by Google

1

KONINGRIJK DER NEDERLANDEN. 41

betalen. Van nnzc volkplantingen , die allen , behalve eeniftc vastig- heden van weinig aanbelang, in handen der Engelschen Maren, bekwa- men wij de volgende terug: in Azië: het eiland Java, de Mo- luks e h o eilanden, de bezittingen op Sumatra, Borneo, M a I a c c a en cenige kantoren op Bengalen; in Amerika c Suriname, benevens de eilanden Curaeao, Bonair*, Aru- ba. S t. E u s ta t i u s. S a b a en de helft van S t. Martin, waar- van de wederhelft aan Frankrijk toebehoort. Terwijl wij op de kust van (iuinea : de forten St. An tonic. S t. Sebasliaau,St. G c o r g e del Mina en Crcvecoeiir behielden.

In Maart l«S2f weiden echter alle de Nederlandsrhe bezittingen op bet vaste land va-i Indië , zijnde : M a l a c c a en de kantoren op Be n- galen, tegen 1; o r t - M a r l h o r o ti g h (B e n c o e l e n) en alleBrilsche bezittingen oj. het eiland Sumatra, aan Engeland afgestaan, welk rijk van alle zijne aansprakrn op Bil li ton, even als de Neder- landen van die op S inca poer, afzag, belovende Engeland teven» geene kantoren meer in de eilandengroep bezuiden straat Sinca- p o e r te zullen aanleggen.

KONINGRIJK DER NEDERLANDEN , NA DEN BELGISCHEN

OPSTAND.

Nadat het Konikcmjk per Nederlanden gedurende vijftien jaren, onder het vaderlijk bestuur van Wille» I, steeds in bloei en welvaart was toege- nomen, stonden de Zuidelijke \cdcrlanders in 1830 tegen zijn bestuur op, et: onttrokken zich zijner regering. De grootc Mogendheden , tot wie de Koning zich gewend had , ten einde zij als bemiddelaars zouden optre- den. verklaarden toen de Zuidelijke provinciën, tot een af- zonderlijk koningrijk, onder den naam van België; terwijl de Noor. cl cl ijk «• onderden Vorst, wien zij getrouw gebleven waren, een afzon- derlijk koningrijk , onder den naam van Koningrijk der Nederlanden zou- den uitmaken. Volgens de bepalingen van de Londcnsche conferentie van 16 Ociobcr 1831 , bestaat alzoo het Koninkrijk, der Nederlanden uit het gebied van de voormalige Republiek der Vbreenigde Nederlanden , met bijvoeging van een klein gedeelte van Limburg en de voorheen tot andere landen behoord hebbende plaatsen , die in de provincie Ge I d c r- land of Noord-Braband besloten liggen, benevens een gedeelte van het Groot hertogdom Luxemburg, welk laatste echter , als een bestanddeel van het Duitschc verbond , eigenlijk niet kan gerekend worden , tot hot koningrijk te bchooren , waarvan het bovendien ook afgescheiden ligt. Zoo dat het koningrijk nu zamengesteld is uit de volgende 10 provinciën : Noord-Braband, Gelderland, Hol- land. Zeeland, Utrecht. Friesland, Overijssel, Gro- ningen, Drenthe en Limburg.

REGERING VAN HET KONINGRIJK DER NEDERLANDEN.

De regering is nu nog , even als tijdens de verecniging met Belgë, Monarchaal, maar door crue grondwet gewijzigd, hebbende de Koning dr uitvoerende mag! in handen. De tegenwoordige Koning is Wille» I, geboren te "tdratenhnije , den 21 Augustus 1772 , die van 1813 af, eerst als Soevereinen Vorst der Noordelijke Nederlanden en sedert 1815 als Koning over alle de Nederlanden geregeerd heeft. De kroon is erfelijk in '* koniugs mannelijke nakomelingen , di» naar het regt van eerst

ALGEMEEN OVERZIGT.

geboorte opvolgen ; bij ontstentenis van mannelijke nazaten , gaat óm kroon , in dezelfde volgorde op de vrouwelijke over. De Koning mag geen vreemde kroon dragen , noch den zetel der regering naar buiten 's lands verleggen. De vermoedelijke erfgenaam van den troon voert den titel van Prins ran Oranje. In alles bedragen de. inkomsten van den Koning jaarlijks 1,800,000 gulden, die der Weduwe des Koning» zijn op 150,000 gulden bepaald, die van den erfgenaam der kroon, wanneer bij zijn 1 8de jaar heeft bereikt , op 100,000 gulden , welke som echter bij het aangaan van een hu-.vclyk verdubbeld wordt.

Het wapen is een, met eene koninklijke kroon gedekt , schild, waarin op een blaauw, met gouden blokken bezaaid, veld, den klimmenden ftassauschcu leeuw , getongd van keel (rood) , houdende in den regter klaauw een gouden zwaard en in den linker cencn bundel pijlen met gouden punten , de punten omhoog en de pijlen met een gouden lint te zanten verbonden. De schildhouwcrs zijn twee leeuwen met gouden kroonen op het hoofd, onder wier voelen een roode band met de woorden s Je Maintiendrai (ik zal handhaven).

RIDDERORDEN.

Kr beslaan in het KontcniJE der Nedeblahdeh , twee Ridderorden r die beide dcnzelfdcn Kanselier aan het hoofd hebben , zijnde de M i 1 i- tnirc Willemsorde en de Orde van den Ncdcrland- 8 c h e n Leeuw.

De Militaire Willemsorde is ingesteld , ten einde te strekken tot verecrende belooning van diegenen, welke zich van de pligten, aan de krijgsdienst te water en tc lande verbonden , door uitstekende daden van moed, beleid en trouw gekweten hebben. Deze orde is ver- deeld in v icr klassen , als : Groot-kruisen, Kom mandeurs, Ridders van de derde en Ridders van de vierde klasse. De decoratie bestaat in een wit geëmailleerd kruis , met acht gouden geparelde punten. Op de armen van het kruis de woor- den : Voor Moed , Beleid en Troarc. Over dit kruis ligt het Bourgon- disch kruis, bestaande uit groene lauriertakken, zaamverbonden door den gouden vuurslag, op de tegenzijde vervangen door een blaauw geëmailleerd medaillon , waarop , in het midden van eenen laurier- krans, de letter W, alles gedekt door eene gouden Koninklijke kroon. Het lint is oranje, met twee smalle Nassaus blaauwe strepen. Het tceken van onderscheiding is voor de Groot-kruisen: eene xilveren ster, geborduurd op den rok aan de linkerzijde, en bet juweel van de orde, aan een lint \irr vingeren breed, en e'charpe van de regter- naar de linkerzijde. Voor de Kommandntrs : het ordetccken geborduurd op den rok aan de linkerzijde , zonder ster , doch met de kroon en het juweel aan een lint , drie vingeren breed , en saulotr om den bals. A oor de Iliddvrs ran de derde klasse : hel ordeteeken aan een lint, twee vingeren breed aan het knoopsgat, en voor de Ridders ran de rivrde Uussc: een kleiner ordeteeken , hebbende de punten, vuurslagen kroon in zilver aan een lint, één vinger breed aan liet knoopsgat. De krijgslieden te wateren te land, die geen officiers- rang hebben, krijgen, wanneer zij tot Ridders van de vierde klasse benoemd worden, eene verhooging van inkomen, gelijk staande met de helft van de soldij , welke door hen , op het tijdstip hunner benoeming, v.erd genoten. De soldij wordt vn dubbelde voor diegenen der voormelde militairen, welke lol Ridders van de derde klasse worden bcuoemd.

RIDDERORDEN.

43

Orde ran den I¥ederlandechen Leeuw is ingesteld tot ccno ver- venende onderscheiding \au alle Nederlanders, die bewaren geven rao beproefde vaderlandsliefde , bij zonderen ^jver en tro«rw in bet volbrengen hunner bnrgrrplijten , of* buitengewone bekwaamheid in wetenschap- pen en kunsten. Dn orde heeft drie: klassen: Oroot-kruijcn, Ko m in a n d c u r s en II i d «1 e r s. Diegenen , welke zich door auttige daden, door zelfopoffering uf door andere blijken van mensefceuliirf- de, eene onderscheiding waardig maken , kiimieii onder den uaam van B rocders aan de orde worden verbonden. liet versiersel der orde bestaat in ecu wit geëmailleerd kruis , met ccne gouden W tus- schen elk der armen , hebbende aan de eene zijde , in het midden een blaauw geëmailleerd rond , waarop in gouden letteren geschre\eu zijn de woorden : V irlut Dobililat (deugd veradelt) , en aau de tegen- zijde | de leeuw , zoo als hij in het wapen van het rijk voorkomt * alles gedekt met eene gouden Koninklijke kroon. Het lint is van Nassausch-blaauw met twee smalle oianjest repen. Met teeken van onderscheiding is , voor de Groot-kruisen : het ordeleeken van da zij- de . waarop de spreuk : V irtut Nobilitat , jevondeu wordt , zonder kroon op eene gouden ster , geborduurd op den rok aan de linkerzijde , en het juweel van de orde aan een lint, vier vingeren breed en echar- pe van de regler- naar de linkerzijde. Voorde Kommatidcurt .* het ordeleeken als voren geborduurd op den rok, zonder ster, doch ge- dekt met de kroon, en het juweel aan een lint, drie vingeren breed, en satUoir oin den hals. Voor de Riddert: het ordeleeken aan een lint, twee vingeren breed, aan het knoopsgat. De Broeder» dra- gen, ist plaats van het kruis, eencu zilveren medaille, hebbende, aan de eene zijde, het zinnebeeld der orde, en aan de keerzijde hare spreuk, en hangende aau een ISassausch blaauw lint, ter breedte van andcrhalvcn duim , met érnc oranjeslrcep in het midden.

De Koning is Grootmeester der beide orden , zijnde dit grootmeester- schap onafscheidelijk aan de kroon der Nederlander verbonden.

HOOGK COLLEGIEN.

Hoo» Raad va» Adu.

De Ifooge Raad ran Adel is samengesteld uit een President, 4 R a d e n en 1 Secretaris. De President en 2 Raden moeten hekooren tot den adel, terwijl in het collegie van President en Raden twee gegradueerde personen moeten zijn. De Raad houdt zijne zittin- gen te 's Grav enhage , overweegt de instellingen, door de Hiddersehap of Edelen in onderscheidene provinciën te ontwerpen, benevens alle de veranderingen of wijzigingen daarin te maken, en dirtit Z. M. deswege tan cousidcratiën en advies. Hij beslist onder hongstdrszrlfs goed- keuring . alle verschillen , welke over de genoegzaamheid der bewij- zen tol hel zitting nemen in of onder de pro\iuciale Ridderschap of Edelen mogten oulstaaii ; houdt een algemeen register van den Neder- l*ad«clicn adel , en doet de noodigc voordragten , strekkende tol eer , luister en handhaving van den adel en van s Vorsten hoogheid.

State» Gemehaal.

Het rijk wordt thans nog bestuurd volgens de grondwet , die in 181 j ** w>r bet verecnigd koningrijk vastgesteld is, zoodat ook thans dc

Digitized by Google

Al ALGEMEEN ÜVERZIGT.

Algemeen» Staten of Sta ten-Gene ra «1 natie vertegen- woordigen en de Koning aan de Staten de wetten blijft, voordragen r welke door dezen morden aangenomen of verworpen. RIJ worden , even alt vroeger , in twee afdeclingcn of kamers verdeeld; rvenwel telt de eerste kamer thans slechts 23. en de tweede slechts t>5 leden, heb- bende echter Limburg en Luxemburg, door België bezet lijnde, nog geene Afgevaardigden gezonden . om in die kamer zitting te nemen. ))e Koning kiesl bij voortduring de leden der eerste . dc provinciale Stalen die der tweede kamer. De Stalen Generaal vergaderen nu be- stendig te 's Gravcnbage , waar ook dc Koning ihaus zijne vaste re- sidentie houdt.

Raad vaji Stat».

Door den Koning wordt een Raad van State benoemd , die over de algemeene maatregelen van inwendig bestuur van don Staat en van zijne buitenlandsche bezittingen geraadpleegd wordt. Deze Raad va» welken de Prins van Oha*je President is , en waarin Prins Fbedebik. mede zitting beeft , bestaat bovendien uit zeven leden.

Alceseeüe Reeerkaher.

De Algemeene Rekenkamer, die jaarlijks dc rekeningen der verschil- lende departementen van algemeen bestuur moet opnemen en vereffe- nen . mitsgaders behoorlijke rekening en verantwoording vorderen van alle bijzondere landscomptabclen , bestaat uit 8 1 e d e n , gcadsistcerd door eenen Secretaris. De leden worden door den Koning gekozen , uit eenc lijst van drie kandidaten, welke door de tweede kamer der Sla- tcn-Generaal worden voorgesteld.

Rade* eh G e h er a ali eestereh ya* de Mout.

Het Muntwezen staat onder bet opzigt van Raden en Gcneraal- meeslercn van dc munt. Dit kollcgie houdt zitting te Utrecht , waar ook 's Rijks Mun t gevestigd is, en bestaal uit zes leden , alle gelijken rang hebbende, eenen I nspcctcnr-Kssaije u r en eenen Secretaris.

De Inspectcur-Essaijcur heeft, rang van Raad en Munlmeest er- Generaal , en zitting in het kollegie , doch beeft, alleen eene raadge- vende stem.

Het kollegie zorgt voor de stipte en naanwkeurigc uitvoering van alle wetten en besluiten , betreffende den muntslag; zoowel van dc stand- penningen als van de negolicpenningen. Het opzigt over de Munt te Utrecht wordt ook door het kollegie uitgeoefend , dat mede belast is met liet toezigt over den handel in gemaakte gouden- en zilveren werken , en de zorg voor de invordering der belasting , daarop geheven wordende ; terwijl eindelijk aan dit kollegie behoort dc beslissing der kweslien over het allooi, cssai en wat dies meer zij van gouden en zilveren werken en speciën^ Het heeft het toezigt over de essaijcurs voor den koophandel , en verleent hun acte van admissie , na voor- afgaand e vamen.

Over dc middelen van den waarborg van bet goud en zilver is een I ns pecteur aangesteld , en er bestaan 15 kantoren van waarborg; als: te 's llcrtogcnbosch, te Breda, te Maastricht, te Roer- monde, te Amsterdam, te 's Gravciihagc, te Rotterdam, te Schoonhoven te Middelburg, ta Utrecht, Leeuwar- den, te Zwolle en te Groningen.

Digitized by Google

HOOGS COLLEGIEN.

By" openbare aankondiging f gedagteekend 13 November 1828, zijn de waarborgkantoren dienstbaar gesteld tot het beveiligen van de ingezetenen tegen misleiding of bedrog, waaraan zy bij het koo- pen van gouden of zilveren werken kunnen blootstaan ; zoodat het ieder , buiten alle kosten , vrijstaat , om zich aan de benoemde kantoren te wenden tot het doen bezigtigen en onderzoeken van alle voorwerpen, omtrent welke de koopers mogtcn verlangen tot volkomene zekerheid tc geraken , ten aanzien van de deugdelijkheid van het allooi en van de geldigheid der stcmpelleckenen.

Men houdt in de Nederlanden boek , en rekent met guldens , die in 100 Centen verdeeld zijn.

Gouden munten zijn: de gouden penning = 10 gulden; de halve gouden penning =: 5 gulden ; de gouden rijder = 14 gul- den ; de halve gouden ryder = 7 guld. ; de dukaat = 5 gulden 25 centen.

Zilveren munten zijn : de gnlden =r 100 centen ; de halve gul- den = 50 centen ; de kwartgulden of het vijfje = 25 centen; do tiende gulden of het dubbeltje = 10 centen,- de twintigste gulden of stuiver = 5 centen; de zilveren rijder of ducaton = ƒ3,15; de driegulden = ƒ3,00; de zeeuwsche rijks- daalder of zceuw = ƒ2, 60 ; de halve zeeuwsche rijksdaal- der of zesentwintig = ƒ1,30; de kwart zeeuwsche rijksdaa- lder of het dertientje = C3 centen; de achtste zeeuwsche rijksdaalder, het pietje of zevendhalfjc 52£ cent; dehol- landscbc rijksdaalder of zilveren dukaat = ƒ2,50; de halve rijksdaalder of v ijf en tw intig = f 1,25 ; de k wart rij ksdaal- der of dertiendhaif = 62£ cent, dekroon; =^2; de daalder =r ƒ1,50; de goudgulden of acht en twintig = ƒ 1,40. Vroeger had men nog den schel ling = 30 centen en de zcsthalf = 27| cent, maar deze zijn later beide tot eene waarde van 23 centen verminderd.

De kopere munten zijn de cent en de halve cent. Voorheen was de koperen munt de duit, van welke er acht gelijk stonden aan ijf centen of êenen stuiver, maar deze munt is thans niet meer

U a^^l ^a*

Raad sk^ Misisteüs.

De Raad tan Ministers is zamengesteld uit den Vicc-Prcsi- dent van den Raad van State, de Ministers, die aan het hoofd van eenig departement van algemeen bestuur geplaatst zijn, en den Minister Secretaris van Staat; terwijl de Prins van Ohaiub ▼anregUwege zitting in dezen Raad heeft. Pc Voorzitter, zijnde de Vi- ce-Presidcnt van den Raad van State , en , bij diens afw ezigheid of ziekte , de oudst benoemde Minister , wijst eenen der Referendarissen van den Raad van State aan, om de functien van Secretaris waar te nemen. De werkzaamheden van dezen Raad beslaan in het voorloopig onderzoek van , en het gemeen overleg omtrent alle ontwerpen van wetten en alle zoodanige besluiten , reglementen en verordeningen van bestuur , welke de alge- meene administratie betreffen. De Raad vergadert gemeenlijk een- maal 's weeks, op den dag, dat de Koning zijne gewone audiëntie verleent, maar de Voorzitter doet den Raad zoo dikwijl* buitengewoon vergaderen , als den aard der w erkzaamheden zulks medebrengt. De beraadslagingen van de Raad leiden tot gcene beslissing by meerder- heid , maar de slotsom der overwegingen , zoowel van de meerderheid

40 ALGEMEEN OVKRZIGT.

als van do minderheid der leden , alsmede de vóór en te jen aange- voerde moliven , worden , door den Minister , wien het in overweging geweest zijnde sluk meer bepaaldelijk betreft, in lijnc voordragt , aan den koning bekend geniaaLl.

Er bestaan negen Departementen van Algemeen Bettuur